Hoe voorkom je dan dat politici zich nog meer vervlechten met hun raadswerk? Gemeenteraden doen er goed aan hun werk door te lichten op ‘gendersensitiviteit’, schrijft onderzoeker Zahra Runderkamp.
Essay: Lidmaatschap gemeenteraad niet toegankelijk genoeg
De combinatie van betaald werk, politiek werk en zorgtaken maakt het raadslidmaatschap niet voor iedereen even toegankelijk.
Raadsleden zijn parttime politici. Als ‘lekenbestuur’ combineren zij hun politieke werk met andere activiteiten, zoals betaald werk. Hoe vergaat het raadsleden die hun politieke werk ook nog met zorgtaken combineren? Juist de combinatie van betaald werk, politiek werk en zorgtaken maakt het ambt niet voor iedereen even toegankelijk. Wie wil begrijpen wie mee kan doen aan onze lokale democratie, moet vooral buiten de raadszaal kijken.
Dat werd mij steeds duidelijker toen ik voor Stichting Stem op een Vrouw en Alliantie Politica de afgelopen maanden huidige en oud-gemeenteraadsleden interviewde voor het onderzoek Vervlochten levens. We weten dat raadsleden gemiddeld twintig uur besteden aan het raadswerk. Maar we weten ook dat vrouwen politiek nog altijd ondervertegenwoordigd zijn én gemiddeld genomen ook meer zorgtaken binnenshuis op zich nemen. Reden om eens goed in de combinatie politiek met zorgtaken te duiken, ook, of juist, als vraagstuk van diversiteit en inclusie.
Greedy institutions
In het uiteindelijke rapport gebaseerd op deze interviews heb ik vooral de zogenaamde greedy institutions centraal gezet. In de jaren zeventig introduceerde socioloog Lewis Coser dit begrip, letterlijk ‘gulzige’ of ‘hebberige’ instituties. Daarmee doelde hij op organisaties en rollen die een grote mate van onverdeelde toewijding vragen. Ze vragen niet alleen veel tijd, maar ook loyaliteit, beschikbaarheid en emotionele betrokkenheid. Juist omdat deze instituties zoveel van mensen vragen, concurreren ze met andere belangrijke rollen in het leven, zoals vriendschappen of vrije tijd. Het gaat bij ‘greedy institutions’ niet alleen om het aantal uren dat iemand ergens aan besteedt, maar ook om de verwachting dat die persoon altijd bereikbaar, betrokken en inzetbaar is.
De politiek past perfect in dat plaatje. Het raadslidmaatschap is daarbij een bijzondere casus, omdat het door het parttime karakter per definitie een combinatieopdracht is. De hoge mate van gulzigheid van het raadswerk ontstaat voor een deel omdat politiek werk geen duidelijke bovengrens kent. Een vergadering heeft een begin- en eindtijd (hoewel, hier valt nog wel wat te leren voor veel vergaderingen...), maar volksvertegenwoordiger zijn heeft dat niet. Je kunt altijd nóg een dossier lezen, nóg een inwoner spreken, nóg een werkbezoek afleggen. En dan is er nog de ‘stukkenstroom’, én de appgroepen, telefoontjes en informele overleggen, waarin het politieke werk tussen de meer formele momenten door continu verdergaat. De politiek vraagt veel, het beeld van die gulzigheid kwam steeds terug in mijn interviews. Geïnterviewden spraken over ‘rennen en vliegen’, ‘schipperen’, en zelfs ‘roofbouw’. Raadsleden omschreven het ambt als ‘24/7’, een ander nuanceerde dat lachend (als een boer met kiespijn) tot ‘18/7’.
Chille werkgever
Maar wie houdt de gemeenteraad eigenlijk draaiende? Achter elk raadslid staat eigenlijk altijd een heel netwerk klaar dat het mogelijk maakt om het politieke werk te combineren met zorgtaken. In het bijzonder gaat het dan om de partners van gemeenteraadsleden. Zij zijn bijvoorbeeld thuis als er ‘s avonds wordt vergaderd en passen op de kinderen.
Veel raadsleden hebben ook werkgevers. Zij blijken een belangrijke, maar voor mij eerder minder zichtbare pijler onder de lokale democratie die juist ook de combinatie met zorgtaken mogelijk maakt. Een ‘chille werkgever’, zoals een geïnterviewde het noemde, maakt het mogelijk om overdag een politiek telefoontje te beantwoorden, met uren te schuiven, of op andere momenten werk in te halen. Zorgtaken kunnen dan daarbuiten nog plaatsvinden. Zo was er ook een alleenstaande moeder die haar flexibele werkgever aanwees als de belangrijkste factor die haar raadslidmaatschap mogelijk maakte. En veelgehoord als het op zorgtaken aankomt, was dat werkgevers bijspringen om uitgebreid ouderschaps(vaderschaps)verlof op te kunnen nemen, wat in de politiek helemaal niet mogelijk is.
Oké, mooi dat dat kan, maar dat brengt ons wel weer bij het volgende probleem: niet ieder beroep biedt die mogelijkheden. Als een flexibele baan de combinatie makkelijker maakt, hoe vergaat het dan de raadsleden zonder flexibele baan? Een geïnterviewde die in de zorg werkt legt uit dat hij tijdens een dienst niet naar buiten kan lopen om politieke telefoontjes te plegen. Een van 9-tot-5-baan waarin iemand thuis kan werken, of de eigen agenda kan indelen, biedt simpelweg andere mogelijkheden.
De gulzigheid van de politiek probeert namelijk allerlei andere delen van het leven stukje bij beetje over te nemen, en sommige banen zijn daar beter tegen bestand dan andere. Samen met de flexibiliteit (vooral in termen van tijd) koopt ook geld uiteindelijk tijd. Sommige geïnterviewden wezen erop dat wie financiële ruimte heeft om een dag minder te werken, een hoger uurloon heeft of kan terugvallen op het inkomen van een partner, gemakkelijker tijd kan vrijmaken.
Dit is het eerste deel van het essay van Zahra Runderkamp. De rest van het essay kan je lezen in de gloednieuwe editie van Binnenlands Bestuur.
Zahra Runderkamp is onderzoeker op het gebied van diversiteit en inclusie in de politiek.
Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.