De opgaven in de publieke sector zijn ongeveer verdubbeld. Aan de ene kant zeulen we een loodzware rugzak met ‘oude’ thema’s mee: het tekort aan blauw op straat en leraren voor de klas, de stikstofcrisis, de zorg en de vastgelopen woningmarkt. Aan de andere kant dwingt de geopolitieke realiteit ons tot topsport op nieuwe fronten: defensie, veiligheid, energie-onafhankelijkheid en een robuuste digitale infrastructuur.
De overheid als topsport: er is een wereld te verliezen
Nationale ambities - van defensie tot energietransitie - krijgen pas echt betekenis in de haarvaten van onze samenleving: de gemeente.
Dit terwijl overheden hun taken al nauwelijks aankunnen. De adviesorganen van de overheid waren onlangs in Buitenhof daarover opnieuw glashelder. Met een haperend ICT-landschap, juridische dichtgetiktheid en een groeiende kloof met de burger is de boodschap duidelijk: onze ambities en ons doenvermogen zijn volledig uit balans.
De nieuwe werkelijkheid vraagt om een fittere overheid die scherper durft te kiezen waar de energie naartoe gaat. Niet alleen door politici op alle niveaus, maar door iedereen in bestuur en uitvoering. Het gaat er niet om de onderkant van de to-dolijst af te knippen, maar om in samenhang te gaan handelen.
De komende weken zullen hierin cruciaal zijn. Rond 23 februari presenteert het nieuwe kabinet de nationale koers, terwijl gemeenten zich opmaken voor de verkiezingen van 2026. Nationale ambities - van defensie tot energietransitie - krijgen namelijk pas echt betekenis in de haarvaten van onze samenleving: de gemeente.
Het oplossen van politieke onenigheid is slechts een randvoorwaarde om in conditie te komen. Overheden zijn bestuurlijk zo complex geworden dat ambtelijke processen alle energie opslokken voordat de burger er iets van merkt. Een topsporter komt niet eens aan de start als zijn veters door bureaucratische stroperigheid aan elkaar zijn geknoopt.
Overheden zijn bestuurlijk zo complex geworden dat ambtelijke processen alle energie opslokken voordat de burger er iets van merkt
Een vitale overheid werkt als één team. Dat betekent dat op elk niveau - van Binnenhof tot stadsdeelkantoor - hetzelfde eerlijke gesprek wordt gevoerd. Dat betekent prioriteren: lokaal meebewegen met de nationale noodzaak voor veiligheid en energie, ook als dat ten koste gaat van andere ‘dromen’. En saneren: de ambtelijke procesdruk rigoureus verminderen om uitvoeringskracht vrij te spelen. En tot slot realiseren: die dossiers durven oppakken waar we eerder onze vingers niet aan durfden te branden, uit angst voor reputatieschade of juridische hobbels.
De warming-up is voorbij. De wedstrijd is al begonnen. De oproep van de adviesorganen is een startsein om samen de sportschoenen aan te trekken en de ballast overboord te gooien. Het gaat er niet om wie er gelijk heeft, maar om hoe we samen zorgen dat onze plannen ook echt haalbaar zijn. Alleen als één team halen we de finish.
Shahram Bahraini Moghaddam, senior strategisch beleidsadviseur, geschreven op persoonlijke titel

Reacties: 1
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.
Al jarenlang vormen veel Overheden geen topsportteam. Het gevolg is dat nog steeds wordt gespeeld met te veel 'lekke en/of lek gestoken ballen'. Voorbeelden van niet of slecht uitgevoerd beleid, waarop al jarenlang werd gewezen, liggen voor het oprapen. Veel 'lekke ballen' moeten eerst worden vervangen voordat nieuw beleid voldoende kans van slagen heeft dan wel zal krijgen.