Onderzoekers waarschuwen dat het schrappen van huishoudelijke hulp uit de Wmo 2015 weliswaar geld bespaart, maar tegelijkertijd leidt tot hogere kosten in de langdurige zorg. De maatregel zorgt ervoor dat mensen sneller in een zwaarder zorgregime terechtkomen. Dat heeft volgens de onderzoekers negatieve effecten op de personele houdbaarheid.
Schrappen huishoudelijke hulp drijft kosten langdurige zorg op
De hulpvraag verdwijnt niet, die verschuift slechts
Dat staat in het eindrapport van het onderzoekstraject over de houdbaarbaarheid van de Wmo 2015. Hoewel deze publicatie eind oktober al verscheen, is de analyse opnieuw relevant. Coalitiepartijen D66, CDA en VVD zijn namelijk van plan om huishoudelijke hulp per 1 januari 2029 niet langer als Wmo-maatwerkvoorziening aan te bieden. Mensen die daartoe in staat zijn, zouden hun hulp dan zelf moeten betalen. De maatregel moet volgens het coalitieakkoord 435 miljoen euro opleveren.
Verschuiving
Volgens de onderzoekers levert het schrappen van huishoudelijke hulp inderdaad een besparing op binnen de Wmo 2015. Maar de hulpvraag verdwijnt niet, die verschuift slechts. Een deel van de cliënten zal overstappen naar wijkverpleging, wat leidt tot hogere uitgaven binnen de Zorgverzekeringswet (Zvw). Anderen stromen door naar de Wet langdurige zorg (Wlz), terwijl zij al wijkverpleging hadden. Per saldo ontstaat een besparing in de Zvw, maar nemen de uitgaven in de Wlz toe. ‘De maatregel zorgt voor hogere kosten in de Wlz en verslechtert hiermee de financiële houdbaarheid van de Wlz’, aldus de onderzoekers.
Personeelskrapte
Het rapport wijst ook op maatschappelijke effecten. ‘Bij kwetsbare mensen kan het wegvallen van huishoudelijke hulp bijvoorbeeld leiden tot vereenzaming of vervuiling van het huis’, stellen de onderzoekers. Dat kan leiden tot eerdere opname in een verpleeghuis. Een deel van de cliënten zal dan gebruik gaan maken van zwaardere zorgvormen, waardoor de vraag naar verzorgenden en verpleegkundigen stijgt. ‘Doordat de personeelskrapte bij deze beroepen veel groter is dan bij huishoudelijke hulpen, zal deze maatregel eerder leiden tot een verslechtering van de personele houdbaarheid binnen de zorg dan een verbetering’, is te lezen in de publicatie.
Daarnaast vermoeden de onderzoekers een verschuiving naar informele zorg, zoals mantelzorg. Het extra beroep op mantelzorg heeft naar verwachting een beperkt negatief effect op het arbeidsaanbod in de economie als geheel.
Inkomens- en vermogensafhankelijk
In vergelijking met het volledig schrappen van huishoudelijke hulp, zien de onderzoekers meer heil in een inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage. Die verbetert eveneens de financiële houdbaarheid, maar tast de toegankelijkheid van zorg en ondersteuning minder aan en bevordert solidariteit met mensen met lagere inkomens. ‘Vanuit het perspectief van maatschappelijke houdbaarheid verdienen eigen betalingen de voorkeur boven het afschaffen van voorzieningen’, concluderen de auteurs.
In maart 2025 diende staatssecretaris Vicky Maeijer (PVV) een wetsvoorstel in om het abonnementstarief in de Wmo te vervangen door een inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage. Na de val van het kabinet-Schoof verklaarde een Kamermeerderheid het wetsvoorstel echter controversieel. Momenteel ligt de behandeling nog steeds stil.

Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.