Advertentie
sociaal / Nieuws

Bijna helft jeugdhulpaanbieders vertoont ‘red flags’

Naarmate het aantal ‘red flags’ per instelling toeneemt, stijgt het risico op niet-integere bedrijfsvoering.

19 december 2023
Financieel-toezicht-shutterstock-147664382.jpg

Bijna de helft van de jeugdhulpaanbieders vertoont ‘red flags’ op het gebied van jeugdhulpinkomsten, loonkosten en totale personeelskosten. Drie op de tien haalt rendementen boven de 7 procent. De signalen en het beperkte toezicht wijzen op ‘mogelijke risico’s die dringend aandacht behoeven van beleidsmakers, toezichthouders en belanghebbenden binnen de jeugdhulp.’

Netwerkmanager Gelderland en Overijssel

Rijnbrink
Netwerkmanager Gelderland en Overijssel

Leidinggevende Klant Contact Centrum & Burgerzaken

Gemeente Meierijstad
Leidinggevende Klant Contact Centrum & Burgerzaken

Dat staat in een rapport van advies- en accountancyfirma EY, dat onderzoek deed naar niet-integere bedrijfsvoering in de jeugdzorg. Hieruit blijkt dat het merendeel van deze jeugdhulpaanbieders gebruikmaakt van onderaannemers en vaak deel uitmaakt van ‘grotere juridische structuren.’ Jeugdhulpaanbieders van bescheiden omvang hebben doorgaans een lichtere verantwoordingsplicht, waarbij vaker interne toezichthouders, zoals raden van toezicht en/of cliëntenraden, ontbreken. En net deze jeugdhulpaanbieders hebben de meeste ‘red flags’. ‘Een mogelijke vaststelling is dat bij deze partijen het grootste risico bestaat op niet-integer gedrag’, schrijven de onderzoekers.

Signalen

Hoewel er geldige bedrijfs- en beleidsmatige verklaringen kunnen zijn voor deze ‘potentiële verschijningsvormen van niet-integere bedrijfsvoering’, laat het onderzoek wel zien dat naarmate het aantal ‘red flags’ per instelling toeneemt, het risico op niet-integere bedrijfsvoering stijgt. Van de jeugdhulpaanbieders met de meeste ‘red flags’ is 60 procent eerder onderzocht door de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ). Dit vanwege signalen van cliënten of ouders, of onenigheid met gemeenten over de bedrijfsvoering. ‘Dit zegt op zichzelf nog niet dat de jeugdhulpaanbieder niet integer is’, nuanceert EY, ‘maar biedt wel een goede basis voor de kwalitatieve vervolganalyse.’ Het resterende percentage komt deels voort uit de beperkte tariefdifferentiatie. Deze jeugdhulpaanbieders bieden lichtere vormen van jeugdhulp aan, zoals zorgboerderijen en dyslexiezorg.

Private equity

Aanleiding van het onderzoek is een door de Tweede Kamer aangenomen motie van voormalig parlementariërs Peter Kwint (SP) en René Peters (CDA). Zij riepen de regering op ‘noodzakelijke stappen’ te zetten om een einde te maken aan excessieve winstuitkeringen en private-equitypartijen binnen de jeugdzorg. In dat opzicht zijn de onderzoeksresultaten geruststellend: slechts een beperkt percentage jeugdhulpaanbieders wordt gefinancierd door private equity. In 2022 vertegenwoordigden zij 5 procent van de totale jeugdhulpopbrengsten; een jaar eerder was dat 2 procent. Het aantal winstuitkeringen lijkt eveneens beperkt. ‘In 2021 keerde slechts één jeugdhulpaanbieder dividend uit aan de private equity-houder, en in 2022 keerde geen van de acht betrokken jeugdhulpaanbieders dividend uit’, is te lezen in het EY-rapport.

Complexe financiële structuren

Daarmee zijn de zorgen van de ex-Kamerleden niet meteen ongegrond. In vergelijking met de gehele jeugdhulppopulatie hebben jeugdhulpaanbieders onder beheer van private equity wel een hoger percentage van de ‘red flags’. Volgens de onderzoeker is dit voornamelijk toe te schrijven aan ‘complexe financiële structuren’, waarin veelvuldig geldstromen plaatsvinden binnen de groepsstructuur. Daarnaast blijken de inkomsten per fte gemiddeld hoger te liggen, wat wijst op een gemiddeld hoger rendement per fte.

Keurmerk of vergunning

Of door private equity gefinancierde jeugdhulpaanbieders meer risico’s hebben op niet-integer gedrag is echter niet aangetoond. Wel spreekt EY over ‘substantiële uitdagingen’ in de jeugdhulpsector. ‘Het is niet aantoonbaar dat niet-integer gedrag vaker voorkomt bij jeugdhulpaanbieders, maar de risico’s zijn substantieel’, waarschuwen de auteurs. De ‘red flags’ en het beperkte toezicht wijzen op ‘mogelijke risico’s die dringend aandacht behoeven van beleidsmakers, toezichthouders en belanghebbenden binnen de jeugdhulp.’ De onderzoekers adviseren meer controle op de toetreding, bijvoorbeeld door een keurmerk of vergunning. ‘Hierdoor kunnen gemeenten vertrouwen op effectieve controle bij toetreding en indien er sprake is van niet integere bedrijfsvoering na controle de vergunning intrekken.’

Verantwoording

Ook het handhavingsinstrumentarium moet worden verbeterd. Ongeveer 40 procent van de jeugdhulpaanbieders wordt vastgelegd in DigiMV, het digitale portaal voor het aanleveren van de jaarverantwoording. De resterende 60 procent is in omvang te klein om via deze weg verantwoording af te leggen. ‘Als reactie hierop hebben gemeenten hun eigen databases opgezet waar alle betrokken partijen hun gegevens moeten invoeren. Dit gebeurt echter zonder een uniform beoordelingskader, waardoor de invulling en kwaliteit van het toezicht afhankelijk is van de regio of gemeente waarin de hulp wordt verleend.’ Dit leidt tot aanzienlijk hogere administratieve lasten voor grotere jeugdhulpaanbieders, aangezien zij dezelfde verantwoordingsinformatie in verschillende formats aan diverse toezichthouders moeten verstrekken.

Efficiënter toezicht

Tot slot pleiten de auteurs voor uniforme kaders voor toezicht op consortia. Gemeenten hebben verschillende benaderingen bij de inkoop en het toezicht op jeugdhulpaanbieders. Dit varieert van direct contact met talloze aanbieders, waarbij ze mogelijk niet de capaciteit of kennis hebben om op allemaal toezicht te houden, tot samenwerking met enkele consortia, waarbij geen toezicht wordt gehouden op de onderaannemers die deze consortia gebruiken. Het advies luidt om alle gemeenten uniforme normenkaders te laten hanteren om efficiënter toezicht te kunnen houden.

Excessieve winsten

In een brief aan de Tweede Kamer schrijven demissionair minister Franc Weerwind (Rechtsbescherming) en staatssecretaris Maarten van Ooijen (VWS) dat ze de resultaten van het onderzoek ‘benutten’ bij de verdere aanpak van excessieve winsten in de jeugdzorg. Verder werkt het kabinet aan het wetsvoorstel Integere bedrijfsvoering zorg- en jeugdhulpaanbieders (Wibz). Deze wet moet integere bedrijfsvoering borgen en voorwaarden stellen aan het uitkeren van winst.

Plaats als eerste een reactie

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.

Advertentie