Sekswerk is in Nederland een legaal beroep. Toch is het in veel gemeenten vrijwel onmogelijk om een vergunde werkplek te realiseren, stelt sekserwerk Eve de Jong. Niet omdat het werk verboden is, maar omdat het nergens echt past: niet in bestemmingsplannen, niet in omgevingsvisies en uiteindelijk ook niet in de praktijk van vergunningverlening. Wie probeert een werkplek te creëren, loopt volgens de Jong vaak vast in een wirwar van regels en afdelingen.
Sekswerk is legaal, maar past in geen enkel omgevingsplan
Juist nu veel gemeenten werken aan nieuwe omgevingsplannen onder de Omgevingswet is dat volgens Eve de Jong een gemiste kans
Ik werk inmiddels zeven jaar in het sekswerk en zoek al drieënhalf jaar naar een eigen vergunde werkplek. Wat daarbij vooral opvalt, is niet één specifieke regel die het onmogelijk maakt, maar de stapeling ervan. Veiligheid kijkt naar openbare orde en risico’s rond mensenhandel, ruimtelijke ordening naar bestemmingsplannen, vergunningverlening naar procedures en voorwaarden, en handhaving naar mogelijke overtredingen. Iedere afdeling beoordeelt vanuit een eigen kader. Samen creëren ze een systeem waarin een initiatief al strandt voordat het echt kan worden beoordeeld.
Veel gemeenten zijn zich daar nauwelijks van bewust. Sekswerkbeleid wordt vaak ontwikkeld binnen het veiligheidsdomein, terwijl de feitelijke ruimte voor werkplekken wordt bepaald in ruimtelijke plannen en vergunningprocedures. Daardoor ontstaat een papieren werkelijkheid: in beleidsnota’s lijkt sekswerk gereguleerd en mogelijk, terwijl een concrete aanvraag in de praktijk nergens lijkt te passen.
Juist nu veel gemeenten werken aan nieuwe omgevingsplannen onder de Omgevingswet is dat een gemiste kans. Deze plannen bepalen immers waar activiteiten in een gemeente wel en niet kunnen plaatsvinden. Toch wordt sekswerk zelden expliciet meegenomen in die ruimtelijke afweging. De ruimte wordt niet vooraf gecreëerd, maar doorgeschoven naar individuele vergunningaanvragen. In de praktijk betekent dat vaak dat er uiteindelijk geen ruimte blijkt te zijn.
Het gevolg laat zich raden. Vergunde werkplekken verdwijnen en er komt slechts een beperkt aantal nieuwe bij. Dat terwijl het werk zelf niet verdwijnt. Het verplaatst zich naar woningen, hotels en vakantieverblijven. Gemeenten reageren vervolgens met controles en handhaving. Maar wanneer een gemeente zegt dat iets niet mag, hoort daar ook een andere vraag bij: waar kan het dan wél?
Daar ligt een verantwoordelijkheid voor gemeenten zelf. Als sekswerk een legaal beroep is, vraagt dat ook om realistische mogelijkheden om het werk uit te oefenen. Dat betekent niet alleen regels stellen, maar ook ruimte creëren. Ruimte in omgevingsplannen, ruimte voor nieuwe initiatieven en ruimte voor ondernemers die een veilige en professionele werkplek willen opzetten.
De Omgevingswet biedt gemeenten juist nu de kans om dat gesprek te voeren. Niet alleen binnen het veiligheidsdomein, maar integraal met ruimtelijke ordening, vergunningverlening en handhaving. En vooral ook samen met sekswerkers zelf, die dagelijks ervaren waar beleid in de praktijk vastloopt.
Zonder die integrale blik blijft sekswerkbeleid hangen in goede bedoelingen en papieren regels. Met als gevolg dat het werk plaatsvindt, maar een vergunde en gewenste plek ervoor ontbreekt. En dat is uiteindelijk een probleem dat gemeenten alleen zelf kunnen oplossen.
Eve de Jong is sekswerker en is als ervaringsdeskundige werkzaam als spreker, trainer en beleidsadviseur. Eve de Jong is een werknaam; haar echte naam is bij de redactie bekend.

Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.