De aanbevelingsalgoritmen van Instagram, Facebook, X, YouTube en TikTok zijn een cadeautje voor kwaadwillenden: hoe meer ‘engagement’ een bericht oproept, hoe meer mensen het te zien krijgen. Het is eenvoudig om specifieke inhoud te versterken en daarmee gebruikers te misleiden, tonen onderzoekers van het Rathenau Instituut aan. De maatregelen om inmenging aan te pakken, werken niet goed genoeg.
Sociale media maken inmenging verkiezingen eenvoudig
Het Rathenau Instituut onderzocht hoe kwaadwillenden de aanbevelingsalgoritmes van sociale mediaplatformen kunnen bespelen.
Risico op inmenging verminderen
Scrollend naar de stembus heet het woensdag verschenen rapport, dat het Rathenau Instituut publiceert op verzoek van de vaste Tweede Kamercommissie voor Digitale Zaken. De commissie wilde weten welke rol de aanbevelingsalgoritmen van grote sociale mediaplatformen kunnen spelen bij inmenging in verkiezingen. Het instituut legt de focus op aanbevelingen aan de politiek en beleidsmakers om het risico op inmenging te verminderen.
Eerst wat definities van de onderzoekers. Inmenging is beïnvloeding door of namens een buitenlandse statelijke actor die strijdig is met de soevereiniteit, waarden of belangen van het beïnvloede land. De handelingen zijn dwingend, heimelijk, misleidend of corrumperend. In het geval van inmenging via sociale mediaplatformen gaat het om het beïnvloeden van de publieke opinie of verkiezingen door te zorgen dat bepaalde inhoud door meer of juist minder gebruikers wordt gezien. Inmenging kan mensen tegen elkaar opzetten, de stemuitslag beïnvloeden en twijfel zaaien over het democratisch proces.
Divers instrumentarium
Hoe pak je dat dat aan, als statelijke actor? Het instrumentarium is groot en divers, schrijven de onderzoekers. Je kunt je als buitenlandse actor voordoen als een Nederlander en rechtmatige inhoud verspreiden, bijvoorbeeld een artikel van Binnenlands Bestuur over een politiek gevoelig onderwerp.
Je kunt borderline-inhoud verspreiden, inhoud die grenst aan wat niet is toegestaan op sociale mediaplatformen, bijvoorbeeld mis- en desinformatie. Je kunt je bijvoorbeeld voordoen als Binnenlands Bestuur door een kloonwebsite te maken met een webadres dat sterk op de titel lijkt, zoals Binnnelandsbestuur.nl, en vervolgens met sociale media-accounts berichten van de kloonwebsite verspreiden.
Met gerichte haatcampagnes kunnen kwaadwillenden een bepaald narratief over een (kandidaat)politicus in de wereld helpen.
Je kunt ook onrechtmatige inhoud verspreiden, zoals gerichte haatcampagnes om een bepaald narratief over een (kandidaat)politicus in de wereld helpen. Een lastercampagne met nepaccounts vanuit De Verenigde Arabische Emiraten in 2023 was bijvoorbeeld onder meer gericht op voormalig GroenLinks-Kamerlid Kauthar Bouchallikht en de Arnhemse burgemeester Ahmed Marcouch.
Technieken
Er zijn allerlei technieken om te zorgen dat de boodschap zo veel mogelijk mensen wordt bereikt. Nepaccounts inzetten bijvoorbeeld, of gecoördineerd posten: samenwerken om specifieke inhoud op een afgesproken moment te verspreiden. Bots gebruiken, zodat je accounts lekker hyperactief te werk gaan. Livestreamen, omdat het contentmoderatie bemoeilijkt. Influencers betalen om een boodschap te verspreiden werkt ook goed, lieten de presidentsverkiezingen in Roemenië zien. Veel influencers op TikTok vroegen hun volgers om een beschrijving te geven van een ideale presidentskandidaat, terwijl kwaliteiten van kandidaat Georgescu werden genoemd. De influencers bleken te worden betaald voor deze opdracht.
Influencers betalen om een boodschap te verspreiden werkt ook goed.
Wat kan de overheid doen?
De overheid staat gelukkig niet helemaal machteloos tegen dit soort wangedrag. Europese wetten zoals de digitaledienstenverordening (DSA) en de gedragscode tegen desinformatie, de algemene verordening gegevensbescherming (AVG) en de AI-verordening (AI Act) verplichten techbedrijven om in de gaten te houden wat zich op hun platform afspeelt en zo nodig in te grijpen. Experts signaleren echter dat juist eenvoudige maatregelen, zoals het verwijderen van nepaccounts, niet door de platformen worden genomen. De onderzoekers wijzen er ook op dat de voorstellen in de Digitale Omnibus waar de Europese Commissie onlangs mee kwam een versoepeling van sommige regels inhoudt, wat manipulerende partijen nog meer ruimte geeft voor inmenging.
Het rapport beschrijft drie soorten handelingsperspectieven voor de overheid, die bij voorkeur in combinatie worden toegepast: (1) platformontwerp veranderen, (2) informatiepositie versterken, (3) weerbaarheid vergroten.
Sociale mediaplatformen zouden hun eigen aanbevelingsalgoritmen kunnen aanpassen om ze minder geschikt te maken voor inmengingsactiviteiten. Veel grote platformen rangschikken de inhoud op basis van het verwachte engagement, dus hoeveel likes en reacties een bericht krijgt en hoeveel tijd gebruikers er naar verwachting aan besteden. Hoe meer engagement, hoe meer de platformen verdienen aan advertentie-inkomsten. Uit zichzelf zullen ze dus niet zo snel van platformontwerp wisselen, maar de overheid kan ze wel stimuleren om aanpassingen te doen, of ze er op z’n minst op bevragen. De overheid kan ook alternatieve online omgevingen stimuleren.
Volgens de DSA moeten platformen hun inhoud toegankelijk maken voor toezichthouders en onafhankelijke onderzoekers.
Volgens de DSA moeten platformen hun inhoud toegankelijk maken voor toezichthouders en onafhankelijke onderzoekers. Dat gebeurt volgens experts nog niet genoeg. Het rapport doet een aantal voorstellen om de informatiepositie van overheid, toezichthouders en onderzoekers te versterken. De overheid heeft al een verkiezingsflaggerstatus voor het melden van inhoud die de verkiezingen zouden kunnen schaden, maar dat doet de overheid alleen op basis van meldingen van derden en dan nog heel terughoudend. Eigen onderzoek, of onderzoek door een onafhankelijk orgaan, zou een manier kunnen zijn om inmenging te signaleren. Nu nemen vooral wetenschappers en ngo’s deze taak op zich.
Een derde weg is om de weerbaarheid van de samenleving te vergroten, door verkiezingsprocedures te versterken, de huidige wetgeving te versterken en verhelderen, te investeren in onafhankelijke journalistiek en een pluriform medialandschap en te investeren in technologisch burgerschap en mediawijsheid.

Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.