Waarom duurt het zes jaar om een bestemmingsplan te wijzigen, terwijl het volgens de wet binnen twee jaar moet? Wessel Tiessens werkte als projectleider bij verschillende gemeenten en andere overheidsorganisaties en schreef zijn frustraties van zich af in een boek dat eindigt met een peptalk aan de ambtenaren.
Ambtenaar is 'bang om het verkeerde te doen'
Wessel Tiessens beschrijft in zijn boek hoe projecten vastlopen doordat ambtenaren klem zitten. Maar: 'ambtenaren zijn helden', zegt hij.
Hij beschrijft zichzelf als een ‘soort ADHD-ambtenaar’ en een ‘stuiterbal’; iemand die graag de randjes opzoekt en er dan soms ook weleens overheen gaat. Een ongeduldig type ook. Wessel Tiessens, kortom, is iemand die moeilijk aardt in stroperige gemeentelijke organisaties. ‘Ik moest een keer handtekeningen ophalen voor een raadstuk en dacht dat te doen op rolschaatsen, omdat dat sneller ging.’
Bureaucratie
Tiessens is opgeleid als technisch planoloog en belandde na zijn studie bij de gemeente Den Haag, en daarna in Delft, waar hij opklom tot senior projectmanager. Hij begon voor zichzelf en wordt nu door gemeenten ingehuurd als interim-projectleider. Momenteel is hij als projectmanager betrokken bij het Nationaal Programma Den Haag Zuidwest. In zijn onlangs verschenen boek Ambtenaar met ballen beschrijft hij hoe grote ambtelijke projecten vastlopen in de gemeentelijke bureaucratie.
‘We zijn in een wantrouwende samenleving beland’, zegt hij. Door de opkomst van sociale media, de groei van populistische en ‘extremistische flanken’ in de politiek en de afrekencultuur in de media. Tiessens: ‘Omdat wethouders zich kwetsbaarder zijn gaan voelen, zijn ambtenaren in een heel verdedigende positie gekomen. Er zijn heel veel controlemechanismes opgekomen. We hebben een systeem gebouwd dat erop gericht is om falen te voorkomen. Maar dat betekent dat we nooit meer snelheid kunnen maken, en dat er geen ruimte is voor innovatie.’ Tiessens vergelijkt het met een auto met een gigantische rem en een heel klein gaspedaaltje. ‘Met zo’n auto ga je nooit harder dan 20 kilometer per uur.’
Het gevolg: talloze nota’s, verantwoordingsrapportages, checklists en registraties, besluiten die vergadering op vergadering worden doorgeschoven, en dossiers waar toch nog een duur en tijdrovend extra onderzoek tegenaan gegooid wordt. ‘En mensen interpreteren de regels vaak veel strenger dan ze zijn’, constateert Tiessens. ‘Dat komt omdat ze bang zijn het verkeerde te doen.’
Klem
Ambtenaren zitten klem tussen de inwoners die vinden dat de overheid het niet goed doet, en politiek bestuurders die bang zijn voor boze reacties, zegt Tiessens. En dus is iedereen voorzichtig. Met name in het ruimtelijk domein zijn de opgaven groot; denk aan stikstof, natuur, woningbouw. Maar de ‘grote verbouwing van Nederland’, zoals Tiessens het noemt, komt hierdoor nauwelijks van de grond. En dat ligt niet zozeer aan de inhoudelijke kennis van de ambtenaren die aan deze opgaven werken, zegt hij. ‘Veel van de ambtenaren die zich bezighouden met de herinrichting van wijken, de energietransitie of de verduurzaming van de woningbouw zijn opgeleid aan technische universiteiten. Ze zijn opgevoed met het idee dat als je maar goed bent in je vak, en heel professioneel, je mensen kunt overtuigen op de inhoud. Dat is niet meer zo. Het omgaan met wantrouwen vraagt ook andere skills. En dat speelt overal in de publieke sector. Huisartsen moeten uitleggen waarom een door AI voorgesteld medicijn toch geen goed idee is. Leraren krijgen steeds vaker woedende ouders voor zich die het oneens zijn met de schoolcijfers.
Tolerantie
De oplossing is tweeledig, zegt Tiessens. Meer vertrouwen vanuit het bestuur helpt ambtenaren om hun werk goed te doen. ‘Er is meer tolerantie nodig voor fouten. Zeker bij een groot en complex project kunnen er dingen misgaan. Accepteer dat. Ten tweede moeten we meer van buiten naar binnen werken. Ga de samenleving in. En dat is spannend, ik ben ook weleens uitgekafferd. Maar op die manier krijg je projecten van de grond.’
Talloze rapporten
Er zijn al talloze rapporten, boeken en andere stukken geschreven waarin gepleit wordt om de professional meer ruimte te geven, erkent ook Tiessens met een glimlach. Waarom komt het maar niet van de grond? Dat begint met de organisatie zelf, zegt Tiessens, die de voorzichtige cultuur in stand houdt. ‘Kijk naar de mensen die aangetrokken worden. Omdat de overheid zo’n wantrouwende organisatie is, kiest ze vaak voor een safe pair of hands. Maar dat zijn niet de mensen die je nodig hebt. We moeten andere mensen aannemen. Ik zie gelukkig bij de jongere generaties dat dat ook al beter gaat, en dat daar meer creatieve en ondernemende mensen bij zitten. Maar we moeten meer vertrouwen krijgen, en als ambtenaar dat vertrouwen ook durven pakken.
Het zijn de mensen die, net als Tiessens zelf, wel het eerst uitgekeken zijn op het zijn van ambtenaar zelf, ondanks het feit dat ze graag ‘met hart en ziel’ een bijdrage willen leveren aan de verbouwing van Nederland. De cultuur moet anders, zegt Tiessens. ‘Het systeem maakt het heel moeilijk om als ambtenaar ondernemend te zijn en van buiten naar binnen te werken. Omdat je dan meteen tien verantwoordingsmemo’s moet opschrijven.’
Helden
Het boek, zegt geen poging tot het bashen van ambtenaren, zegt Tiessens. Integendeel. ‘Ambtenaren zijn helden. Ze zijn betrokken, gaan voor de inhoud en voor de maatschappij, en niet per se voor het geld. Maar ze zitten in een heel moeilijke positie. Ik vrees dat ze tussen de wielen komen. Met mijn boek probeer ik dat juist te voorkomen.’ Hij eindigt daarom met een peptalk. ‘Als je van intellectuele en maatschappelijke uitdagingen houdt, dan is het gewoon geweldig om ambtenaar te zijn.’
Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.