In navolging van de provincie Utrecht heeft ook Zuid-Holland een collectieve aanvraag bij de netbeheerders gedaan voor alle woningen die de komende jaren in de provincie gebouwd moeten worden. Ook de provincie Gelderland werkt aan zo’n eigen collectieve aanvraag. Zuid-Holland heeft nu een verzoek ingediend voor transportcapaciteit voor 248.691 woningen, te bouwen tot en met 2032. Deze aanvraag is inclusief enkele warmteprojecten (warmtenetten) en laadinfrastructuur. De totale transportcapaciteit die de provincie vraagt is 1084 MW.
Zuid-Holland en Utrecht doen collectieve aanvragen: ‘better safe than sorry’
De provincies willen voorkomen dat hun woningbouw geen stroomaansluiting krijgt.
Onzeker
Het opvallende is dat zowel de provincie Utrecht als Zuid-Holland niet zeker weten of een collectieve aanvraag wel zin heeft. ‘We verwachten dat collectieve aanvragen kunnen worden ingediend, waarvoor later afzonderlijk de onderliggende stukken moeten worden aangeleverd’, schrijft de provincie Zuid-Holland in een brief aan de provinciale staten. ‘Daarom bestaat de kans dat onze brief door de netwerkbeheerders juridisch wordt bestempeld als officiële aanvraag.’
En Utrecht meldde begin dit jaar in een memorandum: ‘Onze aanvraag wordt door de netbeheerder gezien als een “preverzoek” om transportcapaciteit. Dit betekent (…) dat er geen zekerheid is dat deze projecten door Stedin daadwerkelijk opgenomen worden op de wachtlijst. De actie is dan ook bedoeld voor de zekerheid (better safe than sorry).’
Nerveus
Deze nervositeit komt voort uit de onduidelijkheid rond het nieuwe prioriteringskader van de Autoriteit Consument & Markt (ACM), die op 1 januari dit jaar inging. Na een overgangsperiode van een half jaar mogen netbeheerders geen gegarandeerde aansluiting meer geven aan kleinverbruikers, zoals mkb’ers, laadinfrastructuur en woningen. Dat is een nieuwe situatie. Ook kleinverbruikers komen nu op een wachtlijst, zoals grootverbruikers dat al jaren meemaken. Alleen projecten die van maatschappelijk groot belang zijn krijgen voorrang op het stroomnet. De rest wacht op z’n beurt, op volgorde van aanvraag.
De drie prioriteitscategorieën zijn eerst ‘congestieverzachters’ (projecten die juist ruimte maken op het stroomnet), daarna ‘nationale veiligheid’, en als derde: ‘basisbehoeften’. Woonruimte komt in deze derde categorie, en krijgt dus nog steeds voorrang - maar geen absolute prioriteit. Voor woningbouw moet nu op tijd een aanvraag worden gedaan.
Bezorgde brief
Dit geeft zenuwen: dit najaar stuurden de vier grote gemeenten een bezorgde brief aan toenmalig minister Sophie Hermans van Klimaat en Groene Groei. Uit de brief sprak wrevel: ‘Gemeenten in heel het land komen er nu per toeval en informeel achter dat deze ontwikkeling eraan komt. Wij constateren dat – ondanks de korte termijn – hier nog niet formeel over gecommuniceerd wordt door Netbeheer Nederland, de ACM, dan wel KGG.’ De briefschrijvers vreesden problemen: ‘In totaal gaat het om 165.000 nieuwbouwwoningen in de G4 die het risico lopen om niet aangesloten te worden’, onderstreepten ze.
‘Het risico van het stilvallen van de woningbouw en bijbehorende basisvoorzieningen, inclusief zeer moeilijk te herstellen vertrouwen van ontwikkelaars, is enorm groot. Dat risico, inclusief de onduidelijkheid die nu al heerst, kunnen we ons niet permitteren’, aldus de betrokken wethouders.
Nu een aantal maanden later is de gerustheid niet terug: ‘Onder onze partners in de woondealafspraken merken wij enige onrust over het feit dat nog onzeker is hoe deze werkwijze er precies uit komt te zien en bovendien onduidelijk is hoe een rechter kijkt naar de juridische grondslag voor de afgesproken overgangsperiode’, schreef de provincie Utrecht.
Concurrentie
Utrecht en Zuid-Holland willen met de collectieve aanvragen voorkomen dat gemeenten elkaar beconcurreren bij het aanvragen van ruimte op het stroomnet. Maar de netbeheerders zelf weten nog niet wat ze met deze collectieve aanvragen moeten. In een stuk van de provincie Utrecht staat: ‘Stedin bekijkt met andere netbeheerders welke formele status dit verzoek (en vergelijkbare verzoeken in andere provincies) gegeven kan worden.’ In het tweede kwartaal van dit jaar moet er meer helderheid zijn.
Kamervragen
Toen het CDA, naar aanleiding van een artikel op de site van Binnenlands Bestuur, Kamervragen stelde over de zorgen van de G4, benadrukte toenmalig minister Hermans onder meer dat het nieuwe prioriteringskader zorgt dat belangrijke grootverbruikers (zoals ziekenhuizen en defensie) niet meer gehinderd worden door kleinverbruikers die minder belangrijk zijn maar wel een gegarandeerde aansluiting kregen. Woningbouw daarentegen blijft als basisbehoefte voorrang krijgen.
Máár, schreef Hermans: ‘Dat neemt echter niet weg dat ruimte schaars is, ook in de toekomst. Het is dan ook van belang dat gemeenten bij het opstellen van hun woningbouwplannen rekeninghouden met de schaarse capaciteit en daar efficiënt gebruik van maken door te sturen op netbewuste nieuwbouw.’

Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.