Van alle zorgen die gemeenten over de Spreidingswet hebben, zijn de uitvoeringskosten wel de minste. Veel meer zorgen hebben zij over de uitvoerbaarheid. In veel gemeenten gaat het redelijk goed, maar in veel andere leidt de wet tot bestuurlijke brokken.
Wel beloofd, niet gegeven
Van alle zorgen die gemeenten over de Spreidingswet hebben, zijn de uitvoeringskosten wel de minste.
De kosten zijn dan slechts bijzaak. Daarom viel het niemand op dat staatssecretaris Van der Burg (Asiel en Migratie) drie jaar geleden wel beloofde het rapport over de uitvoeringskosten van de gemeenten voor de Spreidingswet openbaar te maken, maar dat niet deed. Pas door een Woo-verzoek is dat rapport onlangs bekend geworden.
Gemeenten hoeven de kosten van de opvanglocaties niet zelf te betalen, dat doet het COA. Maar gemeenten krijgen wel de rekening voor de voorbereiding: locaties zoeken, onderzoeken of ze geschikt zijn, inwoners informeren, keuzes maken. En heel veel beleidsplannen maken en regelen. De bewoners van de opvanglocaties hebben onderwijs, (jeugd)zorg en werkbemiddeling nodig. De omwonenden willen veiligheidsplannen. Daarnaast zijn er nog de kosten van het overleg tussen alle betrokken overheden.
Gemeenten krijgen wel de rekening van de voorbereiding
In dat rapport werd geschat dat gemeenten dit alles zouden kunnen doen voor 15 miljoen euro per jaar. Minder dan 1 euro per inwoner per jaar dus. Uitgangspunt was twintigduizend opvangplekken per cyclus van twee jaar, op vijftig opvanglocaties van elk vierhonderd bewoners. Bij die 15 miljoen euro maakte het rapport enkele kanttekeningen. De Spreidingswet was nog niet eens aangenomen. Het was toen nog niet bekend dat élke gemeente een opvanglocatie zou moeten gaan zoeken. Verder was de raming alleen bedoeld voor de eerste cyclus van de Spreidingswet, dus voor 2023 en 2024. En golden de prijzen van 2023.
Pas in december 2024 kregen gemeenten via het gemeentefonds 15 miljoen euro voor de Spreidingswet in 2024. Eenmalig. En in september 2025 nogmaals 15 miljoen euro, voor de kosten van 2025. Opnieuw eenmalig, terwijl de kosten structureel zijn. En zonder nieuw onderzoek naar de kosten, zonder compensatie voor de inflatie, en zonder compensatie voor de groei: gemeenten moeten inmiddels honderdduizend opvangplekken leveren in plaats van twintigduizend.
Nogmaals, van alle zorgen die gemeenten over de Spreidingswet hebben, zijn de uitvoeringskosten wel de minste. Maar is dat een reden om gemeenten met de rekening te laten zitten?
Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.