‘Kan AI een bedrijf volledig zelfstandig runnen?’ Die vraag stond boven een interessant, zelfs vermakelijk interview met hoogleraar AI en audit Sander Klous in de Volkskrant. Hij vertelde over een experiment waarin hij AI-agents op eigen houtje een bedrijf liet opstarten. Hun vermogen om daar 24/7 energie in te steken nam niet weg dat ze al snel dubieuze beslissingen namen.
Lekker autonoom, maar waarheen?
Wat we zo graag autonomie noemen, komt in de praktijk vaak neer op het ontbreken van richting.
Zo wilden ze vooral in bitcoins gaan handelen. In het experiment werd daar snel een stokje voor gestoken door aan de agents enkele randvoorwaarden mee te geven. Maar ook daarbinnen bleven ze de neiging houden om aan de haal te gaan met zaken. Ze verzonnen bijvoorbeeld antwoorden waarvan ze dachten dat de supervisory board die wilde horen, en bedachten nieuwe protocollen om controlestappen te omzeilen.
Het bedrijf mislukte en het experiment slaagde, want het leverde waardevolle inzichten op. Mij zette het vooral aan het denken over waarom ik het gedrag van die AI-agents zo herkenbaar vond. Mijn gedachten gingen terug naar een periode waarin ik als programmamanager werkte in een team van ‘soortgenoten’. We hadden ieder onze eigen programma’s en opdrachtgevers en noemden onszelf graag ‘lekker autonoom’. Toen onze leidinggevende vertrok, kwam al snel de vraag op of het wel nodig was om die rol te vervangen. We konden toch prima zelfsturend zijn?
Mij sprak dat bepaald niet aan. Zelfs mét leidinggevende vond ik onze langdurige overleggen vaak al overstromen van eigengereide overtuigingen. Om het dan helemaal zonder iemand met knoop-doorhakbevoegdheid te doen, leek mij geen goed idee.
Sommige werkdomeinen worden gekenmerkt door vaagheid
Een iets actueler beeld dringt zich op via de ervaringen van coachees aan mijn coachtafel. Steeds vaker schuiven relatief jonge ambtenaren aan, niet alleen qua leeftijd, maar ook slechts kort in overheidsdienst, die vastlopen in de doorgeslagen autonomie die op sommige plekken in overheidsland heerst. Ze zijn met veel enthousiasme binnengehaald, want personeelstekort, dus: kies alsjeblieft voor de maatschappelijke relevantie die wij te bieden hebben! Eenmaal binnen wacht hen echter vaak een onzekere start. Niet alleen omdat overheidsorganisaties complex zijn, maar ook omdat sommige werkdomeinen gekenmerkt worden door vaagheid.
Niet zelden belanden deze medewerkers in twee of zelfs drie teams tegelijk. Ze hebben meerdere leidinggevenden, maar niemand die echt duidelijk maakt wat er van hen wordt verwacht. Dat leggen collega’s wel uit, zo is het idee. Alleen zijn die collega’s vaak ‘lekker autonoom’ bezig. Hun advies: maak je eigen werk, kies je eigen opgave, pak de ruimte die je wordt geboden. En zo gaat iedereen zijn gang, terwijl nieuwkomers zich afvragen of dit nu de maatschappelijke relevantie is die ze zochten.
Misschien is dat wel de ongemakkelijke les. Dat wat we zo graag autonomie noemen, in de praktijk vaak neerkomt op het ontbreken van richting. Het experiment met AI-agents laat zien wat er dan gebeurt: systemen worden aangepast aan wat het gemakkelijkst of meest aantrekkelijk lijkt, niet aan wat de bedoeling is. En mensen blijken daar opvallend weinig van te verschillen.
Zelfsturing is prachtig, maar zonder kaders, doelen en richting is het vooral een recept voor collectieve vrijblijvendheid.
Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.