Nederlandse gemeenten hebben in 2025 gezamenlijk ruim 2 miljard euro extra moeten lenen om investeringen in onder meer wegen, bruggen, scholen en riolering te financieren. Daardoor steeg hun totale netto schuld naar 36,1 miljard euro. Dat komt neer op gemiddeld 1.991 euro per inwoner.
Gemeenteschuld stijgt naar ruim 36 miljard euro
Gemeenten leenden in 2025 ruim 2 miljard euro extra voor investeringen, waardoor hun gezamenlijke schuld steeg naar 36,1 miljard euro.
Investeringen
Dat blijkt uit voorlopige cijfers uit de gemeentelijke jaarrekeningen over 2025, verzameld door het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Gemeenten investeerden vorig jaar netto bijna 5,15 miljard euro. Het gaat daarbij om de totale investeringen, verminderd met de afschrijvingen op bestaande bezittingen.
Tegenover deze uitgaven stond een positief exploitatieresultaat van 2,74 miljard euro. Dat bedrag kan niet worden gezien als vrij besteedbaar geld dat gemeenten overhouden. Gemeenten gebruiken een positief resultaat doorgaans om een deel van hun investeringen te betalen. Daardoor hoeven zij minder geld te lenen en loopt de schuld minder snel op.
Naast de investeringen hadden gemeenten per saldo voor 367 miljoen euro aan andere financiële verplichtingen. Daaronder vallen onder meer hogere voorzieningen voor toekomstige pensioenen van wethouders. Uiteindelijk resteerde hierdoor een financieringstekort van bijna 2,04 miljard euro.
Achterstand deels ingelopen
De waarde van gemeentelijke bezittingen zoals infrastructuur, gebouwen en riolering groeide in 2025 met 6,56 procent. Na correctie voor bevolkingsgroei en prijsstijgingen blijft een reële groei van 3 procent per inwoner over. In 2024 bedroeg die groei nog 1,4 procent.
Tot en met 2023 nam de waarde van de gemeentelijke kapitaalgoederen per inwoner jarenlang af. Gemeenten hadden destijds onvoldoende ruimte in hun begrotingen voor de rente en afschrijvingen die hogere investeringen met zich meebrengen. In 2025 hebben zij een klein deel van die investeringsachterstand ingehaald.
Nauwelijks gevolgen
De oplopende schuld heeft vooralsnog nauwelijks gevolgen voor de gezamenlijke solvabiliteit. Dit cijfer geeft aan welk deel van de gemeentelijke bezittingen met eigen vermogen in plaats van leningen is betaald. De solvabiliteit verbeterde licht van 39,4 naar 39,6 procent.
Bij 21 gemeenten ligt de solvabiliteit onder de 20 procent, wat als laag geldt. Geen enkele gemeente zit onder de 10 procent. Van 15 van de 342 gemeenten ontbreken nog definitieve gegevens. Die zijn grotendeels aangevuld met cijfers uit hun eigen jaarrekeningen.
Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.