Met een klaagrede deze week in de Telegraaf, verhoogde voorzitter Ina Adema van het Interprovinciaal Overleg (IPO) de druk op op infrastructuurminister Vincent Karremans. ‘Als je dan ook nog stopt met investeren, zet je Nederland verder dicht’, zei de commissaris van de koning van Noord-Brabant. ‘Het probleem is niet de verdeling, het probleem is dat er te weinig geld is.’
Het is wachten op Karremans’ Kamerbrief van september
Pas dan weten alle overheden welke infrastructuurprojecten geld krijgen. Want er moeten keuzes gemaakt worden.
Noord-Brabant is een provincie die al langer klaagt over de vele snelwegprojecten die er zijn stopgezet vanwege geldgebrek. Dat gebeurde al vanaf Rutte-IV. ‘Als dit niet verandert, krijgen we Belgische toestanden met de kwaliteit van onze infrastructuur’, zei gedeputeerde Stijn Smeulders eerder tegen Binnenlands Bestuur.
Weinig openheid
Maar minister Karremans gaf deze week weinig duidelijkheid over waarop Noord-Brabant en andere overheden mogen hopen, tijdens het commissiedebat afgelopen dinsdag in de Tweede Kamer over de bereikbaarheid in Nederland. Hij wilde op geen enkel individueel infrastructureel project ingaan, en verwees naar de Kamerbrief die hij in september uitstuurt. Die Kamerbrief beschrijft tot op projectniveau welke keuzes het kabinet maakt. Tot die tijd houdt de onzekerheid dus aan.
Adema’s kritiek in de Telegraaf relativeerde hij vanuit zijn voormalige rol als mobiliteitswethouder in Rotterdam: ‘Wij hebben met de deeloverheden goed contact gehad. Als zij alsnog de Telegraaf willen opzoeken om hun punt te maken, dan ga ik daar niet over. Ik ben zelf wethouder geweest, en het is toch minstens de helft van je kerntaak als lokaal bestuurder om te vertellen dat het rijk jou meer geld moet geven. Dat hoort ook bij dit proces, denk ik.’
Finale openheid
De finale beslissing over de verdeling van de miljarden uit zowel het Deltafonds als het Mobiliteitsfonds vindt plaats met de Voorjaarsbegroting van 2027. Kamerleden kunnen dan amendementen indienen als ze het oneens zijn met de verdeling van het geld door het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat over de talloze infrastructuurprojecten in Nederland.
De overheidskoepels gebruiken grote woorden om lucht te geven aan hun zorgen. Gemeentekoepel VNG liet deze week weten: ‘Op het gehele netwerk (hoofdwegennet, onderliggend wegennet en spoor) zullen we steeds meer te maken krijgen met gewichts- en snelheidsbeperkingen, rijbaanafsluitingen en uitval van schakels. Dat legt druk op de rest van het netwerk, dat door diezelfde problematiek steeds minder mogelijkheden biedt voor omrijden en alternatieve routes. Als het kabinet niet met een goed plan komt om deze effecten zo goed als mogelijk te beheersen, dan loopt Nederland vast.’
Einde levensduur
Afgelopen februari beschreef een rapport van adviesbureau Arcadis: ‘Alle gemeenten en provincies lopen aan tegen de snelle veroudering van bestaande infrastructuur. Veel infrastructuur is nu aan het einde van de levensduur, waardoor de onderhoudskosten oplopen en de vernieuwingsvraag steeds acuter wordt.’ Met name de provincies Noord-Holland, Zuid-Holland en Utrecht en de grote gemeenten hebben hier volgens het adviesbureau mee te maken.
Verbrossing
In een recente Kamerbrief schetsten Karremans en staatssecretaris Annet Bertram wat de systematiek voor de verdeling van het geld zal zijn. Op de eerste plaats komt de veiligheid. In het rapport Staat van de Infrastructuur staat bijvoorbeeld beschreven dat er risico’s bestaan rond ‘de kwetsbaarheid van tandnokconstructies en de waterstofverbrossing bij bruggen’.
Die verbrossing is zichtbaar bij dertien bruggen op het hoofdwegennet, de kwetsbare tandnokcontructies bij nog eens negentig bruggen.
Vernieuwing als het moet
Na veiligheid geldt als tweede afweging: ‘Levensduurverlenging waar het kan, vernieuwing waar het moet.’ Daarnaast wil het kabinet zich houden aan de afspraken die er liggen voor de aanleg van infrastructuur voor nieuwbouwprojecten. De projecten die daarna resteren, worden gewogen op uitvoerbaarheid, landsbelang, de mate van co-financiering, en de totale kosten.
Om voor de toekomst financiële ruimte te winnen, laat het kabinet onderzoeken wat het oplevert als ook gekeken wordt naar fiscale oplossingen en zelfs naar het privaat laten financieren en exploiteren van infrastructuur. Voor het einde van het jaar laat Karremans in een Kamerbrief weten wat de inzichten zijn.
Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.