Overslaan en naar de inhoud gaan

Essay: de onzichtbare kracht van verbeelding

De Overijsselse Vecht meandert weer. Dat is het gevolg van verbeelding, schrijven Quirine Ganzeboom, Georgina Kuipers en Bart Visser

De Overijsselse Vecht, met bootjes en een molen
De Overijsselse Vecht - Manon Bruininga/ANP

Aan de slag! Al in de titel van het coalitieakkoord van het kabinet-Jetten weerklinkt de wens voor daadkracht: schouders eronder en ‘bouwen aan een beter Nederland’. Zeker in het ruimtelijk domein staan bestuurders voor grote opgaven rond wonen, natuur, water, energie en bereikbaarheid, terwijl de ruimte schaars is en belangen botsen. Ook de Ontwerp-Nota Ruimte uit 2025 onderstreept dat er keuzes gemaakt moeten worden. De verdeling van ruimte kan leiden tot weerstand en conflict; soms in zulke mate dat projecten of besluiten worden aangepast, uitgesteld of stopgezet. Deze zoektocht naar beheersbaarheid leidt gemakkelijk tot een benadering van binnen naar buiten werken: vanuit de opgave, het beleid en de organisatie naar het gebied. Wat daarbij onderbelicht kan blijven, is het belang van een gedeeld perspectief dat betekenis geeft aan de verandering. Een verhaal waarin de samenleving – de bewoners, ondernemers en maatschappelijke partners – zich herkent en waaraan zij zich kan verbinden.

Praktijkvoorbeeld

In het onderzoek Verbeelding Verbindt onderzochten wij een praktijkvoorbeeld waar dit wél lukte: Ruimte voor de Vecht. Het onderzoek sluit aan bij de opkomende traditie van de positieve bestuurskunde, die zich richt op de vraag welke lessen geleerd kunnen worden van initiatieven die in de praktijk aantoonbaar goed functioneren. Het Overijsselse programma is géén onderdeel van het welbekende Ruimte voor de Rivier, maar zet zich eveneens in voor de waterveiligheid van het gebied. Rondom de Vecht betekent dat onder meer een natuurlijker systeem met ontsteende oevers overstroombare gebieden en een rivier die opnieuw meandert. Kortom: meer ruimte voor de rivier. Daarmee grijpt de opgave direct in op de leefomgeving van bewoners, de bedrijfsvoering van ondernemers en het gebruik van het landschap. En dat doet ook pijn. Toch is het gelukt om, ondanks de uiteenlopende belangen, een gedeeld beeld over het Vechtdal te vormen waarin overheden, bewoners en ondernemers zich in kunnen vinden.

Iets gezamenlijks

Het verbeteren van de waterveiligheid rondom de Vecht is in principe een waterveiligheidsopgave, maar de ingrepen in en rondom de rivier veranderen het gebied drastisch. Dat heeft grote gevolgen voor de partijen in het gebied. Het programma streeft ernaar meer te zijn dan slechts een optelsom van de onderliggende deelbelangen in het gebied. Dat vraagt verbeeldingskracht: de verbeelding van iets gezamenlijks. Het programma wil aansluiten bij de samenleving en van buiten naar binnen werken. Dit is een manier van sturing waarbij de overheid aansluit bij het potentieel en de organisatiekracht van de samenleving. Zo kunnen maatschappelijke partners en bedrijven eigen ambities en belangen toevoegen aan het geheel.

De partijen rondom Ruimte voor de Vecht stellen gezamenlijk een toekomstvisie op. Met als resultaat een gedragen idee, verhaal en beeld over het ‘nieuwe’ gebied. De rivier wordt ‘drager’ van de nieuwe toekomst en zo luidt de nieuwe naam van het gebied: het Vechtdal. Hierdoor ontstaat bridging: samenwerking over grenzen heen wordt vergemakkelijkt door een verbindende factor. De partijen vinden elkaar in het beeld van een beter en ‘beleefbaar’ Vechtdal. Met daarin voor ieder wat wils: waterveiligheid, waterkwaliteit, duurzame landbouw en beleefbaarheid. Dit proces van betekenisgeving creëert een gezamenlijk doel waar de verschillende partijen zich in (moeten) kunnen vinden: dáár streven we met z’n allen naar. Hiermee wordt mogelijke weerstand geïncorporeerd. De betrokken organisaties hoeven het niet over alles eens te zijn, maar zitten wél aan tafel en kunnen dus meepraten.

Het belangrijkste overheidsnieuws van de dag

Schrijf je in voor de Binnenlands Bestuur nieuwsbrief

Symboliek

Wat is dan dat toekomstbeeld? Steeds vormt de rivier de Vecht het verbindende element, passend bij bestaande kenmerken én historische verhalen van het gebied en de omliggende dorpen. Die ruimtelijke identiteit gaat niet alleen over ‘bloed of bodem’, maar in grote mate om hoe men zich gezamenlijk verbeeldt. Inmiddels noemt meer dan de helft van de inwoners zich ‘Vechtdaller’. Bijdragen aan het gemeenschappelijke is daarmee ook een inzet voor de eigen identiteit en belangen. En dus, natúúrlijk zet je je in voor het programma van Ruimte voor de Vecht, want dat draagt bij aan ons gebied. Collectieve verbeelding kan dus weerstand wegnemen, maar is geen vrijbrief.

Ruimte voor de Vecht laat zien dat aandacht voor verbeelding leidt tot grote uitvoeringskracht. Waar de Vecht aan het begin het slechte imago had van een weg­gestopte ‘stinkrivier’, wappert er inmiddels een Vechtdalvlag. Bijzonder is de wijze waarop de ruimtelijke identiteit van het gebied is verbonden aan een verhaal dat voortdurend wordt verbeeld: via marketing, fysieke punten die de cultuurhistorie zichtbaar maken, en de aandacht voor kunst en gedichten over het gebied.

Uitvoeringskracht

Steeds meer vraagstukken strijden om hetzelfde stukje Nederland. Zonder gedeelde betekenisgeving kunnen keuzes worden ervaren als een opgelegde keuze van buitenaf, wat leidt tot weerstand bij partijen die proberen te beschermen wat zij vrezen te verliezen. Het helpt daarom een wenkend perspectief te creëren waardoor mensen ook denken: let’s take one for the team. Bijdragen ook als het iets kost.

Het belangrijkste overheidsnieuws van de dag

Schrijf je in voor de Binnenlands Bestuur nieuwsbrief

We formuleren daarom drie lessen uit ons onderzoek over het positief inzetten op verbeeldingskracht. Ten eerste: investeer eerst in een gedeeld verhaal dat past bij het gebied, en pas daarna in opgaven en maatregelen. Ten tweede: organiseer voldoende ruimte voor verschillende belangen binnen een gezamenlijk perspectief. En ten derde: geef de collectieve identiteit zichtbaar vorm via symbolen, artefacten en verhalen.

Zonder verbeelding blijven ruimtelijke keuzes vooral een verdelingsvraagstuk. Met zichtbare verbeelding worden het plannen vóór én mét het gebied.

Lees het volledige artikel in Binnenlands Bestuur nummer 15. Deze editie verscheen woensdag 2 september 2026

Quirine Ganzeboom is onderzoeker bij de NSOB, Georgina Kuipers is co-decaan en senior onderzoeker bij de NSOB, Bart Visser is werkzaam bij de provincie Overijssel als programmamanager van het programma Ruimte voor de Vecht.

Stakeholderparticipatie

Stakeholderparticipatie

Ruimtelijke opgaven raken direct aan de belangen van bewoners, ondernemers en maatschappelijke partners — en zonder een professioneel ingericht participatieproces eindigt dat al snel in weerstand, vertraging of politieke impasses. Leer hoe je stakeholders strategisch in kaart brengt, een gedeeld perspectief opbouwt en participatie zo organiseert dat het leidt tot draagvlak én uitvoeringskracht in jouw gebied.

schrijf u vandaag nog in

Plaats als eerste een reactie

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.

Melden als ongepast

Door u gemelde berichten worden door ons verwijderd indien ze niet voldoen aan onze gebruiksvoorwaarden.

Schrijvers van gemelde berichten zien niet wie de melding heeft gedaan.

Bevestig jouw e-mailadres

We hebben de bevestigingsmail naar %email% gestuurd.

Geen bevestigingsmail ontvangen? Controleer je spam folder. Niet in de spam, klik dan hier om een account aan te maken.

Er is iets mis gegaan

Helaas konden we op dit moment geen account voor je aanmaken. Probeer het later nog eens.

Maak een gratis account aan en geniet van alle voordelen:

Heeft u al een account? Log in

Maak een gratis account aan en geniet van alle voordelen:

Heeft u al een account? Log in