Overslaan en naar de inhoud gaan

Archeoloog moet vondsten teruggeven aan elf provincies

Archeologische vondsten moeten worden afgegeven aan de provincie waar de opgravingen zijn gedaan.

Een archeoloog aan het werk
- Shutterstock

Archeologische vondsten moeten worden afgegeven aan de provincie waar de opgravingen zijn gedaan. Als een archeoloog dit weigert, starten alle provincies – met uitzondering van Overijssel – een gezamenlijke procedure om die bodemschatten alsnog te krijgen.

De archeoloog verrichtte opgravingen op het grondgebied van de provincies. Maar de opdrachtgever – die door de provincie was ingehuurd – betaalde niet alle rekeningen voor dit archeologisch onderzoek. De archeoloog besloot vervolgens de vondsten niet over te dragen aan de provincies maar ze via een veiling te verkopen. Onverkochte vondsten zou het bedrijf vernietigen. Hiermee wilde de archeoloog ervoor zorgen dat de provincies druk zouden uitoefenen op de opdrachtgevers om alsnog de facturen te betalen, of dat de provincies dit zelf zouden doen. De wanbetaling leidde er in ieder geval toe dat de onderneming van de archeoloog failliet werd verklaard. De curator droeg de vondsten en documentaties alsnog over aan de provincies. Die meenden dan ook dat hiermee een einde was gekomen aan het geschil met de archeoloog.

Meer archeologische vondsten

Niet dus. De archeoloog en zijn nieuwe BV lieten enkele jaren weten dat er nog veel materiaal bestaat dat tijdens het faillissement niet is overgedragen: archeologische vondsten van ‘onbetaalde projecten’ en vondsten die toevallig nog tevoorschijn zijn gekomen. Daarvoor wilde de BV wel een financiële vergoeding van de provincies. Toen hierover geen overeenstemming werd bereikt, stapten de provincies naar de rechtbank Midden-Nederland.

Monumentenwet 1988

De archeoloog vond dat hij goede redenen had om de vondsten niet zo maar over te dragen: de provincies gaven niet precies aan welke provincie eigenaar is van welke vondst. Ook stelde de archeoloog dat de provincies geen eigenaar zijn van de opgravingsdocumentatie, en anders verzet het auteursrecht zich tegen afgifte daarvan.

Het belangrijkste overheidsnieuws van de dag

Schrijf je in voor de Binnenlands Bestuur nieuwsbrief

De archeologische werkzaamheden zijn uitgevoerd toen de Monumentenwet 1988 nog geldend recht was. Daarin staat: vondsten zijn eigendom van de provincie waar zij zijn opgegraven, tenzij deze eigendom zijn van de gemeente of de Staat – maar dit doet zich hier niet voor. De vondsten behoren dus wettelijk gezien de provincies toe.

Opgravingsdocumentatie

Dat geldt, aldus de rechtbank ook voor de analoge en digitale opgravingsdocumentatie die bij de archeologische projecten horen. Deze documentatie maakt ‘naar verkeersopvatting’ onderdeel uit van die opgraving, oordeelt de rechtbank. Zonder bijbehorende documentatie is de opgraving incompleet en heeft geen waarde. Dat betekent dat de provincie op wiens grondgebied opgravingen zijn gedaan, ook eigenaar is van de opgravingsdocumentatie en opgravingsrapporten die betrekking hebben op die vondsten. Dat de archeoloog zich op zijn auteursrecht beroept, baat hem niet: in de Monumentenwet staat weliswaar dat het auteursrecht ligt bij de makers van de rapporten, maar ook dat de provincie waarop de opgravingswerkzaamheden zijn uitgevoerd eigenaar is van de archeologische vondsten én documentatie.

Geen zorgplicht

Geldt dat ook nu de archeoloog niet volledig is betaald voor zijn werkzaamheden? Hij verwijt de provincies dat zij hun zorgplicht hebben geschonden door onvoldoende druk uit te oefenen op de opdrachtgevers om alsnog tot betaling (ongeveer twee ton) over te gaan. Maar, zo stelt de rechtbank: dit valt onder het ondernemingsrisico van de archeoloog. Die had financiële zekerheden kunnen inbouwen of graafwerk kunnen opschorten. Dit heeft hij niet gedaan. De provincies hadden in ieder geval geen zorgplicht om te bewerkstelligen dat de archeoloog betaald zouden krijgen voor hun werk.

Het belangrijkste overheidsnieuws van de dag

Schrijf je in voor de Binnenlands Bestuur nieuwsbrief

Dwangsom

Alles opgeteld: de archeoloog moet de vondsten en documentatie afgeven aan de provincies (die al eigenaar waren), en wel binnen vier weken. Anders moeten de archeoloog of diens BV (hoofdelijk) een dwangsom betalen van € 2.500 voor iedere dag dat hij dit niet doen, tot een maximum van € 250.000 is bereikt.

ECLI:NL:RBMNE:2026:424

Fraude en Corruptie (voor accountants) in de publieke sector

Fraude en Corruptie (voor accountants) in de publieke sector

Ben je voorbereid op de risico's van fraude en corruptie in jouw organisatie? Leer hoe je integriteit waarborgt en financiële misstanden voorkomt.

schrijf u vandaag nog in

Plaats als eerste een reactie

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.

Melden als ongepast

Door u gemelde berichten worden door ons verwijderd indien ze niet voldoen aan onze gebruiksvoorwaarden.

Schrijvers van gemelde berichten zien niet wie de melding heeft gedaan.

Bevestig jouw e-mailadres

We hebben de bevestigingsmail naar %email% gestuurd.

Geen bevestigingsmail ontvangen? Controleer je spam folder. Niet in de spam, klik dan hier om een account aan te maken.

Er is iets mis gegaan

Helaas konden we op dit moment geen account voor je aanmaken. Probeer het later nog eens.

Maak een gratis account aan en geniet van alle voordelen:

Heeft u al een account? Log in

Maak een gratis account aan en geniet van alle voordelen:

Heeft u al een account? Log in