Het coalitieakkoord is klaar. De wethouders zijn benoemd. En ergens op een gemeentehuis begint een ambtenaar aan de vraag die altijd volgt: wat betekent dit nu eigenlijk voor ons werk?
Coalitieakkoord, van belofte naar uitvoering
Het coalitieakkoord is klaar. De wethouders zijn benoemd. Wat betekent dit voor het werk van de ambtenaar?
Die vraag lijkt simpel. Ze is het niet. Want een coalitieakkoord is een politiek document, geschreven in de taal van ambities en beloften. De uitvoering daarvan vraagt een andere taal: die van keuzes, capaciteit, geld en tijd. De vertaalslag daartussen is misschien wel de meest onderschatte opgave in het gemeentelijk bestuur.
Veel gemeenten lossen dit op met een uitvoeringsprogramma. Een document dat de ambities vertaalt in concrete acties, eigenaren en een planning. Het geeft richting. Het helpt het college prioriteiten te stellen en de organisatie te weten waar zij aan toe is. Maar een uitvoeringsprogramma is ook maar een document. Het waarmaken ervan vraagt meer.
Een uitvoeringsprogramma is het begin van de vertaling, niet het einde
Hier wordt de P&C-cyclus relevant. Niet omdat de cyclus ambities waarmaakt, dat doet zij niet, maar omdat zij structuur biedt om de voortgang te volgen, bij te sturen en erover te praten. Als de ambities uit het coalitieakkoord herkenbaar terugkomen in de programmabegroting, in tussenrapportages en in de jaarrekening, ontstaat er een rode draad. Raad, college en organisatie spreken dan over dezelfde dingen, op gezette tijden, met gedeelde informatie.
Dat klinkt voor de hand liggend. In de praktijk gaat het vaak anders. Ambities verdwijnen in een structuur van taakvelden. Indicatoren worden gekozen omdat ze makkelijk te meten zijn, niet omdat ze iets zeggen over wat de raad wil bereiken. En bij de jaarrekening gaat het vooral om de vraag hoeveel geld er over is in plaats van of er voldoende aan de ambities is gewerkt. We denken dat als we de cyclus goed inrichten, de uitvoering vanzelf volgt. Maar met planning en control realiseren we nog geen uitvoering. Het is een beheersingsinstrument. De uitvoering doen mensen.
Wat je met P&C wél kunt doen, is het gesprek faciliteren. De begroting als startpunt: wat willen we bereiken, wat gaan we daarvoor doen en wat hebben we daarvoor nodig? De tussenrapportage als ijkpunt: liggen we op koers, en wat vraagt dat van onze keuzes? De jaarrekening als spiegel: wat hebben we geleerd, en wat nemen we mee? Het gesprek tussen raad en college, en tussen bestuur en organisatie, is minstens zo belangrijk als de documenten zelf.
Ambities laten zich vaak niet vangen in een indicator. Een veiliger gevoel in de wijk. Meer vertrouwen tussen burger en gemeente. Een cultuurverandering in de organisatie. Een leefbare woonomgeving. Die dingen zijn belangrijk en nauwelijks te kwantificeren. Dat betekent niet dat je ze moet loslaten. Het betekent dat je er anders over moet praten: met verhalen, met signalen en met de bereidheid om ook ongemakkelijke vragen te stellen.
Een coalitieakkoord waarmaken is dus niet enkel een beheersvraagstuk. P&C biedt enig gereedschap. Maar het zijn mensen die het werk doen, bestuurders die durven kiezen, ambtenaren die eigenaarschap nemen, en raadsleden die niet alleen getallen controleren, maar vooral gesprekken voeren en duiding vragen. Hoe faciliteer en voer jij die gesprekken?
Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.