Nu twee jaar geleden kreeg de Natuurherstelverordening net genoeg stemmen om deze verstrekkende Europese natuurwet doorgang te laten vinden. Deze bindende verordening legt de lidstaten nu herstelmaatregelen op voor de Natura2000-gebieden, maar ook voor natuurgebieden die eerder minder strikt beschermd werden. In Nederland gaat bijvoorbeeld het Natuurnetwerk Nederland ook meetellen.
‘Stel dat Amsterdam groen weghaalt, moeten wij dan iets extra’s doen?’
Verstedelijkte gemeenten moeten werken aan de Europese groeneisen.
Dat niet alleen: veel gemeenten krijgen tot met met 2030 een instandhoudingsverplichting opgelegd voor stedelijk groen en boomkroonbedekking. Daarna geldt vanaf 2031 de eis dat de landelijke hoeveelheid groen in verstedelijkte gemeenten toeneemt. Uiterlijk eind 2028 maakt Brussel bekend hoe ver dat stedelijk groen moet groeien.
Gesprekken
Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) kreeg van het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening de opdracht een wetenschappelijk licht op deze Brusselse eisen te laten schijnen. Voor het nieuwste rapport hebben onderzoekers van het PBL gesproken met groenambtenaren en -wethouders van negen exemplarische Nederlandse gemeenten. Deze interviews geven een eerste beeld van de lastigheden waarvoor gemeenten een oplossing moeten zoeken.
Betegelen
Duidelijk is dat het ambtenaren en bestuurders extra hoofdpijn gaat bezorgen als huishoudens hun voor- of achtertuin betegelen. Want particuliere tuinen, evenals het groen op gronden van bedrijven, vormen ongeveer twee derde van het stedelijke groen waarover de Natuurherstelverordening gaat.
Volgens de definitie in de nieuwe Europese wet omvat stedelijk groen ‘onder meer stadsbossen, parken en tuinen, stadsboerderijen, met bomen omzoomde straten, stadsweiden en -heggen’. Op privé-groen heeft de overheid echter beperkt invloed. ‘Harde handhaving op privéterrein is praktisch onmogelijk’, schrijft het PBL. ‘Communicatie, educatie en het creëren van draagvlak zijn daarom belangrijke sleutels tot succes.’
Geen Zwitsers
Een andere moeilijkheid is dat ‘groen’ geen sluitpost meer kan zijn op gemeentelijke begrotingen. Dat wringt met andere taken. ‘Ik ben wethouder groen, maar ik bezuinig liever op groen dan dat ik moet bezuinigen op het sociaal domein’, liet een wethouder van een kleine gemeente aan het PBL weten.
Ook zei een wethouder: ‘Geen geld, geen Zwitsers.’ Waarmee hij of zij bedoelt: als het rijk niet met financiering komt, lopen gemeenten straks vast.
‘De aankomende gemeentelijke bezuinigingen dreigen – volgens de geïnterviewde ambtenaren en wethouders – bovendien het groendomein als eerste te raken, ook omdat visie en ambitiedocumenten met betrekking tot groen meestal niet vertaald zijn in financiële besluiten’, schrijven de onderzoekers.
Doorkruisen
Meerdere ruimtelijke claims kruisen elkaar: woningbouw en aanleg van infrastructuur is in veel plaatsen van groot belang, wat de vraag oproept waar straks extra groen tot stand moet komen. De buigzaamheid die de Europese wet biedt, kan leiden tot wrijving tussen gemeenten. Vanaf 2031 moet op landelijke schaal het stedelijke groen toenemen, dus kan het gebeuren dat gemeenten met de vinger naar elkaar wijzen. ‘Veel Nederlandse steden zijn compact en bieden weinig ruimte, wat ertoe leidt dat beoogde percentages mogelijk niet overal gehaald kunnen worden.’
De kans bestaat dat een grote gemeente bijvoorbeeld vindt dat zij vooral een taak heeft qua werkgelegenheid, woonruimte en culturele voorzieningen, en dat anderen dus de opdracht hebben om te zorgen voor de door Brussel geëiste groenhoeveelheid. ‘Stel dat Amsterdam groen weghaalt, moeten wij dan iets extra’s doen?’, klonk het bij een middelgrote gemeente, zo citeert het rapport van het PBL.
Parkeerplaatsen
De parkeernormen van veel gemeenten zitten meer groen ook in de weg. Een niet-verplichte parkeernorm van verkeersplatform CROW heeft volgens sommigen in de gemeentelijke praktijk meer gewicht dan zoiets als de informele ‘3-30-300-regel’. Dat ezelsbruggetje staat voor: drie bomen zichtbaar vanuit het huis, 30 procent boomkroonbedekking in de woonwijk en 300 meter afstand tot het dichtstbij gelegen park.
Bomen hebben wortels
Een andere opmerking is dat Brussel weliswaar met boomkroonbedekking rekent, maar ogenschijnlijk vergeet dat bomen ook wortelruimte nodig hebben. Voor boomwortels kan een gemeentegrond te vol zijn, gezien alle kabels en leidingen die als een spaghetti in bodems liggen. ‘Over die discussie hebben we het nog niet genoeg’, liet een strategisch adviseur weten.
Deze strijd om de ondergrond kan botsing geven tussen gemeenten en verschillende marktpartijen, met hun telecom- en glasvezelkabels.
Uitzonderingen
Niet alle gemeenten in Nederland zullen de druk van de Natuurherstelverordening gaan voelen. Wie nu al genoeg groen en boomkroonbedekking heeft, wordt uitgezonderd. Wat meespeelt, is dat Brussel ook water ziet als ‘groen’.
‘Duidelijk zichtbaar is dat gemeenten die voldoen aan boomkroonbedekking vooral rond de Utrechtse Heuvelrug en de Veluwe liggen en gemeenten die voldoen aan het oppervlak stedelijke groene ruimte in weidegebieden of langs grote wateren liggen, zoals het Groene Hart de Veluwerandmeren en het IJsselmeer’, schrijft het PBL in een tweede, technischer rapport dat dinsdag verscheen. ‘Alleen de gemeenten die aan beide voldoen komen in aanmerking voor uitsluiting.’
Raalte en Kapelle
Eerst leek het dat de twee gemeenten Raalte en Kapelle genoeg boomkroonbedekking (oftewel: 10 procent) hadden en zodoende mogelijk niet onder de Natuurherstelverordening gingen vallen. Maar volgens een herberekening van het PBL is dat toch net niet het geval (zie pagina 13 van het betreffende rapport). Uiteindelijk maken 110 gemeenten kans uitgesloten te worden van de Natuurherstelverordening. Dat geldt onder meer voor gemeenten in de Noordoostpolder, de Noord-Brabantse gemeente Land van Cuijk met enkele oostelijke buren, een flinke hoeveelheid gemeenten tussen Utrecht en Amersfoort, de gemeente Groningen samen met meerdere buurgemeenten, en een handvol gemeenten in Twente. Dan resteren er 191 gemeenten die sowieso moeten voldoen aan de Natuurherstelwet.
Zie de afbeelding hieronder uit één van de PBL-rapporten, die aangeeft welke rurale gemeenten niet onder de verordening vallen en welke verstedelijke gemeenten eveneens ‘mogelijk’ een uitzondering krijgen:
Unanieme roep
De onderzoekers van het PBL besluiten: ‘Er is onder de gesproken gemeenten een urgente, unanieme roep om duidelijkheid vanuit het rijk over wat deze Natuurherstelverordening-opgave precies voor hen gaat inhouden, vooral na 2030.’ De gemeenten willen vooral meer duidelijkheid over wat nou precies van hen verwacht wordt, en hoeveel het rijk gaat meebetalen.
Lees ook dit eerdere stuk van Binnenlands Bestuur: De natuurherstelwet: boeren en bouwers worden flink nerveus.
Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.