Overslaan en naar de inhoud gaan

Trek niet zomaar een cirkel van 200 meter

Het ingewikkelde systeem kijkt vooral naar wat er kán gebeuren als het misgaat, en veel minder naar de kans dát het misgaat.

Driekwart van de grote woningbouwlocaties ligt in de buurt van een route waarover gevaarlijke stoffen mogen worden vervoerd. Dat blijkt uit een scan van onderzoeksbureau Rebel, uitgevoerd in opdracht van de ministeries van Infrastructuur en Waterstaat en van Binnenlandse Zaken. Van de 21 nationale woningbouwgebieden overlappen ze allemaal met zo'n corridor, van de 123 regionale locaties zijn dat er 86. Denk aan de spoorzones in Roosendaal, Bergen op Zoom, Zwolle, Nijmegen en Venlo. Binnenlands Bestuur berichtte er onlangs over.

Dat klinkt alarmerend. Totdat je leest dat de risico's op die locaties meestal ‘laag tot zeer laag’ zijn. Daarin schuilt een mega knelpunt in het beleid voor omgevingsveiligheid én de juridische uitwerking.

De Omgevingswet werkt langs het aangewezen ‘Basisnet voor het vervoer van gevaarlijke stoffen’ met ‘aandachtsgebieden’: zones langs spoor, weg en water waarbinnen rekening moet worden gehouden met de mogelijke gevolgen van brand, explosie of een gifwolk. Voor explosies kan zo’n zone oplopen tot 200 meter. Valt een bouwlocatie binnen zo'n zone, dan geldt bovendien een ‘voorschriftengebied’: een apart instrument dat gemeenten verplicht om bouwkundige eisen te stellen aan nieuwe gebouwen.

Als het misgaat

Dat klinkt verstandig: veiligheid op één. Maar het ingewikkelde systeem kijkt vooral naar wat er kán gebeuren als het misgaat, en veel minder naar de kans dát het misgaat. Terwijl risico nu eenmaal per definitie bestaat uit twee componenten: kans maal effect.

Het belangrijkste overheidsnieuws van de dag

Schrijf je in voor de Binnenlands Bestuur nieuwsbrief

De onvolledige, eenzijdige benadering levert vreemde situaties op. Een spoorlijn waarover nauwelijks gevaarlijke stoffen worden vervoerd, kan hetzelfde aandachtsgebied hebben als een drukke goederenroute. En als maatregelen worden genomen waardoor de kans op een ongeval aanzienlijk kleiner wordt, kun je die winst niet volwaardig meenemen in de lokale ruimtelijke afweging. De denkbare explosie blijft immers even groot. Het is veiligheidsbeleid met één oog dicht.

Dat gemeenten daar iets mee moeten, blijkt ook uit het onderzoek van Rebel: ze eisen blinde gevels langs de gevaarlijke routes, zetten hoogbouw in als afscherming, weren kwetsbare functies zoals kinderopvang binnen een bepaalde afstand en vermijden doodlopende wegen in het aandachtsgebied. Allemaal verstandige maatregelen. Maar het zijn stuk voor stuk ingrepen aan het gebouw en de wijk, dus aan het eínde van de keten. En ze kosten geld: de onderzoekers wijzen er zelf op dat veiliger bouwen tot hogere kosten leidt.

Dezelfde lijn

De adviesgroep STOER, die het kabinet vorig jaar adviseerde over de knelpunten tussen verstedelijking en vervoer van gevaarlijke stoffen, heeft dit probleem helder op tafel gelegd. De VNG zit op dit dossier goed in de wedstrijd en volgt dezelfde lijn.

Het belangrijkste overheidsnieuws van de dag

Schrijf je in voor de Binnenlands Bestuur nieuwsbrief

STOER adviseert om de verplichte voorschriftengebieden te schrappen waar de risico's verwaarloosbaar klein zijn. Gemeenten moeten bovendien een echte risicobeoordeling kunnen gebruiken om gemotiveerd af te wijken. En maatregelen die de kans op een ongeval verkleinen, moeten kunnen meetellen als gelijkwaardige veiligheidsmaatregel.

Dat laatste verdient veel meer aandacht. Waarom beginnen we aan het eind van de keten, met extra brandwerendheid en blinde gevels, in plaats van eerst te kijken of de kans op een ongeval kan worden verkleind? Kijk naar de routering van gevaarlijke stoffen, naar maatregelen aan de bron en in de omgeving, en bij concrete gebiedsontwikkelingen naar de positionering van gebouwen. Zulke maatregelen zijn vaak effectiever dan automatisch extra bouwkundige eisen opleggen. En ze komen niet alleen ten goede aan de bewoners van de nieuwbouw, maar ook aan de mensen die al jaren langs zo'n route wonen.

Effect sorteren

De vraag is welke veiligheidsmaatregelen het meeste effect sorteren tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten. Daarvoor moet je niet alleen naar het mogelijke effect van een calamiteit kijken, maar ook naar de kans dat die zich voordoet.

Daarnaast verdient het aanbeveling om de relatie tussen vervoer van gevaarlijke stoffen, omgevingsveiligheid en verstedelijking toekomstgericht in ogenschouw te nemen. De Nota Ruimte is daarvoor het geëigende kader. Bepaal waar vervoer van gevaarlijke stoffen op lange termijn moet plaatsvinden en geef gemeenten ruimte voor een nuchtere, locatiegerichte risicoafweging.

Nederland wil honderdduizenden woningen bouwen, veelal in bestaand stedelijk gebied en rond stations en spoorzones. Een systeem dat zegt “hier zou theoretisch een explosie kunnen plaatsvinden, dus trek een cirkel van 200 meter en pas vervolgens de gebouwen aan”, past daar helemaal niet bij. Het is een veel te bot, eenzijdig sectoraal instrument.

Plaats als eerste een reactie

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.

Melden als ongepast

Door u gemelde berichten worden door ons verwijderd indien ze niet voldoen aan onze gebruiksvoorwaarden.

Schrijvers van gemelde berichten zien niet wie de melding heeft gedaan.

Bevestig jouw e-mailadres

We hebben de bevestigingsmail naar %email% gestuurd.

Geen bevestigingsmail ontvangen? Controleer je spam folder. Niet in de spam, klik dan hier om een account aan te maken.

Er is iets mis gegaan

Helaas konden we op dit moment geen account voor je aanmaken. Probeer het later nog eens.

Maak een gratis account aan en geniet van alle voordelen:

Heeft u al een account? Log in

Maak een gratis account aan en geniet van alle voordelen:

Heeft u al een account? Log in