Iets meer dan één op de zes Nederlanders overweegt niet te stemmen tijdens de gemeenteraadsverkiezingen, zo bleek onlangs uit een onderzoek van ANP en Kieskompas.
De juiste stemmen
Iets meer dan één op de zes Nederlanders overweegt niet te stemmen tijdens de gemeenteraadsverkiezingen.
Afhakers verdienen onze zorg
Uit het onderzoek blijkt dat de afhakers voornamelijk te vinden zijn onder de aanhang van partijen die ik, persoonlijk, niet een heel warm hart toedraag. En ik betrap mezelf erop dat ik me daar enigszins om verkneukel. Maar ik realiseer me tegelijk dat dat een paradoxale gedachtegang is, want een sterke democratie bestaat bij gratie van deelname.
De neergang onder stemmers bij de gemeenteraadsverkiezingen is al decennia gaande. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2022 bereikte de opkomst met 50,9 procent een historisch dieptepunt. Dat betekent dat vrijwel de helft van de kiesgerechtigden thuisbleef. In 2018 bracht nog 55 procent van de kiezers een stem uit bij de gemeenteraadsverkiezingen. En wie verder terugkijkt, ziet hoe drastisch de afname is. In 1986 kwam nog driekwart van de Nederlanders opdagen.
Het nieuwe onderzoek voegt daar een dimensie aan toe. Van de ondervraagden zegt bijna 17 procent dat wantrouwen in de politiek een reden is om niet te gaan stemmen. Daarmee dringt zich de ongemakkelijke vraag op: is het erg als juist stemmers op partijen die de democratie niet een heel warm hart toedragen, minder vaak de gang naar de stembus maken? Wordt het democratisch debat niet beter als partijen aan de uiterste rand van het politieke spectrum minder stemmen krijgen?
Wantrouwen verandert dan van protest in vervreemding
Op die vraag is een duidelijk antwoord te geven: ja, dat is erg. Democratie is geen systeem dat alleen goed functioneert wanneer de ‘juiste’ kiezers deelnemen; het is gebaseerd op het principe dat alle burgers hun stem kunnen laten horen, ook als die stem kritisch, boos of radicaal is. Het alternatief — afhaken — is uiteindelijk schadelijker.
Wanneer mensen niet meer stemmen omdat zij het vertrouwen in de politiek hebben verloren, trekken zij zich feitelijk terug uit het democratische proces. Wantrouwen verandert dan van protest in vervreemding. We moeten ons niet zozeer zorgen maken over de voorkeur van de kiezer, maar des te meer over diens afwezigheid. Onze democratie kan spanning verdragen, maar geen apathie.

Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.