Rondom de afgelopen verkiezingen voor de gemeenteraad en de Tweede Kamer werd op sociale media haatzaaiende, anti-democratische en gewelddadige inhoud verspreid. Berichten met daarin naziverheerlijking en oproepen tot geweld kregen aandacht van de pers, in de Tweede Kamer en bij toezichthouder ACM. Maar een ander probleem blijft onderbelicht: heimelijke beïnvloeding met behulp van inhoud die op zichtzelf onschuldig is. Accounts die vanuit het buitenland worden aangestuurd kunnen met gecoördineerde acties bepaalde berichten een groot bereik geven, waardoor we een vertekend beeld krijgen van de publieke opinie in Nederland. Op deze heimelijke online beïnvloeding moeten we in Nederland structureel veel beter zicht krijgen.
Stel detectieorgaan in voor heimelijke online beïnvloeding
Experts waarschuwen voor het gemak waarmee nepaccounts met behulp van het aanbevelingssysteem bepaalde inhoud een groot bereik kunnen geven.
In de afgelopen jaren hebben platformen zoals X, TikTok en Instagram de Voorjou-pagina uitgerold. Dat is de tijdlijn waarop berichten verschijnen van accounts waarvan je zelf nooit hebt aangegeven dat je ze wil volgen. Op deze tijdlijn selecteert het platform inhoud voor jou, op basis van voorspellingen over jouw scroll-gedrag. En daarmee legt het aanbevelingsalgoritme als het ware een rode loper uit voor kwaadwillenden om in jouw tijdlijn te verschijnen. Experts waarschuwen voor het gemak waarmee nepaccounts met het aanbevelingssysteem als megafoon bepaalde inhoud een groot bereik kunnen geven en daarmee de suggestie wekken dat deze standpunten breder gedragen zijn dan ze in werkelijkheid zijn.
Het aanbevelingsalgoritme legt als het ware een rode loper uit voor kwaadwillenden om in jouw tijdlijn te verschijnen.
Een voorbeeld aan de hand van een fictieve Nederlandse politieke partij genaamd Jopie. Een Nederlands account plaatst een bericht met campagnemateriaal van de Jopie partij met daarbij de tekst ‘Stem op Jopie!’. Accounts die beheerd worden vanuit het buitenland geven vervolgens zogenoemde engagementsignalen af: ze liken het bericht, delen het en geven commentaar. Het aanbevelingssysteem is door platformen zo ontworpen dat engagementsignalen worden beloond en de berichten met het meeste engagement aan meer mensen worden aangeraden. Zo krijgen steeds meer socialemediagebruikers het bericht ‘Stem op Jopie’ te zien, en lijkt de partij populairder onder Nederlandse kiezers dan ze (in eerste instantie) is.
Beloftes zijn nu niet te controleren
Socialemediabedrijven belonen engagement signalen omdat ze verwachten dat berichten die engagement oproepen mensen langer op het platform houden. En hoe langer mensen op een platform blijven, hoe groter de advertentie-inkomsten zijn. Platformen geven steevast aan dat ze veel middelen en moeite steken om online misleiding in aanloop naar verkiezingen te voorkomen. Maar wat deze inzet oplevert, valt in de praktijk niet te controleren. Hoewel recente wetgeving de toegang voor externe onderzoekers tot platformdata gemakkelijker zou moeten maken – artikel 40 van de Digitale Dienstenverordening creëert een mogelijkheid voor onderzoekers om onder voorwaarden de status van vetted researcher te krijgen en daarmee toegang tot niet-publieke platformendata – blijkt het in praktijk een kostbaar en traag proces. Bovendien blijken platformen onvolledige datasets vrij te geven.
Informatiepositie politiek en samenleving moet beter
De informatiepositie van samenleving, beleid en politiek ten opzichte van socialemediaplatformen moet beter. Een onafhankelijk detectieorgaan dat permanent onderzoek doet naar bewuste misleiding via sociale media kan hierin verandering brengen. Een orgaan dat onafhankelijk is van de overheid, maar de garantie heeft van een meerjarige subsidie. Alleen dan kan zo’n orgaan de moeizame procedure om 'vetted researcher’ status te krijgen doorlopen en platformen op basis van de Digitale Dienstenverordening om data vragen. Denk aan data over het aantal heimelijk buitenlandse accounts die in het Nederlands posten, en inzicht in de verspreidingsroute die hun berichten afleggen. Zo krijgen we beter zicht op de schaal van het probleem, én de mogelijke oplossingsrichtingen. We zien dan beter hoe aanbevelingsalgoritmen kunnen worden aangepast om verspreiding tegen te gaan. En hoe wetgeving eruit zou kunnen zien die deze ontwerpkeuzes van platformen kan afdwingen.
Het kabinet moet nu inzetten op een onafhankelijk detectieorgaan naar inmenging via sociale media. Anders lopen we bij de Provinciale Statenverkiezingen in 2027 tegen dezelfde problemen aan.
Luuk Ex en Mariëtte van Huijstee werken bij het Rathenau Intituut. Ze zijn auteurs van het rapport Scrollend naar de stembus, over de rol van aanbevelingsalgoritmen bij inmenging in verkiezingen.
Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.