Het leek een win-win op alle fronten. Het verduurzamen van kwetsbare wijken zou de energietransitie vooruithelpen, armoede bestrijden en wijken sociaal veerkrachtiger maken. In 2018 ging men dan ook vol ambitie aan de slag met het plan Verduurzaming van Kwetsbare Wijken (VKW).
Warmtetransitie kwetsbare wijken uiterst ingewikkeld
Met het Klimaatakkoord van Parijs vers in het geheugen, ging de Verduurzaming van Kwetsbare Wijken vol ambitie van start. Maar lukte het?
In een rapport blikken onderzoekers terug op zeven jaar verduurzamen. De praktijk bleek weerbarstig, blijkt uit onderzoek dat Platform 31 deed, samen met de Nyenrode Business Universiteit en het Verwey-Jonker Instituut. ‘Zeven jaar na de start van VKW is duidelijk dat de warmtetransitie in kwetsbare wijken nog steeds uiterst ingewikkeld is’, staat in de conclusie van het rapport. Toch zijn er ook concrete doelen behaald, zo worden bewoners nu vanaf het begin bij proces betrokken. Binnenlands Bestuur sprak met twee van de onderzoekers.
Doel
Onderzoeker Matthijs Uyterlinde van het Verwey-Jonker Instituut is vanaf het begin in 2018 betrokken bij het programma VKW. ‘De energietransitie kwam op ons af, de klimaatdoelen van Parijs, het energieakkoord, kortom: gemeenten moesten aan de slag’, zegt Uyterlinde. ‘Tegelijk zagen we in de kwetsbare wijken achterstanden en opgaven als het ging om verduurzaming. De energietransitie wilden we benutten als een soort hefboom om betere wijken te realiseren. De ambitie was om die twee werelden, sociale wijkaanpak en verduurzaming, met elkaar te verbinden’, zegt de onderzoeker van het eerste uur.
Voor hoe dat er concreet uit moest zien, gebruiken de onderzoekers het woord koppelkansen. ‘Als er mensen in de wijk wonen die geen baan hebben, en de verduurzaming levert werk op, zou je die mensen kunnen opleiden’, noemt Uyterlinde als voorbeeld. ‘Of als de straat opgebroken moet worden voor een nieuw warmtenet, kan je meteen nadenken over hoe je het teruglegt. Hoe maak je de wijk aantrekkelijker? Kan je bijvoorbeeld meteen ruimte maken voor groen of een speeltuin?’
Onderzoeker Jesse Rinsma van Platform 31 vertelt dat er twintig gemeenten bij dit programma betrokken waren. ‘De gehele wijk werd niet meteen op de schop genomen’, zegt ze. ‘Je moet denken aan kleinere verduurzamingsacties, die de wijk stap voor stap duurzamer maken. Als wijken van het gas afgaan, is het belangrijk om ook cursussen aan te bieden voor koken op inductie. Zo komt ook de sociale component erbij. Of leren wat verschillende manieren zijn om je huis te isoleren.’
Onrust
Op een aantal punten loopt het project vast. Ten eerste voelde in 2018, kort na het klimaatakkoord in Parijs, de energietransitie en het behalen van de doelen urgent. Dit werd minder door de coronacrisis, de oorlog in Oekraïne en het Midden-Oosten, politieke instabiliteit in Den Haag en de tanende relatie met de Verenigde Staten.
Ook bleek de samenwerking op verschillende vlakken lastiger dan gedacht. In het rapport staat dat hoewel er raakvlakken zijn tussen de energietransitie, armoedebestrijding, arbeidsmarkttoeleiding of het bestrijden van eenzaamheid, samenwerking met het sociaal domein minder soepel van de grond komt.
Uyterlinde: ‘Het sociaal domein werkt op een andere manier dan het fysieke domein. Op het sociale domein is vooral gericht op de korte termijn. Terwijl er jaren over de fysieke aanleg van een warmtenet heen gaat.’
Niet alle gemeenten hadden meteen de noodzaak door, bleek uit interviews die de onderzoekers afnamen. ‘Iedereen vond het wel belangrijk, maar de urgentie miste’, zegt Uyterlinde.
Daarbij werden de bewoners niet op tijd betrokken bij de projecten zegt Rinsma: ‘Het idee was dat er eerst een plan moest liggen, voordat er contact gelegd werd met de bewoners. Dat bleek niet goed te werken. Later in het programma werden bewoners er al vanaf het begin bij betrokken. Dat geeft bewoners een gevoel van eigenaarschap.’
Te hoge ambities?
Het komt ambitieus over: armoede aanpakken en verduurzamen. Waren de ambities niet te hoog of te naïef? ‘Nee’, zeggen de onderzoekers. ‘Je moet de lat hoog leggen, je moet ambitieus zijn. Dat is nodig omdat je te maken hebt met een transitie. Dat betekent dat allerlei bestaande systemen, wetten en regels moeten veranderen. Dat kost tijd’, legt Uyterlinde. Ondanks dat de chaosperiode nog niet achter de rug is, zien de onderzoekers dat de samenwerking vruchtbaarder is dan een paar jaar geleden.
Gemeenten
En daar ligt ook een rol voor gemeenten. Rinsma: ‘We beseffen dat er bij ambtenaren niet altijd voldoende tijd en ruimte is om onze bijeenkomsten bij te wonen. Toch is het belangrijk om, ook al zie je niet meteen resultaat, wel mee te doen en van elkaar te leren als gemeenten.’ Rinsma beseft dat er verschillen zijn per gemeente, maar de transitie is overal gaande: ‘Door van elkaar te leren, kan je sneller handelen en hoef je niet tegen dezelfde fouten aan te lopen als je voorgangers.’
Uyterlinde: ‘Leer van de fouten en de successen. En ik zou graag de tip meegeven: zet door. Volhouden helpt. Besef dat het een kwestie is van de lange adem.’ Ook geeft de onderzoeker aan een goede analyse te maken van het gebied: ‘Kijk verder dan energielabels, maar let ook op wie er in de wijken woont.’
Conclusies
En daar vloeit meteen een van de belangrijkste aanbevelingen uit voort. De bewoners moeten op tijd betrokken worden. Dat helpt enorm met het draagvlak, maar ook met het weghalen van angst, bijvoorbeeld voor hoge kosten. Rinsma: ‘We hebben gezien dat dit echt werkt, het geeft meer vertrouwen.’
Ook is het goed om het leerproces vast te leggen en te delen, zodat niet elke gemeente het wiel opnieuw uit moet vinden. Er moet op heel veel verschillende vlakken worden samengewerkt. Investeer in gezamenlijke, haalbare doelen en duurzame, structurele relaties.
Klinkt mooi, maar is de animo er wel? ‘Ja’, zegt Rinsma. ‘Dit programma VKW stopt na zeven jaar, maar het is voortgezet onder de naam Verduurzaming en Energiearmoede in Kwetsbare Wijken, waarmee drie programma's zijn samengevoegd.'
Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.