Vijftien jaar geleden verscheen bij uitgeverij Coutinho een nieuw studieboek: De bestuurlijke kaart van de Europese Unie, binnenkort in een zesde, geheel herziene druk. Veel studenten leerden ermee hoe Brussel werkt. Mijn hoofdstuk over ‘het retourtje Brussel-Den Haag’ zou eigenlijk ook goed passen in het oorspronkelijke standaardwerk: De bestuurlijke kaart van Nederland. Maar de Europese Unie is nu eenmaal een specialisatie in het binnenlands bestuur. Daarom, in deze laatste gastcolumn, vijf lessen voor Europees werken.
Samen voor ons eigen
Lang geleden verscheen er een nieuw studieboek: De bestuurlijke kaart van de Europese Unie. Veel studenten leerden ermee hoe Brussel werkt.
1. Vertaal je eigen opgave Europees.
‘Een sterk Europa’, ‘meer subsidies’, ‘betere regelgeving’. De slogans van het Nederlandse Europadebat staan ver af van de beleidsmachine van de Europese Unie. Zoals onze demissionaire premier na dertien jaar in de Europese Raad als geen ander weet: daar draait het om ingewikkelde dilemma’s voor wicked problems. Europees vakwerk is: je lokale of nationale opgave vertalen in een compromis, een geitenpaadje, een nieuwe definitie. Puzzelen, amenderen en innoveren — met de duivel in de details.
2. Benut onze ervaring en expertise
Veel Europatrainingen gaan over EU-instellingen, bevoegdheden, procedures. Hard nodig: wat de Europese Commissie doet, is geen onderdeel van de eindtermen van ons middelbaar onderwijs. En, zoals ik in een eerdere column schreef: die beroepsopleiding Europees werken bestaat nog niet. Het zijn de ervaren Europese belangenbehartigers die ons de kneepjes van het vak moeten leren. Bijvoorbeeld: dat je het Europees Parlement nooit moet onderschatten. Of: dat de Europese Commissie de pen vasthoudt en we daar moeten investeren in ogen en oren. Dat je dus, als Algemene Bestuursdienst, een EU-pool van kandidaten klaar moet hebben voor in die nieuwe Europese Commissie.
Laten we allemaal, juist onze jongeren, leren ook over grenzen te blijven kijken
3. Eén overheid, ook in Brussel
Duitsland kan jarenlang zonder standpunt blijven en dan plots een enorm Corona-herstel fonds presenteren. Nederland moet alle voor- en tegenstanders in kaart brengen en vanaf de agendavorming tot en met de uitvoering coalities vormen. Provincies, gemeenten, waterschappen en ministeries gaan daarvoor te vaak apart in Europa te werk. De nieuwe permanente vertegenwoordiging bij de EU zetelt straks in het verzamelgebouw van ministeries dat aan de Brusselse Trierstraat wordt gebouwd. Het staat op afstand van het naastgelegen Huis van de Nederlandse Provincies. Toch blijft de opgave elkaars Europese voorkeuren, zorgen en EU-experts te erkennen.
4. Ken Europeanen
Veel Nederlandse onderhandelaars worden gehinderd door de nabijheid van Brussel, zei Rinus van Schendelen jaren geleden al. We missen de persoonlijke toenadering in de Europese lobby. In 2019, voor de verkiezingen voor een nieuw Europees Parlement, legden Europarlementariërs verantwoording af in ons boek ‘Wat doen ze daar eigenlijk’. Zo vertelt een Europarlementariër dat ze ook na een studie Europese Studies het belang van informele netwerken onderschatte. Voer het gesprek over jouw belang buiten de vergader tafels, met belangstelling voor waar de ander vandaan komt.
5. Falend voorwaarts
De Europese Unie is een historisch experiment in supranationale samenwerking. Bij al dat integreren hoort succes, maar ook falen. Subsidies worden afgewezen, een verordening past niet in het Nederlandse systeem, pas in de uitvoering stokt een richtlijn. Jarenlang schreef je mee aan Europese programma’s; dan draait de politieke wind en moet je de boer op voor een nieuw College, een nieuwe Kamer.
Hét Haagse dilemma van dit moment: het is democratisch dat je de stembusuitslag meeneemt in je standpuntbepaling — maar er is ook langlopend Brussels commitment. Wees als ambtenaar, bestuurder en politicus open en reëel over de internationale en Europese economie, waarin ons bedrijfsleven, ons kennisland, ons BNP verdient. Samen voor ons eigen. Dat is dé opgave in Europese samenwerking. Laten we allemaal, juist onze jongeren, leren over grenzen te blijven kijken.
In 2024 keert Geerten Boogaard op deze plek terug als vaste columnist.

Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.