Er zit enorm veel kracht en initiatief in de samenleving. Zo is ons land gevormd en zo kunnen we het met elkaar verder brengen. Nederland is ‘een ondernemend land waarin iedereen zijn eigen keuzes mag maken, maar nooit ten koste van een ander.’ Het kabinet-Jetten wil de kracht van de samenleving benutten, zo staat in het coalitieakkoord. Dat is mooi. Maar het zal vooral van de gemeenteraden afhangen of zij deze kracht van de samenleving ook daadwerkelijk de ruimte gaan geven.
In 2026 moeten de gemeenteraden hiervoor met hun billen bloot: geven zij bewoners en maatschappelijke organisaties meer mogelijkheden om zelf invulling te geven aan hun directe leefomgeving, of niet?
Eind 2026 moet de nieuwe Participatieverordening zijn ingevoerd. Gemeenten moeten daarin spelregels opnemen hoe inwoners en maatschappelijke organisaties worden betrokken bij de voorbereiding van beleid en – nieuw – voortaan ook bij de daadwerkelijke uitvoering en de evaluatie van beleid. Daarnaast moet de gemeente invulling geven aan het uitdaagrecht: het recht van inwoners en maatschappelijke organisaties om taken van de gemeente over te nemen of in coproductie aan te sturen als de initiatiefnemers het denken beter, slimmer, goedkoper en met meer maatschappelijk draagvlak te kunnen doen.
Nieuwe raad moet kracht samenleving benutten
De nieuw gekozen gemeenteraad moet de banden verder aanhalen met de lokale gemeenschap, vindt Thijs Harmsen.
Dit betekent dat lokaal belanghebbenden veel nauwer betrokken kunnen worden bij de daadwerkelijke uitvoering van het beleid. Hoe dit gaat gebeuren, bepaalt iedere gemeenteraad zelf. De raad stelt de spelregels vast en bepaalt hoeveel ruimte er komt om mee te doen voor inwoners bij de daadwerkelijke uitvoering van beleid. Dit is dus een kans om de band te versterken tussen lokale samenleving en lokaal bestuur.
Voorbeelden: inwoners maken zelf een plan voor de energietransitie voor een wijk of dorp en misschien hebben zij ook wel de leiding bij de uitvoering van dit plan. Of de Fietsersbond gaat, samen met inwoners, werken aan veilige fietsroutes naar scholen. Of boeren die invulling geven aan de gebiedsontwikkeling van natuur en landbouw, zoals dat in diverse regio’s op de rol staat en door het nieuwe kabinet ook wordt bepleit.
Een andere mogelijkheid is dat de samenleving vooral meedoet bij de voorbereiding van beleid. De gemeenteraad geeft aan de samenleving de mogelijkheid om het beleid samen met ambtenaren te gaan maken. Zoals het behouden van buurthuizen, verenigingsgebouwen en dorpswinkels in dorpen en wijken, wat Jetten bepleit met de instelling van een gemeenschapsfonds. Door inwoners van het begin af aan te laten meedenken over voorzieningen in hun buurt en de plannen mee te laten uitwerken, is de kans groter dat er voorzieningen behouden blijven of komen, die daadwerkelijk aansluiten bij de behoeften. En waar inwoners zelf een bijdrage aan willen gaan leveren.
De gemeenteraden moeten dus in 2026 aan de bak en aangeven of en hoe inwoners echt kunnen gaan meedoen. Met duidelijke en transparante spelregels in de Participatieverordening. Dit is de kans voor iedere gemeenteraad om de relatie tussen bestuur en samenleving te versterken en samen met inwoners vorm te geven aan de lokale gemeenschap. En daarmee de ambities van het kabinet-Jetten te ondersteunen.
Thijs Harmsen, Kennisnetwerk participatie

Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.