Nederland is droog. Kurkdroog. Wat zijn de gevolgen daarvan? Hoe worden die gevolgen aangepakt? En waar liggen de grenzen van ons kunnen? Binnenlands Bestuur bezoekt vijf waterschappen en bespreekt vijf gevolgen van de droogte.
Wennen aan de droogte: 'We hebben te hoge verwachtingen'
Hoe lang kan het waterschap nog aan de verwachtingen voldoen?
Door de droogte staat het waterpeil in de rivieren extreem laag. Dag en nacht zijn inspecteurs in Waterschap Rivierenland de weer om noodpompen en gemalen in de gaten te houden. ‘De droogte zorgt voor een unieke situatie en we kunnen de gevolgen moeilijk inschatten’, zegt een inspecteur Henny Vonk van waterschap Rivierenland. Als het waterpeil te veel zakt, gaat het mis met de pompen en gemalen en komen hele gebieden droog te staan.
Welke impact heeft de droogte op onze rivieren en de gebieden daar omheen? Om daar een goed beeld van te krijgen, reizen we in deel drie van deze serie over de extreme droogte en de waterschappen af naar, jawel, waterschap Rivierenland. ‘Dit waterschap heeft de meeste rivieren en meeste rivierdijken’, zegt woordvoerder Jelmer Krom.
'Dit waterschap heeft de meeste rivieren en meeste rivierdijken.'
Jelmer Krom - woordvoerder waterschap Rivierenland
Rivierenland heeft een noodpomp neergezet bij het H.A. van Beuningengemaal bij Tiel. Op die plek is de inspecteur in de weer. Hij houdt alles nauwlettend in de gaten. ‘Ook in de nacht en in het weekend’, zegt inspecteur Henny Vonk.
Het water moet naar binnen in plaats van naar buiten
Waarom is zo’n noodpomp nou nodig? ‘Veel van de gemalen komen uit de jaren vijftig of zestig. Die zijn puur gemaakt om water uit het gebied af te voeren. Kortom: water uit te laten’, legt Esther Groenenberg uit. Ze is heemraad, dagelijks bestuurder, van waterschap Rivierenland. ‘Met deze droogte moet het water juist het gebied ín’, zegt ze. ‘Door de extreem lage waterstand van de rivier gebeurt dat niet. En daar is de noodpomp voor nodig.’
Hiermee raakt Groenenberg meteen het grootste probleem van de droogte voor dit waterschap. Normaal zijn er veertien ‘inlaten’ waar het water uit de rivieren het gebied instroomt. Als de rivieren zo laag staan zoals nu, stroomt er minder of geen water het gebied in. Daarom zijn er op diverse plekken noodpompen aangezwengeld die de stroom weer op gang moeten brengen. Dat inlaten van water is namelijk noodzakelijk, zegt Groenenberg. ‘Het is belangrijk voor de landbouw, de industrie en de natuur. We hebben veel fruitteelt in de Betuwe en die gewassen zijn juist nu aan het groeien.’
Geen onttrekkingsverbod noodpompen
De noodpompen zorgen vooralsnog voor genoeg water en daarom is er geen onttrekkingsverbod ingesteld. Er mag dus nog oppervlaktewater gebruikt worden, bijvoorbeeld om te sproeien. En daar mogen de boeren en fruittelers het waterschap voor bedanken. ‘2018 en 2022 waren ook droge jaren’, zegt heemraad Groenenberg. ‘Toen overviel de hitte ons. We hebben heel veel maatregelen moeten nemen, zoals onttrekkingsverboden. Daar hebben we nu van geleerd. Daardoor zijn we beter voorbereid op de situatie.’
De droogte is nu extremer dan in een eerdere jaren. Desondanks zijn de gevolgen voor telers en voeren minder groot, zegt Groenenberg. ‘De situatie is ontzettend uniek, maar toch hebben we door goede voorbereiding het beter geregeld.’ De heemraad kijkt uit over het gemaal en de pomp. ‘Ik ben trots om te zien dat we dit als waterschap voor elkaar hebben gekregen’, zegt ze.
Niet alleen voor de boeren en telers is het belangrijk dat het waterschap rivierwater het gebied in pompt. ‘Als de sloten droogvallen, gaan de vissen dood. Ook komt er blauwalg als het waterpeil te laag is en het water te warm wordt.’ Genoeg water in het gebied is dus essentieel, zegt Groenenberg.
De sluimerende gevolgen van de droogte
Naast de gepaste trots voor de goede voorbereiding en de noodpompen, hangt de bestuurder zeker niet de vlag uit. ‘De gevolgen van de droogte zijn groot. Het duurt jaren voor de natuur echt goed hersteld is. Ook zorgt de droogte voor minder zichtbare schade, zoals verzakkingen en funderingsschade. Dat is niet terug te draaien.’
En ondanks dat het waterschap de boeren en telers zoveel mogelijk uit de brand helpt, is de droogte voor hen natuurlijk allesbehalve wenselijk.
De droogte zorgt ook voor andere problemen in dit gebied, vertelt woordvoerder Krom. ‘Pontjes zijn uitgevallen, woonboten liggen scheef, havens vallen droog. Daar gaat Rijkswaterstaat over, niet wij, maar toch. Het zijn nare gevolgen voor de mensen die hier wonen en de economie. En die gevolgen gaan we nu eenmaal vaker zien.’
Het hoge prijskaartje van de maatregelen
De maatregelen die het waterschap neemt, zijn belangrijk, maar kosten ook klauwen met geld. ‘Deze investeringen hadden we niet op de begroting staan. De pompen kosten natuurlijk geld, maar ook de mensen die de pompen moeten bedienen en de dijkinspecteurs die vaker moeten controleren, zegt Groenenberg.
De inspecteur van de pomp en het gemaal legt uit dat zo’n pomp niet zomaar neergezet wordt. ‘Er gaat veel voorbereiding aan vooraf. Wat hebben we precies nodig? Waar wordt de pomp neergezet? Wat zijn de eisen?’ Deze extreme droogte is uniek. ‘We zijn dit niet gewend, dus moeten constant in de gaten houden of het peil van de rivier hoog genoeg is zodat de pomp of het gemaal niet uitvalt’, zegt de inspecteur.
'Het is erg lastig inschatten hoe het gemaal precies reageert als er te weinig water is.'
Henny Vonk - inspecteur waterschap Rivierenland
Er gaat normaalgesproken veel automatisch. Op afstand kan van alles aan- en uitgezet worden. ‘Het is erg lastig inschatten hoe het gemaal precies reageert als er te weinig water is. Ik ben vannacht langs geweest en vanmorgen vroeg weer. Het is nu echt mensenwerk. We moeten gaandeweg ontdekken wat wel en niet kan’, legt inspecteur Vonk uit.
Maakbaarheid zit vooral in beter samenwerken
Waterschap Rivierenland zit zeker nog niet aan de maximale ‘maakbaarheid’, legt Groenenberg uit. ‘Het liefst zou het waterschap investeren in nieuwe gemalen, die niet gebouwd zijn op het uitlaten van water, maar ook water het gebied in kunnen laten.’ Ook kan het waterschap nog meer inzetten op het vasthouden van water, in plaats van het afvoeren ervan.
De oplossingen komen niet vanzelf, ziet Groenenberg. Het is noodzakelijk dat de samenwerking met gemeenten en de provincie beter wordt. ‘Wij kunnen allemaal plannen maken en verstandige ideeën poneren. Maar we hebben elkaar nodig. Wij besluiten niet over de ruimte, wij kunnen geen bestemmingsplan maken. Die maakbaarheid om beter met droogte én wateroverlast om te gaan, zit hem dus met name in de samenwerking. Daar kunnen we nog veel doen’, zegt Groenenberg.
Soms heeft het waterschap een ander belang dan een gemeente. ‘Gaan we een sloot verbreden of een schoolgebouw neerzetten? Dat kan voor een gemeente een lastige keuze zijn. Ik kan dan heel makkelijk zeggen: “de gemeente moet meer doen en meer naar ons luisteren”. Maar zij staan voor andere keuzes dan waar wij voor staan.’
Daarom is dat samenspel belangrijk. Groenenberg pleit er dan ook voor over gemeentegrenzen heen te kijken. ‘Elke gemeente wil bouwen, maar niet alle locaties zijn daar even geschikt voor. Bijvoorbeeld omdat de gebieden te laag liggen of water niet goed geborgen kan worden in een nieuwe woonwijk.’ Ze hoopt dan ook dat gemeenten niet alleen maar bezig zijn met vinkjes zetten, maar soms ook kunnen inzien dat een nieuwe woonwijk voor de lange termijn beter 1500 meter verderop gebouwd kan worden. Groenenberg: ‘Als we daar wat van zeggen, worden we soms gezien als de strenge leraar die met de liniaal zwaait. Maar we willen juist voorkomen dat er veel geld geïnvesteerd wordt in een bouwproject, waar de bewoners over tien jaar met de problemen zitten.’
De bestuurder ziet meer natuur niet per se als dé oplossing om water vast te houden, maar hoopt dus op een samenspel. Nieuwe woonwijken bouwen en daarin ook ruimte maken om water vast te houden of recreatiegebieden naast een woonwijk creëren waardoor mensen kunnen genieten en er een óók een waterbuffer is.
We brachten ook de droogteproblematiek bij andere waterschappen in beeld:
- Waterschap Vallei en Veluwe - De Veluwe is een uitgedroogde spons
- Waterschap Brabantse Delta - De maakbaarheid is voorbij: als het water op is, is het op
Te hoog verwachtingsniveau
‘Het gemiddelde verwachtingsniveau is gegroeid. Als we meer betalen, verwachten we ook meer. Maar de realiteit is weerbarstig: mensen moeten meer betalen en meer inleveren, om hetzelfde terug te krijgen’, zegt Groenenberg terwijl ze uitkijkt over het gemaal. ‘We hebben het altijd goed geregeld hier. Als er een probleem was, kwamen wij met een oplossing. Die tijd is helaas voorbij. We kunnen niet voor een dubbeltje op de eerste rij zitten.’
'We kunnen niet voor een dubbeltje op de eerste rij zitten.’
Esther Groenenberg - heemraad waterschap Rivierenland
‘Er is meer angst voor te veel water’, zegt communicatieadviseur Jelmer Krom. ‘Dat kennen we. Droogte is de andere kant van de medaille. Die kennen we nog niet zo heel goed. We moeten maatschappelijk behoorlijk wennen aan de droogtemaatregelen.’ Hij geeft daar een voorbeeld van. ‘Bij de Linge hebben we de zogenaamde Lingelandjes. Kleine stukjes uiterwaarde. Mensen zetten daar tuinsets neer en gaan lekker barbecueën in de droge zomers. Nu hebben we dat gebied gebruikt om water op te slaan. Die Lingelandjes zijn dus helemaal nat.’ In eerste instantie is daar weinig begrip voor en zijn mensen echt teleurgesteld, vertelt Krom. Als het waterschap uitlegt waarom de keuze is gemaakt, snappen de meeste inwoners het wel.
Er is dus van alles nodig om de weersextremen aan te kunnen in de toekomst: meer geld om te investeren in nieuwere gemalen, een betere samenwerking tussen overheden en begrip vanuit de inwoners. ‘We hebben al veel bereikt en ik ben ervan overtuigd dat we nog lang niet klaar zijn’, zegt de heemraad. ‘Dat vraagt niet alleen iets van ons als waterschap, maar ook van de samenleving.’
Reacties: 2
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.
Waterschappen moeten hun werk beter gaan doen: tijdig opslaan en herverdelen door de bestaande infrastructuur beter te benutten. Ze voeren in natte perioden nog steeds te veel water af en grijpen pas in als de droogte al is begonnen. Dan is het te laat.
Sluizen ‘staan wagenwijd open’ tijdens extreme droogte: ‘Elke druppel gaat van de rivieren naar zee, het is schokkend’
https://www.ninefornews.nl/sluizen-staan-wagenwijd-open-tijdens-extreme-droogte-elke-druppel-gaat-van-de-rivieren-naar-zee-het-is-schokkend/
In 1949 lag de Rijn zo droog dat schepen op de stenige bedding zaten – en niemand riep de klimaatcatastrofe uit.
https://x.com/gewoonmerels/status/2084198629162590464/video/1
Lage waterafvoer Rijn extreem?
https://clintel.nl/lage-waterafvoer-rijn-extreem/
En de 9.680 dammen die op last van de EU afgebroken zijn zullen ook wel niets met de droogte te maken hebben.
damremoval.eu
Als we eens gewoon de sluizen naar de zee dichttrekken want die staan vol open. Dat water stroomt weg met een hoeveelheid waar je u tegen zegt. Dit is een gemaakte crisis.
edit
ik zie dat ik niet de enige ben die dat zegt ik laat hem wel staan want dit is een belangrijk onderdeel van de "crisis".