Het is niet mogelijk om met één reuzensprong aan de stikstofcrisis te ontsnappen. Overheden hebben meer dan één Houdini-act nodig om zich aan de ecologische en juridische knoop te ontworstelen. Dat moest de Utrechtse gedeputeerde Gijs de Kruif met zoveel woorden toegeven toen hij woensdag het nieuwe Utrechts Programma Landelijk Gebied (UPLG) aan de provinciale staten presenteerde en aanwees wat de verschillen zijn met de eerdere ontwerpversie, waarop minstens 1700 zienswijzen zijn ingediend door vooral agrariërs.
Utrechts stikstofplan wil het anders dan Van Essen
Het provinciebestuur van Utrecht heeft het Utrechts Programma Landelijk Gebied (UPLG) vastgesteld. Met belangrijke stikstofmaatregelen.
Wel erg stellig
‘We hebben gemeend dat er eerder wel erg stellig in stond: “Utrecht van het slot”, verklaarde de CDA-bestuurder, die in een college zit met VVD, PvdA, GroenLinks en D66. ‘Dat schept verwachtingen. Daarom hebben we dat gewijzigd in: “De eerste stappen om Utrecht van het slot te krijgen.”
Want ook de emissieplafonds en stikstofzones die het UPLG aan de Utrechtse agrariërs gaat opleggen, zullen de vergunningverlening in de provincie niet makkelijk lostrekken. Al wil de provincie vanaf begin volgend jaar wel gaan werken aan de eerste nieuwe vergunningverlening op basis van de ingrepen in het landelijk gebied die het provinciebestuur in het UPLG voorstelt.
Nee, toch niet
Wie twijfelt of er juridische voetangels blijven, kan het advies van landsadvocaat Pels Rijcken lezen dat het Utrechtse provinciebestuur had aangevraagd en dinsdag als bijlage bij het UPLG heeft gevoegd. Is met het UPLG op zak vergunningverlening weer volledig mogelijk? Nee, toch niet. Per stikstofgevoelig natuurgebied zal onderzocht moeten worden of het toestaan van nieuwe stikstofuitstoot ‘ecologisch kan worden onderbouwd’. Kan de provincie vanaf nu dan wel handhavingsverzoeken van een milieuorganisatie als MOB, gericht op bijvoorbeeld PAS-melders, afwijzen? Nee, toch niet. ‘Voor handhavingsverzoeken geldt in algemene zin dat er voor het bevoegd gezag bij de constatering van een overtreding geen ruimte is om van handhaving af te zien, ook niet als het maatregelenpakket voor de Natura 2000-gebieden op orde is (de beginselplicht tot handhaving)’, zo schrijft Pels Rijcken.
Optimistisch
Kunnen dan ten minste intrekkingsverzoeken gericht op natuurvergunningen wel van de hand worden gewezen door de provincie Utrecht? Ook niet. Behalve als de aangevochten natuurvergunning stikstofdepositie veroorzaakt op Natura 2000-gebieden ‘waarvan kan worden aangetoond dat de noodzakelijke reductie van stikstofdepositie binnen afzienbare termijn wordt bereikt’. Maar dat lijkt onmogelijk. De stikstofdepositie op de Utrechtse natuurgebieden komt namelijk ook van buiten de provincie aanwaaien. Utrecht kan geen invloed uitoefenen op ammoniakemissies uit andere provincies.
Het is wel zo dat gedeputeerde Gijs de Kruif zich woensdag tijdens de presentatie optimistisch toonde over het afslaan van handhavings- en intrekkingsverzoeken: ‘Dat is heel belangrijk voor ons: als er verzoeken komen, hebben wij een plan waarmee wij naar de rechter durven te gaan’, zei hij.
Het vervolg
Los van deze kwestie is het nog de vraag in hoeverre het stikstofhoofdstuk van het UPLG overeind blijft. Zelfs al heeft het provinciebestuur het programma nu formeel vastgesteld. In november namelijk moeten de provinciale staten ermee instemmen dat het plan wordt overgezet naar de omgevingsverordening. Pas dan zijn de maatregelen in het UPLG bestuursrechtelijk geborgd.
Bovendien moet de provincie naarstig in overleg met landbouwminister Jaimi van Essen en zijn ambtenaren, omdat Utrecht de dingen anders wil dan hoe Van Essen het afgelopen mei heeft opgeschreven in zijn eigen stikstofaanpak. Daarin staat dat het kabinet rondom de stikstofgevoelige natuurgebieden emissiearme zones wil van 500 tot 1000 meter. De provincie Utrecht vindt dat wetenschappelijk niet verdedigbaar, en wenst zones van 250 meter waarin boeren maar beperkt mest mogen uitrijden en kunstmest verboden is. Dat is niet het enige: Utrecht wil dit laten gelden voor niet meer dan zes van de negen stikstofgevoelige natuurgebieden. De gebieden Kolland en Overlangbroek, Uiterwaarden Lek en Rijntakken worden vooralsnog uitgezonderd.
Laat de minister ruimte?
Daarnaast wil de provincie Utrecht een generieke emissiereductie van ammoniak van 46 procent, van 2019 tot eindjaar 2035. Daarvan is tot en met 2025 waarschijnlijk al 10 tot 14 procentpunt behaald. Per bedrijf wil Utrecht een emissieplafond van 42 kilo ammoniak per hectare per jaar. De generieke emissienorm van landbouwminister Van Essen daarentegen is niet gekoppeld aan hectares, maar aan fosfaatrechten. Dat vindt het provinciebestuur van Utrecht onverstandig, aangezien fosfaatrechten verhandeld kunnen worden. Dat kan als gevolg hebben dat minder kapitaalkrachtige boeren worden benadeeld en dat er alsnog op lokaal niveau meer ammoniak wordt uitgestoten.
‘Op basis van de vergelijking willen we in goed overleg met het rijk nagaan of onze norm in de komende jaren moet worden bijgesteld of dat het rijk juist voor onze aanpak kiest’, schrijft het provinciebestuur in een nieuwe brief aan Van Essen. ‘We zijn benieuwd of de minister daar ruimte voor laat.’
Mirjam Sterk
In een eigen brief aan het Utrechtse provinciebestuur laat de landbouwminister weten graag in gesprek te gaan, en in het eerste kwartaal van volgend jaar zijn definitieve stikstofbeleid aan de ministerraad te presenteren. De minister lijkt vooral open te staan voor regionale variaties in de breedte van de stikstofzones, en ook voor het stikstofzonevrij houden van verschillende natuurgebieden.
Misschien is het van meerwaarde voor de provincie Utrecht dat Mirjam Sterk, die als gedeputeerde de voorganger was van Gijs de Kruif en het leeuwendeel van de totstandkoming van het UPLG heeft aangevoerd, minister is geworden in het kabinet-Jetten en dus ook dan deel is van die ministerraad.
LTO teleurgesteld
De agrarische belangenorganisatie LTO Noord toonde zich woensdag teleurgesteld over het aantal aanpassingen dat het provinciebestuur in het uiteindelijke UPLG heeft aangebracht, na alle zienswijzen. Eerst wilde de provincie Utrecht een emissieplafond van 40-42 kilo ammoniak per hectare per jaar. Dat is nu licht bijgesteld naar 42 kilo. Daarnaast krijgt de niet-grondgebonden veehouderij, dus de houders van legkippen, varkens en mestkalveren, een iets lager reductiepercentage opgelegd als het gaat om bestaande stallen. De eerdere norm van 90-95 procent bleek technisch niet haalbaar. Dit reductiepercentage heeft overigens als uitgangspunt een basisstal waarin geen enkele emissiearme techniek is toegepast.
Tot slot is een deel van de ingrepen met twee jaar uitgesteld om boeren meer tijd te geven. Eerst gold als begindatum 1 januari 2027. Dat wordt 2029. ‘De belangrijkste zorgen van boeren en tuinders zijn daarmee niet weggenomen’, zegt LTO.
Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.