Het stoffelijk overschot van de Oekraïense nationalist Yevhen Konovalets is dinsdag opgegraven in Rotterdam, op de gemeentelijke begraafplaats Crooswijk. Dat meldt het presidentieel kantoor van de Oekraïense president Volodymyr Zelenskyy. Konovalets wordt voorlopig herbegraven op de nationale militaire begraafplaats net buiten Kiev, de hoofdstad van Oekraïne. De Oekraïense regering wil een pantheon oprichten ter ere van nationale helden, van wie meerdere omstreden zijn.
Omstreden Oekraïense nationalist opgegraven in Rotterdam
‘Konovalets was hoofd van een organisatie met ultra-nationalistische en totalitaire principes’, vertelt historicus Georgiy Kasianov.
De opgraving in Rotterdam is bijgewoond door vertegenwoordigers van een Canadees-Oekraïense veteranenstichting, de Oekraïense ambassade in Den Haag, het presidentieel kantoor van Zelensky, de Grieks-orthodoxe kerk van Oekraïne, en door het hoofd van het Oekraïens Instituut voor de Nationale Herinnering.
Die laatste is Oleksandr Alfjorov, oud-perschef van Andri Biletsky, de extreemrechtse oprichter van het Azov-bataljon dat nu deel is van het Oekraïense leger.
De OUN
Konovalets was in 1929 één van de oprichters van de onafhankelijkheidsbeweging OUN, de Organisatie van Oekraïense Nationalisten, die na de Eerste Wereldoorlog een eigen land wilden stichten. Het huidige West-Oekraïne, de regio die de wieg van de OUN was, maakte destijds nog onderdeel uit van Polen. De OUN, die Polen zag als een bezettende macht, werd gefinancierd vanuit Litouwen en werkte samen met Duitsland - ook toen de nazi’s er aan de macht waren.
‘Konovalets was het hoofd van een organisatie gebaseerd op absolute ultra-nationalistische en totalitaire principes’, vertelt Georgiy Kasianov, een gerenommeerde Oekraïense historicus die de laatste jaren verbonden is aan de Maria Curie-Sklodowska Universititeit in het Poolse Lublin. Kasianov is gespecialiseerd in herinneringspolitiek, oftewel de manier waarop de politiek vormgeeft aan het nationale verleden. Kinderen van hem vechten mee in het Oekraïense leger.
Vergeetachtigheid
Volgens Georgiy Kasianov gaat de verering van nationale helden in Oekraïne gepaard met een historische vergeetachtigheid. ‘De visie van de OUN op het toekomstige Oekraïne was dat van een eenpartijstaat, waarbij de OUN niet eens een politieke partij zou zijn, maar een nationale beweging die alle onderdelen van het leven zou doordringen en controleren’, legt hij uit. ‘De OUN-leden vochten voor een onafhankelijk, mono-etnisch, autoritair en totalitair Oekraïne. Weinig mensen in Oekraïne durven het daar over te hebben, en óf president Zelensky weet er niks van óf wil er niks van weten.’
Nadat Oekraïense nationalistische strijdkrachten het in de jaren twintig van de vorige eeuw hadden moeten afleggen tegen het Poolse leger en met name de Russische bolsjewieken, bracht Konovalets vele jaren in het buitenland door. In 1938 werd hij op de Coolsingel in Rotterdam vermoord, met behulp van een bom in een doos chocolade. De dader was afkomstig uit de geheime dienst van de Sovjet-Unie.
Doos met chocola
‘Konovalets was een militair officier die veel van zijn vrouw hield. Zijn vrouw was, denk ik, enigszins autistisch, en hij was sterk aan haar gehecht. De doos met chocola die hem doodde, was een cadeau voor zijn vrouw. Zelf at Konovalets geen snoep. Natuurlijk wist hij niet dat er een bom in zat, maar hij nam de doos niet aan voor zichzelf maar voor zijn vrouw.’
Afgelopen mei al werd de eerste nationale held van Oekraïne, samen met zijn vrouw, naar huis gehaald: Andriy Melnyk. De vrouw van Melnyk was overigens de zus van de vrouw van Konovalets. Na de moord op die laatste was Melnyk de nieuwe leider van de OUN geworden. President Zelensky nam in mei nadrukkelijk persoonlijk deel aan de ceremonie, en merkte die dag op dat Melnyk op deze manier terugkeerde naar het vrije en onafhankelijke Oekraïne waarvan de oud-nationalist gedroomd had. Melnyk had tot die tijd in Luxemburg begraven gelegen.
Pogroms
De OUN was ideologisch gezien een anti-semitische beweging, onder andere omdat Joden met de communisten werden geassocieerd. Wel was Konovalets tegenstander van pogroms. Na zijn dood raakte de OUN toch bij deze wandaden betrokken. Een zeer navrante periode was toen de nazi’s in 1941 de Sovjet-Unie binnenvielen en OUN-leden als onderdeel van de hulppolitie hielpen bij de moord op Joodse inwoners. Ook was de OUN in 1943 en 1944 betrokken bij de etnische zuiveringen van Polen in Wolynië, een hedendaagse regio in West-Oekraïne. De herinnering hieraan leidde kortgeleden opnieuw tot een diplomatiek conflict tussen president Zelensky en de Poolse regering. Onder Poolse druk staat Oekraïne de laatste jaren toe dat er hier opgravingen worden gedaan.
‘Er zijn ook individuele OUN-leden geweest die Joden hebben gered’, vertelt historicus Georgiy Kasianov. ‘Niet zozeer vanwege hun politieke overtuiging, maar door persoonlijke omstandigheden, zoals dat sommigen hun buren gered hebben. Maar in termen van ideologie was de OUN in de jaren dertig xenofobisch en anti-semitisch. Daar is geen twijfel over.’
Rotterdam
Kasianov vindt het niet verwijtbaar dat de gemeente Rotterdam door het faciliteren van de opgraving in Crooswijk meewerkt aan de Oekraïense verheerlijking van een omstreden organisatie en haar leider. ‘Ik vind daar niks dubieus aan. Als de Oekraïense leiders het stoffelijk overschot van Konovalets naar Oekraïne wil brengen, dan is dat aan hen. De Nederlandse regering zou dat moeten respecteren. Maar als de Nederlandse overheid een officiële verklaring zou willen uitbrengen, dan zou ze daarin moeten zeggen dat het de verantwoordelijkheid van Oekraïne is om om te gaan met Konovalets zoals ze dat doet, en dat Nederland zich niet verbindt aan een historische evaluatie van Konovalets als een leider.’
Bandera
Waarschijnlijk de derde nationalist die herbegraven wordt, is Stepan Bandera, de leider van een afplitsing van de OUN van Konovalets. Konovalets en Bandera raakten met elkaar in conflict, doordat Bandera in de jaren dertig tegen een bevel van Konovalets inging en overging tot het vermoorden van Poolse regeringsfunctionarissen. Bandera werkte nadrukkelijk samen met nazi-Duitsland bij de inval in de Sovjet-Unie in 1941. Na de oorlog vluchtte Bandera naar West-Duitsland, waar hij jarenlang in München leefde. Daar is hij in 1959 vermoord.
De nabestaanden van Bandera zouden al hebben ingestemd met de opgraving van diens stoffelijk overschot, maar wel vrezen voor een Russische aanval op zijn nieuwe begraafplek in Kiev. Het graf van Bandera op het Waldfriedhof in München is al meerdere keren vernield.
Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.