De gemeente Rotterdam heeft weinig oog gehad voor het evalueren van de coronaperiode. Dat concludeert de Rekenkamer Rotterdam in een rapport dat donderdag is verschenen. De crisisorganisatie is slechts gedeeltelijk tegen het licht gehouden; overkoepelende evaluaties van het coronasteunbeleid en de crisisorganisatie ontbreken. De lessen die er zijn, zijn maar in zeer beperkte mate geborgd. De lokale rekenkamer benadrukt dat borging juist van belang is: ervaringskennis van ambtenaren verdwijnt door verloop langzaam uit de gemeentelijke organisatie.
Rotterdam heeft onvoldoende geleerd van aanpak coronacrisis
‘Al met al is de gemeente niet veel beter voorbereid op een toekomstige crisis’, aldus de rekenkamer
Toen in maart 2020 de eerste lockdown werd afgekondigd, beschikte Rotterdam niet over een crisisorganisatie of crisisplan. Om snel te kunnen handelen, werd ad hoc een crisisorganisatie opgetuigd. Terugkijkend ziet de rekenkamer hierin twee belangrijke lessen voor toekomstige crises.
Drie kernrollen
De eerste les is dat een crisisorganisatie duidelijk maakt welke aanvullende rollen in crisistijd nodig zijn. Tijdens corona vervulde de organisatie drie kernrollen: het waarborgen van de continuïteit van gemeentelijke dienstverlening, het clusteroverstijgend monitoren van de gevolgen van corona, en het centraal ontwikkelen en coördineren van steunbeleid om de gevolgen van corona te beperken. ‘Deze rollen waren niet specifiek voor de coronaperiode. De gemeentelijke dienstverlening moet immers bij iedere crisis zoveel mogelijk doorgang vinden’, legt de rekenkamer uit.
De tweede les is dat beleid op papier onvoldoende is om paraatheid te garanderen. Al in 2016 stelde de gemeente een strategisch kader op voor continuïteit van dienstverlening in crisistijd. Bij de oprichting van de crisisorganisatie werd dit kader echter niet gevolgd. Nog geen vier jaar na het opstellen was de gemeente dit strategisch kader namelijk vergeten.
Geen heldere definitie
De borging in het crisismanagementteam en het beleidskader voor continuïteitsmanagement kent ook nog wel wat haken en ogen, merken de onderzoekers op. Zo is niet helder gedefinieerd wat een crisis is, waardoor onduidelijk is wanneer het crisismanagementteam in actie moet komen. Bij een recente ICT-storing kwam het crisismanagementteam bijvoorbeeld niet samen, terwijl zij achteraf vond dat dat wel had moeten gebeuren.
Meer ruimte en vertrouwen
Om sneller en wendbaarder te zijn, werkten ambtenaren in de coronaperiode ook op een andere wijze samen. Uit evaluaties blijkt dat er meer ruimte en vertrouwen was om ideeën aan te dragen, besluiten te nemen, bestaande regels losser te hanteren, en om onderling sneller te schakelen. Hoewel de succesfactoren formeel zijn vastgelegd, geven ambtenaren aan dat het zonder de urgentie van een crisis lastig is de voordelen van deze werkwijze vast te houden.
Kwetsbare groepen
Een belangrijk inzicht van de coronaperiode is dat kwetsbare groepen harder zijn geraakt. Tegelijkertijd is ook het vertrouwen in de overheid sterk gedaald. Onder meer de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) en het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) adviseren daarom te investeren in een veerkrachtige maatschappij die de negatieve gevolgen van een crisis beter kan opvangen. Ook wetenschappelijk onderzoek naar de gevolgen van corona in Rotterdam onderschrijft dat advies. De gemeente heeft deze adviezen vooralsnog niet overgenomen, stelt de rekenkamer.
Tegenslagen
Het idee achter deze adviezen is dat de overheid – zeker in crisistijd – niet altijd iedereen kan helpen. ‘Het is daarom van belang buiten crisistijd de veerkracht te vergroten’, adviseert de rekenkamer. ‘Dat kan op individueel niveau door te investeren in de kwetsbaarste inwoners, zodat zij tegenslagen beter doorstaan. Dat kan ook op maatschappelijk niveau, bijvoorbeeld door te investeren in sociale infrastructuren. Die kunnen bewoners mobiliseren om elkaar te ondersteunen.’

Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.