Universiteitssteden trekken nieuwe jonge inwoners vooral uit de eigen regio. In Amsterdam en Rotterdam komt zelfs ongeveer een derde van de jongeren die zelfstandig gaan wonen uit de stad zelf. Wageningen vormt een uitzondering. In die Gelderse gemeenten komen nieuwe jonge inwoners juist uit vrijwel alle delen van Nederland. Dat blijkt uit onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek naar verhuizingen van jonge studenten tussen de 17 en 22 jaar.
Studentenstad blijft voor veel jongeren dicht bij ouderlijk huis
Bijna 32.000 jongeren verhuisden in 2025 naar een universiteitsstad. Maar ze blijven bij voorkeur wel in de eigen regio.
Amsterdam en Groningen
In totaal verlieten in 2025 bijna 32.000 jongeren het ouderlijk huis om zich in een van de twaalf Nederlandse universiteitssteden te vestigen. Ruim 80 procent verhuisde daarvoor naar een andere gemeente. Amsterdam en Groningen ontvingen de grootste aantallen: respectievelijk ongeveer 5.300 en 5.100 jongeren. Utrecht volgde met 4.000, Rotterdam met 3.700 en Nijmegen met 3.000.
De kleinere universiteitssteden noteerden aanzienlijk minder nieuwe jonge inwoners. Leiden trok ongeveer 2.100 jongeren, Tilburg 1.800, Delft 1.700 en Maastricht 1.600. Eindhoven ontving er 1.300, Enschede 1.200 en Wageningen ongeveer 800.
Eigen gemeente
Van de jongeren die in Amsterdam zelfstandig gingen wonen, kwam 31,7 procent uit de hoofdstad zelf. Daarna volgden Amstelveen, Gooise Meren, Haarlem en Haarlemmermeer. In Rotterdam was 29,6 procent afkomstig uit de eigen gemeente, gevolgd door Den Haag, Lansingerland en Capelle aan den IJssel.
Ook Enschede, Tilburg en Eindhoven trekken relatief veel eigen inwoners: respectievelijk 25,3, 24,0 en 22,6 procent. Bij de overige nieuwkomers overheerst eveneens de regio. In Enschede zijn Hengelo en Almelo belangrijke herkomstgemeenten, terwijl Eindhoven veel jongeren ontvangt uit Helmond, Veldhoven en Geldrop-Mierlo.
Groningen trekt vooral jongeren uit de noordelijke provincies. Westerkwartier, Tynaarlo, Súdwest-Fryslân en Het Hogeland behoren daar tot de belangrijkste herkomstgemeenten. In Delft is Den Haag met 7,5 procent zelfs sterker vertegenwoordigd dan Delft zelf, goed voor 5,2 procent.
Basisbeurs
Wageningen heeft het kleinste aandeel jongeren uit de eigen gemeente: 3,8 procent. De stad trekt daarnaast inwoners uit Utrecht, Den Haag, Ede en Amsterdam. Daarmee is de herkomst geografisch breder gespreid dan bij andere universiteitssteden.
Het aantal verhuizende jongeren ligt lager dan in de periode 2015-2021, toen jaarlijks gemiddeld 36.000 jongeren naar een universiteitsstad vertrokken. In 2023 ontstond een uitschieter van ruim 50.000 verhuizingen, nadat de basisbeurs opnieuw was ingevoerd.
Twee derde vrouw
De steden verschillen ook naar geslacht. In Maastricht en Nijmegen is ongeveer twee derde van de instromers vrouw. Delft kent juist een duidelijke mannenmeerderheid van 60,8 procent. Ook Enschede en Eindhoven trekken meer mannen dan vrouwen.
Internationale studenten heeft het CBS niet meegeteld. Vooral voor Maastricht geeft dat een onvolledig beeld van de totale instroom. Daar komt meer dan 60 procent van de universitaire studenten uit het buitenland.
Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.