Het demonstratierecht is niet zwart-wit
Recht om te demonstreren komt steeds meer onder druk te staan.
Burgers vinden het recht om te demonstreren heel belangrijk. Demonstraties roepen echter ook negatieve associaties op met onrust en geweld. De meeste burgers doen niet zelf mee aan demonstraties, maar ze hebben wel duidelijke opvattingen hierover. Voor de Nationale ombudsman voerde Ipsos I&O in 2025 een onderzoek uit naar de perspectieven van burgers op het demonstratierecht. De resultaten van dit onderzoek zijn gebruikt in het rapport Sta voor Protest dat de Nationale ombudsman publiceerde op 26 mei. Ons onderzoek laat zien dat burgers die in het publieke debat lijnrecht tegenover elkaar staan, in gesprek meer begrip voor elkaars standpunten krijgen en beseffen dat het demonstratierecht niet zwart-wit is.
De Nationale ombudsman, Reinier van Zutphen, waarschuwt dat het demonstratierecht in Nederland steeds verder onder druk komt te staan. Volgens hem richten overheid en politiek zich te veel op risicobeheersing en het beperken van overlast ten koste van het beschermen en faciliteren van het demonstratierecht. Daardoor ontstaat een neerwaartse spiraal: hoe meer de overheid en de politiek inzetten op controle en begrenzing, hoe groter de afstand tot demonstranten wordt. Sommige burgers haken daardoor af, terwijl anderen juist verharden. Dat versterkt vervolgens de neiging tot verdere risicobeheersing vanuit de overheid. Ook de negatieve beeldvorming baart de ombudsman zorgen. De aandacht gaat vaak uit naar incidenten en ordeverstoringen, terwijl de meeste demonstraties vreedzaam verlopen. Toch vertalen die incidenten zich steeds vaker in algemene beperkingen die álle demonstranten raken.
Ipsos I&O heeft in juni 2025 voor de Nationale ombudsman het demonstratierecht onderzocht door de bril van burgers. Eerst is een korte enquête uitgezet onder de Nederlandse bevolking om een beeld te krijgen van attitudes en gedrag rond het recht om te demonstreren. Voor het onderzoek is een representatieve steekproef getrokken op basis van geslacht, leeftijd, regio en opleiding. Daarnaast zijn etniciteit, politieke voorkeur en waardeoriëntatie als kenmerken meegenomen. In totaal vulden 573 respondenten de vragenlijst in. In de enquête konden respondenten zich aanmelden voor een verdiepend groepsgesprek. Op basis van de aanmeldingen hebben we een selectie gemaakt van deelnemers voor drie focusgroepen (met 6 tot 8 deelnemers). In deze groepen zijn burgers met uiteenlopende attitudes en waarden over het demonstratierecht met elkaar in gesprek gegaan.
Burgers zijn het erover eens dat het recht om te demonstreren heel belangrijk is. Ruim acht op de tien respondenten (83%) zijn het (helemaal) eens met de stelling dat het recht om te demonstreren essentieel is in een democratie. In de gesprekken kwam naar voren dat burgers het demonstratierecht zien als een fundamentele, maar paradoxale, pijler van de democratie. Enerzijds koesteren ze het demonstratierecht als een onmisbaar instrument voor maatschappelijke verandering en een stem voor ongehoorden. Ze vinden het daarom belangrijk om dit recht te beschermen. Anderzijds wordt de praktische uitoefening ervan als complex en risicovol ervaren.
Als je allemaal binnen de regeltjes kleurt, dan krijg je geen aandacht en dan gebeurt er helemaal niets. Dus ergens wil je die regels toch breken!?"
Deelnemer focusgroep
Met name mensen die zelf niet eerder hebben gedemonstreerd of geen affiniteit hebben met het onderwerp van een demonstratie, hebben negatieve associaties bij demonstraties. Deze worden veelal gevoed door de berichten en beelden in de media, waarin geweld en onrust de boventoon voeren. De angst voor geweld, de negatieve beeldvorming en de aanwezigheid van ‘relschoppers’ creëren een aanzienlijke drempel om zelf deel te nemen. Dit leidt tot een centraal dilemma: burgers erkennen dat enige vorm van overlast en het doorbreken van regels nodig is om aandacht te genereren, maar tegelijkertijd ondermijnt juist die overlast de publieke steun en de legitimiteit van de actie.
Daarnaast is er sprake van een ‘chilling effect’: hoewel de meeste burgers zich in theorie vrij voelen om te demonstreren, wordt deze vrijheid in de praktijk ingeperkt door de angst voor negatieve (professionele) consequenties en door het gevoel dat de overheid burgers in de gaten houdt. Dit voedt de overtuiging dat er tweerichtingsverkeer moet zijn: demonstranten hebben een verantwoordelijkheid, maar de overheid heeft de plicht om de-escalerend op te treden, demonstraties te faciliteren en serieus te luisteren. Alleen op deze manier blijft het demonstratierecht niet alleen op papier, maar ook in de praktijk gewaarborgd.
Ik ben denk ik iets toleranter geworden, dat ik niet meer snel denk ‘ik heb er last van’ of ‘ik erger me eraan’, maar dan denk ik dat het ook goed is dat mensen hun stem kunnen uiten en ventileren. Dat lijkt me goed in een samenleving als Nederland."
Deelnemer focusgroep
Het onderzoek laat ook zien dat burgers zich kunnen inleven in verschillende perspectieven, waaronder dat van elkaar. Een respectvolle dialoog blijkt een krachtig middel om vaststaande aannames en verdeeldheid rond het demonstratierecht te doorbreken, meer onderling begrip te creëren en tot genuanceerdere inzichten over demonstraties te komen. Wanneer burgers hun eigen meningen toetsen aan de persoonlijke ervaringen en argumenten van anderen, maakt hun zwart-witdenken plaats voor het besef van ‘grijze gebieden’. Deze verschuiving is concreet zichtbaar in de discussies over gezichtsbedekking, overlast en privacy. De nuancering werkt twee kanten op: niet alleen worden tegenstanders van bepaalde acties toleranter, ook principiële voorstanders worden geconfronteerd met de ongemakkelijke en moreel complexe kanten van het demonstratierecht, bijvoorbeeld bij intimiderende protesten.
Onderzoeksverantwoording
In opdracht van de Nationale ombudsman heeft Ipsos I&O met een enquête en focusgroepen onderzoek gedaan naar de perspectieven van burgers op het demonstratierecht. Ipsos I&O heeft een representatieve steekproef getrokken op basis van geslacht, leeftijd, regio en opleiding. De uitkomsten zijn gewogen op leeftijd en geslacht. Door deze weging zijn de uitkomsten als representatief te beschouwen voor Nederlanders van 16 jaar en ouder op deze kenmerken. In totaal vulden 573 respondenten de enquête in tussen 17 en 27 juni 2025. Uit alle respondenten zijn 22 deelnemers gekozen om deel te nemen aan drie focusgroepen in Amsterdam en Enschede op 29 juli en 20 augustus 2025. De deelnemers zijn geselecteerd op basis van verschillen in leeftijd, geslacht, opleidingsniveau, politieke voorkeur en waardenoriëntatie, zodat zij enigszins een afspiegeling vormen van de respondenten. Ipsos I&O heeft de uitkomsten van dit onderzoek verwerkt in een rapportage die de ombudsman heeft gebruikt in zijn onderzoek.
Meer weten?
Bekijk hier het volledige rapport Sta voor Protest (met in hoofdstuk 2 demonstratierecht door de bril van burgers). Neem voor meer informatie contact op met:
- Roos Thijssen, Onderzoeker
- Jaap Bouwmeester, Senior Onderzoekadviseur
1081 JK Amsterdam
Ipsos I&O: Peilpraat
Bekijk hier Peilpraat 24 oktober. Standpunt over religieuze scholen kost CDA zetels, D66 profiteert. Bekijk hier Peilpraat oktober. Verschuivingen na RTL-debat. Bekijk hier Peilpraat september: Wat vinden kiezers van uitsluiten? Bekijk hier Peilpraat mei: Is er toekomst voor NSC? Bekijk hier Peilpraat april: Tevredenheid met kabinet op dieptepunt, welke alternatieven zien kiezers? Bekijk hier Peilpraat maart: Hoe internationale spanningen de Nederlandse politiek beinvloeden. Bekijk hier Peilpraat februari: De hardwerkende Nederlander en potentie voor nieuwe linkse partij.
Het dilemma van de ambtenaar: tegenkracht of tegenmacht?
Bekijk hier de video.
Veiligheidsmonitor
Ipsos I&O: Peilpraat
Bekijk hier Peilpraat 24 oktober. Standpunt over religieuze scholen kost CDA zetels, D66 profiteert. Bekijk hier Peilpraat oktober. Verschuivingen na RTL-debat. Bekijk hier Peilpraat september: Wat vinden kiezers van uitsluiten? Bekijk hier Peilpraat mei: Is er toekomst voor NSC? Bekijk hier Peilpraat april: Tevredenheid met kabinet op dieptepunt, welke alternatieven zien kiezers? Bekijk hier Peilpraat maart: Hoe internationale spanningen de Nederlandse politiek beinvloeden. Bekijk hier Peilpraat februari: De hardwerkende Nederlander en potentie voor nieuwe linkse partij.
Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.