De vier grote steden (G4) grijpen nieuwe discriminatiecijfers aan om kritiek te geven op een wetsvoorstel van minister Pieter Heerma (Binnenlandse Zaken). Hij wil de verantwoordelijkheden tegen discriminatie die nu nog bij de gemeenten liggen, overhevelen naar een landelijke organisatie. Gemeenten krijgen daarmee geen nieuwe wettelijke taak en ook geen geld om lokale plannen tegen discriminatie te maken.
G4 wil lokale aanpak discriminatie behouden
Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht vinden het een slecht idee dat BZK-minister Heerma geen lokale aanpak van discriminiatie meer wil.
Lokale aanpak beter
Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht vinden dat een slecht idee en een 'gemiste kans', schrijven ze in een gezamenlijke verklaring. Hun ervaring is dat een lokale aanpak het beste werkt, omdat iedere gemeente anders is en met andere inwonersgroepen te maken heeft. Daarbij kunnen gemeenten mensen die discriminatie ervaren vaak ook helpen op andere terreinen, zoals onderwijs, huisvesting, zorg en werk. Ze roepen Heerma op hun kritiekpunten mee te nemen in zijn wetsvoorstel.
Toename aantal meldingen
Uit een onderzoek dat woensdag aan Heerma is aangeboden, blijkt dat er vorig jaar opnieuw meer meldingen van discriminatie waren. De toename van het aantal meldingen bij twee organisaties kwam door een bericht dat PVV-leider Geert Wilders plaatste op X. Van de ruim 25.000 meldingen die regionale organisaties tegen discriminatie binnenkregen, gingen er meer dan 14.000 over Wilders' bericht uit augustus.
Bericht Wilders
Daarin deelde hij een afbeelding met twee halve gezichten, waarvan een jonge blonde vrouw met 'PVV' was ondertiteld en een oudere vrouw met hoofddoek met 'PvdA'. Een jaar eerder hadden de regionale organisaties in totaal bijna 15.000 meldingen van discriminatie gekregen. Van de circa 2800 meldingen die Meld.Online Discriminatie binnenkreeg, ging twee derde ook over Wilders' bericht.
Vaak meldingen over herkomst
De politie registreerde bijna 11.000 incidenten, ongeveer 1100 meer dan een jaar eerder. Het aantal discriminatiemeldingen bleef bij de Nationale Ombudsman min of meer stabiel op ongeveer 300 meldingen. Daar staat tegenover dat de Kinderombudsman er 49 binnenkreeg, meer dan een verdubbeling ten opzichte van 2024. Vaak gaan de meldingen over discriminatie op basis van herkomst.
Geduwd en geschopt
Een politieregistratie omschrijft bijvoorbeeld een jongen die met zijn moeder in een opvang voor Oekraïense vluchtelingen woont, en onderweg naar school van zijn fiets werd geduwd en geschopt. De politie legde 867 antisemitische incidenten vast, zoals een bekladding van een Joodse begraafplaats. Een andere melder schrijft dat ze werd afgewezen, omdat ze geen 'native Dutch speaker' is. 'Terwijl ik hier ben geboren, getogen en Nederlands mijn moedertaal is.' In een andere melding zei iemand dat ze werd gevraagd haar hoofddoek af te doen voordat ze een benzinestation in mocht.
Hulphond geweigerd
Het College voor de Rechten van de Mens zag het aantal verzoeken om een oordeel over mogelijke discriminatie met enkele honderden stijgen naar 853. Meldingen gingen hier relatief vaak over een handicap of chronische ziekte. Een voorbeeld van zulke discriminatie dat bij een andere organisatie werd gemeld, luidt: 'De melder wilde eten bestellen en afhalen bij een eethuis, maar dat mocht niet, omdat de hulphond van melder niet mee naar binnen mocht.'
Topje van de ijsberg
Minister Heerma noemt de stijging zorgwekkend. 'Achter deze cijfers zitten vele duizenden mensen die ongelijk zijn behandeld', zegt hij in een verklaring. Hij ziet de aantallen als het 'topje van de ijsberg', omdat mensen die discriminatie ervaren daar vaak geen melding van doen.

Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.