Dit najaar is het eindelijk zover voor boer Bas Karsten. Op zijn tulpenboerderij wordt een nieuw model elektrolyser geplaatst. De afgelopen tien jaar verduurzaamde hij zijn familiebedrijf al met een hoop zonnepanelen en een warmte-koudeopslag, een energie- en kostenbesparende methode om gebouwen te verwarmen en te koelen. De boerderij gebruikt nu geen gas meer, maar heeft nog wel veel stroom over. Met de elektrolyser kan boer Karsten zijn overtollige stroom op zonnige dagen toch nog gebruiken. Het apparaat maakt straks waterstof die Karsten kan verkopen aan ondernemers in de buurt. De groene brandstof drijft dan bijvoorbeeld zware machines aan of gaat naar generatoren die stroom leveren op festivals en bouwlocaties in natuurgebieden.
Noord-Holland probeert waterstofeconomie alsnog op gang te brengen
Ondanks eerdere teleurstellingen ziet de provincie veel kansen in waterstofclusters.
Holy grail
‘In sommige natuurgebieden moet je stikstofvrij en geluidsarm werken’, zegt Lennart van der Knaap, beleidsadviseur waterstof bij de provincie Noord-Holland. ‘Dan kom je dus uit bij elektrische bouwmachines. Maar in natuurgebieden heb je geen stroomaansluiting. Met een waterstofgenerator kun je ‘s nachts alles stil en schoon laden.’
Boer Karsten kocht de electrolyser met financiële hulp van de Rabobank, de Europese Unie (EU) en de provincie Noord-Holland. Waterstofproductie op een boerderij past goed bij de groene ambities van de provincie. Een paar jaar geleden gold dat nog voor een heleboel andere waterstofprojecten. Maar dat is inmiddels veranderd. ‘Waterstof werd gezien als de verlossing voor alles’, zegt Van der Knaap. Dat was in de tijd dat hij zelf begon met het waterstofdossier van de provincie, zo’n zes jaar geleden. ‘De samenleving, de markt en de politiek zagen waterstof als holy grail. In onze beleidsstukken van toen zie je dat ook terug. Dat laat zich samenvatten als: ‘laat duizend bloemen bloeien.’
Tankstations komen er niet omdat er geen voertuigen zijn, en voertuigen niet omdat er geen tankstations zijn
Lennart van der Knaap
Kip-ei-probleem
Op allerlei vlakken probeerde Noord-Holland een waterstofeconomie op gang te brengen. ‘We speelden de afgelopen jaren bijvoorbeeld een actieve rol in de mobiliteitshoek’, zegt Van der Knaap. ‘Daar heb je al snel een kip-ei-probleem. Tankstations komen er niet omdat er geen voertuigen zijn, en voertuigen komen er niet omdat er geen tankstations zijn. Dat vraagt om een interventie, bijvoorbeeld vanuit de provincie.’ Van der Knaap en zijn collega’s gingen daarom op zoek naar passende bedrijventerreinen en zochten partijen bij elkaar die misschien samen een voertuig konden inbrengen. ‘Zo maak je het voor tankstationhouders rendabeler.’
Het was helaas allemaal nog voor de komst van de Subsidieregeling Waterstof in mobiliteit (SWIM), waarmee ondernemers die wilden investeren in waterstof voor mobiliteit subsidie konden aanvragen om een deel van de meerkosten te dekken. ‘Toen wij rondjes door de regio toerden, hadden we dus nog weinig wortels om mensen te verleiden.’
H2era
Er waren ook grote industriële projecten, zoals plannen voor een 500 megawatt-electrolyser genaamd H2era in de Amsterdamse haven. ‘In Rotterdam staat er al één van 200 megawatt. Deze zou dus meer dan twee keer zo groot worden’, verduidelijkt Van der Knaap.
De provincie was bij H2era betrokken via vergunningverlening en steunde de plannen ook als deelnemer van de versnellingstafel Waterstof Noordzeekanaalgebied. ‘Daar stimuleren we de waterstofeconomie op strategisch niveau’, aldus Van der Knaap. ‘We steunen bewust geen individuele projecten, want dan heb je al snel twee petten op. Kort gezegd wil je als overheid voorkomen dat je meeschrijft aan een vergunningsaanvraag die je zelf moet beoordelen.’
Daar waren we al een beetje sceptisch over en dat is uiteindelijk ook stilgezet
Lennart van der Knaap
En dan waren er ook nog projecten waaraan de provincie eigenlijk vanaf het begin af aan al twijfelde, maar tóch werden gesteund. Een voorbeeld daarvan is de Groene Walvis bij de Noord-Hollandse dorpen Graft en De Rijp. Van der Knaap: ‘Deze twee dorpen hadden het idee om met lokaal geproduceerde elektriciteit waterstof te maken voor huishoudens. Daar waren we al een beetje sceptisch over en dat is uiteindelijk ook stilgezet. Waterstof is niet geschikt om bestaande bebouwing mee te verwarmen. Daar is het te schaars en te duur voor en er zijn genoeg alternatieven voor handen.’
Uitgesloten
In het provinciale beleid is de toepassing van waterstof in de gebouwde omgeving inmiddels uitgesloten. ‘Maar als een marktpartij denkt dat het kan en het lukt, is de provincie niet per definitie tegen’, benadrukt Van der Knaap. ‘We volgen dit soort projecten ook wel met interesse. Dat leert ons weer iets over vervolgstappen en helpt ons aan te scherpen.’ Noord-Holland telt nu vijf waterstoftankstations, maar waterstofvoertuigen zijn er nog nauwelijks. De plannen voor H2era elektrolyser in de Amsterdamse haven werden teruggeschroefd naar ongeveer 200 megawatt. ‘Dat is nog steeds even groot als die in Rotterdam, maar niet meer een veelvoud daarvan’, onderkent Van der Knaap.
Klassiek patroon: eerst zijn de verwachtingen torenhoog, daarna volgt een forse teleurstelling
Andere strategie
Zo kelderden de verwachtingen rond waterstof. Het is een klassiek patroon bij nieuwe technologie: eerst zijn de verwachtingen torenhoog, daarna volgt een forse teleurstelling. Vervolgens krabbelt het vertrouwen weer op, al bereikt het zelden nog het niveau van de aanvankelijke hype. ‘We zijn nu net voorbij dat dieptepunt’, zegt Van der Knaap. ‘Twee jaar geleden leek het allemaal niks meer te worden en dachten we: stop er maar mee. Nu zien we weer wat projecten op gang komen.’
De waterstofstrategie van de provincie Noord-Holland ziet er nu anders uit. Subsidies voor grootschalige projecten gaan alleen nog naar focusgebieden, bijvoorbeeld rond de haven en op bedrijventerreinen zoals de Boekelermeer in Alkmaar. ‘Waterstof past mooi bij innovatieve bedrijventerreinen waar veel gebeurt rondom circulariteit’, legt Van der Knaap uit. ‘Het moet aansluiten bij de bestaande bedrijvigheid en de omgeving. Daar sturen we nu duidelijk op. Met dat soort waterstofclusters heb je minder impact op de omgeving en minder behoefte aan infrastructuur.’
De provincie selecteert waterstofprojecten ook op sector. Soms komt dat overeen met de geografische verdeling; in de gebouwde omgeving is er bijvoorbeeld geen plek voor waterstof.
Lees de rest van het artikel in BB#16, op papier of (straks) online.
Reacties: 1
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.
Het blijft trekken aan een dood paard vanwege het slechte rendement. Bijna 30% verlies van elektrisch naar H2 en van H2 terug naar stroom bijna 50% verlies. Voor een tulpenteler ook niet handig, die bollen hebben stikstof en CO2 nodig.