Statushouders gaan vaker en sneller aan het werk dan tien jaar geleden, vooral jonge mannen. De helft van de statushouders is na een halfjaar werkzaam in de horeca of uitzendbranche. Minder goed nieuws is dat het wachten op een verblijfsvergunning voor statushouders langer duurt. Asielzoekers afkomstig uit Iran moeten het meeste geduld hebben. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) in Asiel en Integratie 2026.
Statushouders aan de bak
Nieuws in beeld over de arbeidsdeelname van statushouders.
Aantallen statushouders
Tussen 2014 en de eerste helft van 2025 ontvingen ruim 311.000 mensen een verblijfsvergunning asiel en zijn daarmee statushouders geworden. Het aantal statushouders en wie dat zijn varieert per jaar. In 2014 was 57 procent van de statushouders 18 tot 45 jaar oud, terwijl dit in andere jaren lager lag, met het laagste aandeel van 36 procent in 2018. In de meeste jaren waren er meer mannelijke statushouders (rond 60 procent). Alleen in 2017 en in de eerste helft van 2025 werden er iets meer vergunningen verleend aan vrouwen.
Wachten duurt weer langer
Gemiddeld genomen over de periode 2014- 2025 wachtten statushouders 204 dagen op een verblijfsvergunning – geteld vanaf het moment dat ze voor het eerst in een COAopvanglocatie kwamen tot het moment dat ze een vergunning kregen. Dat is opnieuw een toename vergeleken met de gemiddelde wachttijd in eerdere rapportages. Asielzoekers met de Eritrese en Syrische nationaliteit kregen relatief snel een verblijfsvergunning (gemiddeld na 147 en 123 dagen). Personen met de Afghaanse en Irakese nationaliteit wachtten gemiddeld 399 en 407 dagen. Voor asielzoekers uit Iran was de gemiddelde wachttijd het langst met 699 dagen (bijna 2 jaar).
Sneller aan het werk
Statushouders mogen vrij werken in ons land. Bij statushouders van 18 tot 65 jaar die tussen 2014 en 2020 een verblijfsvergunning kregen, lag drie maanden later het aandeel werkenden op 3 procent. Daarna steeg dat aandeel geleidelijk tot 13 procent in 2024. Als statushouders langer een verblijfsvergunning hebben, zijn zij vaker aan het werk. Drie jaar na het verkrijgen van de vergunning in 2014 was 19 procent van hen aan het werk. Voor statushouders met een vergunning uit 2021 was dit aandeel bijna 33 procent. Na zeven jaar had bijna 52 procent van de statushouders met een vergunning uit 2014 een baan.
Horeca grote afnemer
Een half jaar na vergunningverlening werkte 28 procent van statushouders uit 2024 in de uitzendbranche en nog eens 26 procent in de horeca. Bij werkende vrouwen liep de horeca voorop, bij mannen de uitzendbranche. 10 procent van de statushouders die hun vergunning kregen in 2024 werkte in de detailhandel. Bij statushouders die hun vergunning kregen in 2014 was de horeca een half jaar na de vergunning de grootste sector: 39 procent van de statushouders werkte daar. In de totale beroepsbevolking werkte begin 2024 7 procent van de werknemers in de uitzendbranche, ongeveer evenveel als in 2014.
Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.