Geweld en agressie tegen agenten, boa’s, brandweerlieden en ambulancepersoneel wordt meestal gepleegd door jonge mannen met een gemiddeld lagere opleiding en inkomen dan de algemene bevolking. En personen met een niet-Europese achtergrond zijn relatief oververtegenwoordigd.
Aanvaller hulpverlener meestal jong, lager opgeleid en man
Driekwart van de verdachten/daders heeft antecedenten, ruim de helft is eerder verdachte geweest van een geweldsmisdrijf.
Motieven
Dat blijkt uit onderzoek dat in opdracht van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum (WODC) is uitgevoerd door DSP in samenwerking met Ipsos I&O. Het onderzoek, gedaan op verzoek van het ministerie van Justitie en Veiligheid, moest inzicht geven in de kenmerken en motieven van verdachten/daders en het verloop van de agressie- en geweldsincidenten. Dat zou kunnen bijdragen aan het vormgeven van gericht beleid om agressie en geweld te voorkomen en de weerbaarheid van hulpverleners te vergroten.
Kwetsbaar
Eenduidige daderprofielen bleken niet te onderscheiden, maar wel konden de onderzoekers bepaalde kenmerken, achtergronden en motieven naar voren halen. Zo blijken verdachten/daders van agressie en geweld tegen hulpverleners veelal mannen en relatief jong, met een sterke oververtegenwoordiging van personen tussen 18 en 29 jaar. De sociaaleconomische positie van verdachten/daders betitelen de onderzoekers als ‘doorgaans kwetsbaar’: ze zijn gemiddeld lager opgeleid, hebben een lager inkomen en ontvangen vaker een uitkering dan de algemene bevolking.
Frustratie
Wat opvalt is dat ongeveer 30 procent in de afgelopen vijf jaar is geregistreerd vanwege onbegrepen gedrag. Driekwart van de verdachten/daders heeft antecedenten, ruim de helft is eerder verdachte geweest van een geweldsmisdrijf. Vaak zijn ze gedreven door frustratie, machteloosheid, ervaren van onrecht of uitzichtloosheid. Een grote rol spelen zogeheten situationele escalaties van ongepland geweld tijdens een interactie met hulpverleners, versterkt door alcohol- en drugsgebruik en groepsdruk.
Nationaliteit
De onderzoekers hebben via de CBS-data ook kunnen inzien wat de nationaliteit en herkomst is van verdachten zelf. Uit die analyse blijkt dat personen met een niet-Europese achtergrond vaker worden verdacht van agressie en geweld tegen hulpverleners, dan op grond van het aandeel in de Nederlandse bevolking is te verwachten. Wordt gekeken naar herkomst – van de verdachte zelf en diens ouders – dan blijken verdachten met een Marokkaanse, Poolse Eritrese, Somalische, Surinaamse en Nederlands-Caribische achtergrond relatief oververtegenwoordigd.
De-escalatie
De onderzoekers stellen dat het voor een effectieve aanpak van geweld tegen hulpverleners onvoldoende is om enkel op daderprofielen te focussen. Agressie en geweld tegen hulpverleners kan alleen goed worden begrepen ‘wanneer we het verloop van het incident kennen’, stellen ze. ‘Daarnaast dienen ook de situatie en de context waarin agressie en geweld zich voordoen in acht te worden genomen.’
Verstandig achten ze het triggers voor geweld te herkennen, risico-en situatiebewust op te treden en ‘adequate communicatie’ in te zetten ter preventie en de-escalatie. Daarbij is het zinvol situatiegerichte periodieke trainingen te houden en samen te werken met ondersteunende partijen, zoals de politie dat is voor boa's, brandweer en ambulance.

Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.