Met de huidige zomerse temperaturen is het moeilijk voor te stellen, maar komende winter zullen opnieuw honderdduizenden Nederlanders moeite hebben om hun energierekening te betalen. De Energiebank in Arnhem helpt al tien jaar Arnhemmers die kampen met energiearmoede. Persoonlijk contact via een energiecoach, een lange adem en samenwerking met de gemeente zijn daarbij essentieel.
Aanpak energiearmoede is effectief door persoonlijk contact
'Energiecoaches zijn helden, vindt Bouwkamp. Ze gaan rustig tien keer langs bij inwoners. En bellen net zolang aan totdat de deur opengaat.'
Cathelijne Bouwkamp, voormalig GroenLinks-wethouder duurzaamheid in Arnhem, had er zelf in het begin ook moeite mee. Coaches inzetten die meerdere keren bij mensen langskomen? Vier of vijf gesprekken voeren met één huishouden? Moeten wij als gemeente niet juist zo snel mogelijk zoveel mogelijk mensen helpen? ‘Dan merk je dat een gemeente erg stuurt op aantallen en efficiëntie’, zegt Bouwkamp.
Ze is blij dat ze zich destijds, nu zo’n zeven jaar geleden, heeft laten overtuigen door Stichting Energiebank dat intensieve persoonlijke hulp echt nodig is om inwoners die kampen met energiearmoede zo goed mogelijk te helpen. Sinds de gezamenlijke start in 2021 maakten 6.200 huishoudens in de gemeente gebruik van deze hulp. Arnhem is daarmee de eerste gemeente in Nederland die, nog vóór de energiecrisis, intensief samenwerkte met de Energiebank.
De rol van gemeenten
Hoe ziet de aanpak in Arnhem er precies uit? De energiecoaches in Arnhem werken op vrijwillige basis of als zzp’er. Na een korte, intensieve training gaan ze bij huishoudens langs waarvan bekend is dat ze moeite hebben om de energierekening te betalen. ‘Daarbij speelt de gemeente een rol’, weet oud-wethouder Bouwkamp. ‘Wij leggen de koppeling met de corporaties om na te gaan waar de slechtste huizen en de meest schrijnende gevallen zich bevinden als het om armoede gaat. Samen met de Energiebank bepalen we waar we de focus leggen.’
Energiecoaches zijn helden, vindt Bouwkamp. Ze gaan rustig tien keer langs bij inwoners. En bellen net zolang aan totdat de deur opengaat. En dat zijn wij als overheid niet meer gewend, meent ze. ‘Nu wordt er vaak gezegd: ik heb deze inwoners gebeld maar ze nemen niet op, dan willen ze dus geen hulp. Wat dat betreft hebben wij veel geleerd van de energiecoaches die denken: hoe meer de deur dicht blijft, hoe zekerder ik weet dat juist deze mensen hulp nodig hebben.’
Bewoners opleiden tot energiecoach
Uit de data die de gemeente en de Energiebank de afgelopen jaren verzamelden, blijkt dat deze werkwijze effectief is. Bouwkamp noemt als voorbeeld de wijk Malburgen, waar de aanpak aanvankelijk niet goed van de grond kwam. ‘Maar ineens ging het veel beter. Toen bleek dat er inwoners uit de wijk zelf waren opgeleid tot energiecoaches. En dat werkte, maar het duurde een tijdje voordat het was geland.’
Bovendien bleek uit eerder onderzoek in Frankrijk en Engeland dat de inzet van een energiecoach een positieve invloed heeft op de gezondheid van mensen. Voor de gemeente Arnhem was dat destijds een van de redenen om met het project te starten. Vorig jaar deed TNO onder meer in Arnhem onderzoek op dit gebied.
Ook uit deze resultaten blijkt dat de zorgkosten en het medicijngebruik van inwoners kunnen dalen door de inzet van een energiecoach. Zo kan een betere ventilatie astmaklachten verminderen, terwijl meer warmte en minder vocht reumatische klachten kunnen verlichten. ‘En daar sta je dan als energiecoach met je ledlamp en je tochtstrip. Terwijl er niet eens een bed is voor de kinderen. Dan voel je je zo tekortschieten.’
Aansluiting met wijkteams
Zorgen voor een betere aansluiting met de wijkteams was een van de problemen die Bouwkamp vanuit de gemeente kon aanpakken. ‘Juist daarom is die samenwerking tussen de Energiebank en de gemeente zo belangrijk’, licht ze toe. ‘Ik denk dat wij als gemeente moeten doen wat nodig is. En niet moeten denken: in welk vakje past dit? En wie moet er dan langskomen?’
De belangrijkste les die andere gemeenten kunnen meenemen uit de ervaringen van Arnhem, is dat je de aanpak inzet om de gemeenschap te versterken en huishoudens te helpen daar waar ze het echt nodig hebben, vindt Bouwkamp. ‘Dat je een warm huis hebt en je kind warm kan douchen, dat zijn gewoon basisbehoeften die vervuld moeten zijn. Ik vind het niet terecht om als gemeente te zeggen dat je daar niet over gaat. Want daar ga je absoluut wel over! Wat mij betreft gaat dit over bestaanszekerheid en respect naar je inwoners toe.’
Dit is een ingekorte versie. De volledige versie is te lezen in de papieren editie van Binnenlands Bestuur nr. 14.
Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.