Overslaan en naar de inhoud gaan

Hou Social Return scherp, juist nu

Giancarlo Carboni en Renzo Deurloo in gesprek over verwatering, proportionaliteit en uitvoerbaarheid.

greenfox
Giancarlo Carboni (l.) en Renzo Deurloo (r. | Beeld: GreenFox

Social Return (SROI) staat onder druk. Arbeidsmarktkrapte en de opkomst van alternatieve invullingen leiden tot een breed pallet aan sociale activiteiten door opdrachtnemers, soms zo breed dat het instrument zijn oorspronkelijke doel uit het oog verliest. Giancarlo Carboni (stedelijk Bureau Social Return gemeente Amsterdam) en Renzo Deurloo (GreenFox Social Return) in gesprek over verwatering, proportionaliteit en uitvoerbaarheid.

Na de gemeenteraadsverkiezingen staan veel gemeenten voor de taak hun Social Return-beleid te herzien. Dat gebeurt in een bredere context: Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeverschap en Inkopen (MVOI) omvat inmiddels een breed palet aan doelstellingen — van klimaat en circulariteit tot arbeidsmarkt en sociale inclusie. Tegelijkertijd vergroot een krappe arbeidsmarkt de verleiding om Social Return in te zetten voor allerlei sociale activiteiten en als generiek rekruteringsinstrument, los van de oorspronkelijke doelgroep. En de rol van sociale ondernemers — partijen die hun bedrijfsvoering inhoudelijk hebben ingericht op begeleiding van mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt — verdient een steviger plek in het inkoopbeleid.

Dat maakt de volgende vraag actueel: hoe houden we Social Return realistisch, proportioneel en trouw aan zijn kern — duurzaam werk voor mensen die dat het hardst nodig hebben? Hoe voorkomen we dat het instrument verwatert tot een generieke invulling waarbij alles wat een beetje sociaal smaakt als waardevol telt?

Terug naar de basis: Social Return is een sociale eis, gekoppeld aan een specifieke opdracht en doelgroep, uitvoerbaar in de praktijk, en — waar mogelijk — ingericht om te gunnen op aantoonbare impact, met oog voor wat sociale ondernemers te bieden hebben. Carboni en Deurloo voeren dat gesprek al jaren, vanuit de verschillende rollen die ze hebben, vanuit de overheid en vanuit de markt. Niet als tegenpolen, maar als vakgenoten die geloven dat je Social Return alleen scherp houdt als je samen blijft kijken hoe het beter kan — voor de kandidaat en voor de stad.

Wat bedoelen jullie met verwatering van Social Return?

Carboni: Social Return is nooit bedoeld als generiek arbeidsmarktinstrument. Het is gekoppeld aan een specifieke opdracht (na een veelal grote aanbesteding), aan specifieke doelgroepen en aan arbeid. Wanneer dat uit beeld verdwijnt en alles 'sociaal' wordt, verliest het instrument zijn kracht. We zien in de praktijk dat de interpretatie van de doelgroep soms verschuift naar bredere groepen waaraan in algemene zin sociale waarde wordt toegekend. Dat lijkt inclusief, maar het tegenovergestelde gebeurt: juist mensen met een echte afstand tot de arbeidsmarkt blijven daardoor aan de kant staan.

Deurloo: In de uitvoering zien we hetzelfde mechanisme. Neem een concreet voorbeeld: je kunt een kandidaat uit de doelgroep een tijdelijk uitzendcontract aanbieden, hem zijn werk laten doen, en na een jaar gaat hij gewoon terug de bijstand in. Je investeert nul, maar je hebt wél Social Return-waarde geleverd. GreenFox doet het anders: wij zetten een jobcoach in, een loopbaancoach, bieden opleidingen aan, en begeleiden actief naar duurzame uitstroom. Dat is duurder, onze marge is lager, maar na dat jaar blijft de kandidaat weg uit de uitkering. Het probleem is dat beide aanpakken nu precies even zwaar meetellen. Dat is geen inclusie, dat is inflatie van het instrument.

Speelt er ook een juridisch probleem bij die verbreding?

Carboni: Zeker. Binnen het aanbestedingsrecht geldt dat Social Return als sociale eis proportioneel moet zijn en een relatie moet hebben met de gegunde opdracht. Op het moment dat je er een parapluterm van maakt waar alles onder valt, van algemene maatschappelijke initiatieven tot generieke inclusiedoelen, ontstaat daar spanning. Het is dan ingewikkeld om uit te leggen dat de eis nog echt gekoppeld is aan die specifieke opdracht en social return doelgroep. En waar Social Return geen toegevoegde waarde heeft, moet je het simpelweg niet toepassen en niet eindeloos oprekken.

Deurloo: Daar komt in mijn optiek de uitvoerbaarheid bij. Als een eis zo breed wordt dat iedereen er wel iets in kwijt kan, glipt de uitvoering weg. Dan krijg je papieren Social Return: vinkjes zetten in plaats van mensen daadwerkelijk aan werk helpen. Er worden met de beste bedoelingen uren geboekt op activiteiten die met arbeidsparticipatie weinig te maken hebben. Dat is zelden kwade wil, het is een gevolg van een instrument dat zo breed is geworden dat opdrachtnemers wel iets moeten verzinnen om aan de eis te voldoen.

Hoe ziet goede sturing er dan uit?

Deurloo: Voor mij begint het bij uitvoerbaarheid. Als een SROI-paragraaf op papier prachtig is maar in de praktijk niet te realiseren, weet je al dat de inzet wegzakt naar de makkelijkste invulling. Scherpere gunningscriteria helpen: niet sturen op aantallen uren, maar op duurzame plaatsing, begeleiding en aantoonbaar instroomresultaat. Beloon wat werkt, dan krijg je ook wat je wilt.

Carboni :  Dat sluit aan bij de richting die wij in een stad als Amsterdam kiezen: de focus terugbrengen naar daadwerkelijke sociale waarde in aanbestedingen. Dat betekent meer gewicht op gunningscriteria gericht op instroom, begeleiding en duurzame plaatsing, en scherpere sturing op aantoonbare arbeidsparticipatie in plaats van op indirecte maatschappelijke activiteiten, hoe waardevol die vaak ook zijn. Consistentie en voorspelbaarheid in de uitvraag en uitvoering helpen opdrachtnemers om serieus te investeren in een goede aanpak. Zonder die investering geen duurzaam werk.

En de positie van sociale ondernemingen in dit geheel?

Carboni: Daar ligt wat Amsterdam betreft een belangrijke route. Wij zien meerwaarde in meer directe of voorbehouden opdrachten voor sociale ondernemingen. Zij hebben hun bedrijfsvoering inhoudelijk ingericht op het begeleiden van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Dat is precies waar je als opdrachtgever sociale impact aantoonbaar inkoopt, in plaats van het achteraf als percentage aan een grote opdracht te koppelen. Maar we moeten ook realistisch zijn het aantal echte sociale ondernemers en sectoren waarin ze actief zijn is nog relatief klein als het gaat om directe inkoop. Social return blijft dus voorlopig nog wel een sociale eis bij grote aanbestedingen, denk ik.

Deurloo: Vanuit onze commerciële praktijk onderschrijf ik dat volledig. Wij werken bij grote opdrachtnemers aan de uitvoering van Social Return naast hun reguliere inzet. Juist daar zien we dat voorbehouden opdrachten een andere kwaliteit van plaatsing opleveren. Het is geen concurrentie voor de reguliere markt, het is aanvullend. Goed Social Return-beleid en meer ruimte voor sociale ondernemingen versterken elkaar.

Tot slot, als u het in één zin moet vangen?

Carboni: Social Return werkt alleen als het scherp blijft: geen verwatering van doelgroepen, geen inzet als generiek instrument voor allerei sociale activiteiten, wel meer ruimte voor sociale ondernemingen en duidelijker sturing op resultaat. Daarnaast is het belangrijk om ook te blijven benoemen dat social return maar een beperkte impact heeft als je nagaat wat het betekent op het totaal van inkoop door de overheid. De meeste impact is te maken door de totale inkoop op maatschappelijke impact: Inkopen met Impact (red: social return wordt alleen bij de allergrootste aanbestedingen toegepast). Daar is dus nog een hele wereld te winnen.

Deurloo: En het moet uitvoerbaar zijn. Als de uitvoering wegglipt, verwatert het instrument vanzelf. Houd het concreet, beloon wat werkt, dan komt Social Return terecht bij de mensen voor wie het bedoeld is. En handhaaf. Leg alles vast. Er zijn goede systemen die speciaal voor Social Return zijn ontwikkeld, zoals Wizzr, waarmee je de volledige uitvoering transparant en controleerbaar maakt. Wie niet handhaaft, geeft ruimte aan de vrijblijvendheid die het instrument uitholt.

Essentie van beiden: doe het goed of doe het niet, slechte uitvoering/handhaving wordt niemand vrolijk van.

Over de geïnterviewden

Giancarlo Carboni is oprichter en Manager van het Bureau Social Return van de gemeente Amsterdam. Renzo Deurloo is oprichter van GreenFox Social Return en werkt aan de uitvoering van Social Return bij commerciële opdrachtgevers.

Plaats als eerste een reactie

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.

Melden als ongepast

Door u gemelde berichten worden door ons verwijderd indien ze niet voldoen aan onze gebruiksvoorwaarden.

Schrijvers van gemelde berichten zien niet wie de melding heeft gedaan.

Bevestig jouw e-mailadres

We hebben de bevestigingsmail naar %email% gestuurd.

Geen bevestigingsmail ontvangen? Controleer je spam folder. Niet in de spam, klik dan hier om een account aan te maken.

Er is iets mis gegaan

Helaas konden we op dit moment geen account voor je aanmaken. Probeer het later nog eens.

Maak een gratis account aan en geniet van alle voordelen:

Heeft u al een account? Log in

Maak een gratis account aan en geniet van alle voordelen:

Heeft u al een account? Log in