De gemiddelde afstand tot een basisschool is in Nederland niet heel groot, maar achter dat gemiddelde gaan flinke regionale verschillen schuil. Vooral voor voortgezet onderwijs kan de afstand in dunbevolkte gemeenten stevig oplopen. Zeeland kent gemiddeld de grootste afstanden tot zowel vmbo als havo/vwo, blijkt uit nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).
School om de hoek is niet in iedere gemeente vanzelfsprekend
Vooral in Zeeland Drenthe en Fryslân moeten leerlingen relatief ver reizen, vooral naar het voortgezet onderwijs.
Basisschool meestal dichtbij
Nederlandse scholieren moeten gemiddeld 0,8 kilometer afleggen om bij de dichtstbijzijnde basisschool te komen. Vanaf een gemiddeld woonhuis zijn er 1,6 basisscholen binnen een kilometer bereikbaar, en 22 basisscholen binnen vijf kilometer.
Maar de verschillen tussen gemeenten zijn groot. Op Schiermonnikoog en Urk en in Haarlem en Alblasserdam is de gemiddelde afstand tot een basisschool slechts een halve kilometer. In gemeenten als Zeewolde, Baarle-Nassau en Westerveld ligt de dichtstbijzijnde basisschool gemiddeld op een afstand van 1,6 kilometer.
Ook tussen provincies bestaan verschillen. In Utrecht, Noord-Holland, Zuid-Holland en Noord-Brabant is de afstand met gemiddeld 0,7 kilometer het kleinst. Drenthe scoort met gemiddeld 1 kilometer het hoogst. Het CBS constateert eveneens dat Drentse kinderen relatief ver moeten reizen naar hun basisschool.
Het aanbod verschilt nog sterker. Op Schiermonnikoog en Vlieland is gemiddeld slechts één basisschool binnen vijf kilometer bereikbaar. Den Haag heeft met gemiddeld 77,5 basisscholen binnen die afstand verreweg het grootste aanbod, gevolgd door Rijswijk (67,8) en Amsterdam (53,7).
Zeeland uitschieter bij vmbo
Voor voortgezet onderwijs zijn de afstanden een stuk groter. De dichtstbijzijnde school voor voortgezet onderwijs ligt gemiddeld op 2,5 kilometer. Voor het vmbo is dat 2,6 kilometer en voor havo/vwo 3,4 kilometer. Bij het vmbo heeft Schiermonnikoog de kleinste gemiddelde afstand: 0,5 kilometer. Daarna volgen Vlieland met 0,8 kilometer en Urk en Laren met 0,9 kilometer. Noord-Beveland vormt de andere uiterste: leerlingen moeten daar gemiddeld 14,1 kilometer afleggen naar de dichtstbijzijnde vmbo-school. In Bergen in Noord-Holland en Vaals is dat 10,7 kilometer.
Op provinciaal niveau is de afstand tot een vmbo-school het kleinst in Noord- en Zuid-Holland, beide gemiddeld 2 kilometer. Zeeland heeft met 5,3 kilometer de grootste afstand, gevolgd door Drenthe met 4,2 kilometer en Fryslân met 3,7 kilometer.
Havo en vwo nog verder weg
Voor havo en vwo zijn de verschillen nog groter. Papendrecht heeft met gemiddeld 1,1 kilometer de kortste afstand. In Haarlem, Hilversum, Huizen en Oegstgeest is dat 1,2 kilometer.
Van de gemeenten waar havo/vwo beschikbaar is, moeten leerlingen in Baarle-Nassau volgens het CBS met gemiddeld 16,4 kilometer het verst reizen naar een Nederlandse school. Tholen volgt met 15,4 kilometer en Reimerswaal met 14,5 kilometer. Op Vlieland, Schiermonnikoog, Ameland en Terschelling is geen onderwijs op havo- en vwo-niveau beschikbaar.
Ook provinciaal springt Zeeland eruit: de gemiddelde afstand tot havo/vwo bedraagt er 6,6 kilometer. Drenthe volgt met 6,3 kilometer en Fryslân met 6,2 kilometer. Noord- en Zuid-Holland hebben met 2,5 kilometer de kleinste gemiddelde afstand.
Reacties: 1
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.
Scholen worden gefinancierd met geld van de Overheid en behoren efficiënt te worden gerund. De lokatie speelt daarin een belangrijke rol.