Ik ben Harry van Bergen en werk voor de gemeente Amsterdam. Binnen mijn werkomgeving hebben in korte tijd mannelijke collega’s tot drie keer toe geweigerd om vrouwen de hand te schudden op basis van hun geloof, de islam. Deze vorm van discriminatie komt in ons land regelmatig voor. Er is sprake van een structureel probleem, terwijl de oplossing zo eenvoudig is.
Vrijheid van discriminatie versus vrijheid van godsdienst
Weigeren de hand van een vrouw te schudden is een vorm van discriminatie op basis van geslacht, die de helft van onze burgers aan kan gaan.
Drie incidenten binnen mijn werkomgeving doen vermoeden dat dit soort situaties binnen de Amsterdamse organisatie (met duizenden medewerkers en verschillende religieuze achtergronden) vaker voorkomen. Dit zal niet anders zijn binnen andere gemeentelijke, provinciale en landelijke overheidsorganisaties. Ook binnen instellingen en bedrijven gebeurt dit ongetwijfeld regelmatig. Daarmee lijkt sprake te zijn van een structureel probleem.
Vrouwen worden anders behandeld dan mannen, niet als hun gelijke
Het gaat hier om discriminatie waarbij ongeveer de helft (!) van onze burgers wordt of kan worden gediscrimineerd op basis van hun geslacht. Religieus-islamitische mannen geven vaak aan dat zij dit uit ‘respect’ voor de desbetreffende vrouwen doen: het schudden van de hand van een ‘vreemde’ vrouw zou lustgevoelens kunnen opwekken en zou volgens hun geloof een onreine daad zijn. In ons land vormt een handdruk echter een gangbare beleefdheidsvorm. Het is een uiting van wederzijds respect, ongeacht geslacht, geloofsovertuiging e.d. Het weigeren van het geven van een hand aan vrouwen op grond van het islamitische geloof botst hiermee. Vrouwen worden anders behandeld dan mannen, niet als hun gelijke. Dit druist in tegen het principe van gelijkwaardigheid en is strijdig met artikel 1 van onze Grondwet: Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens onder meer geslacht is niet toegestaan.
Ik heb het hier over discriminatie op basis van geslacht, ongeacht de intentie van degene die weigert vrouwen de hand te schudden. Die intentie, hoe respectvol en goed bedoeld die naar eigen zeggen ook is, doet namelijk niet per se ter zake voor degene van wie de hand wordt geweigerd. Diegene kan zich wel degelijk gediscrimineerd voelen, los van de intentie van de weigeraar. (NB: Het gaat hier niet om het handen schudden op zich. Mensen hebben het recht om geen handen te schudden, bijvoorbeeld in verband met corona, smetvrees e.d.)
Is het voor overheidsorganisaties, instellingen en bedrijven acceptabel dat vrouwen door hun werknemers worden gediscrimineerd, enkel en alleen op basis van hun geslacht? De Grondwet biedt hier geen eenduidig houvast. De ‘weigeraars’ beroepen zich namelijk op de vrijheid van godsdienst en in artikel 1 van onze Grondwet staat dit grondrecht nevengeschikt beschreven aan het grondrecht van vrijheid van discriminatie.
Vrijheid van godsdienst is een grondrecht, maar het mag niet leiden tot discriminatie. Iemand mag ervoor kiezen geen handen te schudden vanwege religieuze redenen, maar dit zou niet mogen resulteren in ongelijke behandeling op basis van geslacht. Dat hoeft ook helemaal niet. Een neutrale begroeting zonder fysiek contact, die voor iedereen gelijk is, vormt een passend alternatief. Dat alternatief is gewoon voor handen.
Organisaties kunnen eenvoudig gedragscodes hanteren waarbij de regel geldt dat medewerkers (of inhuurkrachten) niet mogen discrimineren en dat in voorkomende gevallen helemaal geen handen worden geschud, noch van vrouwen, noch van mannen. Hiermee wordt discriminatie vermeden en worden spanningen voorkomen tussen collega’s onderling, alsmede tussen ambtenaren en burgers. Tegelijkertijd wordt het recht op vrijheid van godsdienst gerespecteerd, want de Koran schrijft niet voor dat handen van mannen per se moeten worden geschud. Tot slot merk ik voor de volledigheid op dat de werking van gedragscodes zich beperkt tot de medewerkers (en inhuurkrachten) van de desbetreffende organisaties en dat deze gedragscodes geen werking hebben richting individuele burgers.
Harry van Bergen heeft dit artikel geschreven op persoonlijke titel

Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.