of 64621 LinkedIn

Europese zorgen over lokale autonomie

Terwijl rijk en gemeenten flink in debat zijn over de financiële positie van de lokale overheden, plant de Raad van Europa een monitoringsmissie naar Nederland. Doel: de beoordeling van de autonomie van ­gemeenten, met name op financieel gebied.

Terwijl rijk en gemeenten flink in debat zijn over de financiële positie van de lokale overheden, plant de Raad van Europa een monitoringsmissie naar Nederland. Doel: de beoordeling van de autonomie van ­gemeenten, met name op financieel gebied.

Het Congres van Lokale Overheden van de in Straatsburg gevestigde Raad van Europa stuurt een monitoringsmissie naar Nederland om uit te zoeken hoe het Europees Handvest inzake lokale autonomie, dat die autonomie regelt, wordt nageleefd. Het Congres doet deze monitoring regelmatig bij alle lidstaten. In Nederland was dat voor het laatst in 2013 en toen waren er al zorgen over het medebewind. Maar de samenloop met de discussie over de bekostiging van gemeenten in Nederland, maakt het nu extra saillant. Het Europees Handvest bepaalt onder meer dat de financiële middelen van gemeenten evenredig moeten zijn aan de wettelijke taken en bevoegdheden van de decentrale overheden en dat ten minste een deel van de financiële middelen dient te worden verkregen uit decentrale belastingen en heffingen.

In Nederland is dat niet helemaal het geval. Gemeenten zijn voor een deel van het beleid vooral verlengstuk van het rijk, constateert de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Er is soms autonomie wel of geen beleid te voeren, maar autonomie inzake taken die in medebewind worden uitgevoerd is er nauwelijks. De financiële middelen vanuit het rijk zijn beslist onvoldoende, vinden de gemeenten. Terwijl wel wordt voorgeschreven hoe dat geld moet worden besteed.

Gemeenten halen 3 procent van de belastinginkomsten in Nederland binnen, hoofdzakelijk via onroerendezaakbelasting en parkeertarieven, maar zijn verantwoordelijk voor 30 procent van de uitgaven. ‘En dat schuurt behoorlijk’, zegt Jos Wienen, burgemeester van Haarlem en (scheidend) lid van het Congres van Lokale Overheden. Een voorbeeld is volgens Wienen de jeudgzorg of de Wmo, die voor iedereen die dat nodig heeft huishoudelijke hulp mogelijk maakt, ook voor miljonairs. Het rijk geeft er geld voor en schrijft voor hoe het moet worden uitgevoerd. Tekorten komen op het bordje van de gemeenten. Die schieten er miljoenen bij in. Als een gemeente tekortkomt, moet die geld weghalen bij andere taken.

Toetsing
Voor Wienen en de VNG is het duidelijk dat gemeenten wel de democratische legitimatie hebben om beleid te voeren, maar dat ze in sommige opzichten worden gehinderd door het rijk. Dat gebeurt in meer landen. ‘Maar daar kunnen gemeenten vaak naar een soort van constitutioneel hof stappen als ze het niet eens zijn met het beleid dat de centrale regering voert’, zegt Wienen. Dan kan een wet of een regeling worden getoetst aan de grondwet of internationale verdragen. Hier kan dat niet: de Raad van State heeft in deze interbestuurlijke vraagstukken slechts een adviserende rol. De financiële autonomie is overal in Europa een punt van aandacht. Het is ook overal weer anders geregeld, zegt Wienen.

Hij wijst op de Duitse situatie. Daar kunnen gemeenten belasting heffen op de winst van bedrijven. Daarom is vrijwel iedere Duitse gemeente er ook op gericht om bedrijventerreinen te ontwikkelen: dat levert direct geld op voor de gemeentelijke kas. Tegelijk heeft dat ook een risico: bij economische en financiële crises en afnemende bedrijvigheid wordt de gemeentelijke kas volop geraakt.

Wat de goede oplossing ook is, het is de vraag of de lokale autonomie in Nederland niet in strijd is met het Europees Handvest. Wienen: ‘Het is een internationaal verdrag, ondertekend door Nederland, dus het heeft de kracht van een wet.’ Revolutionaire vernieuwing verwacht hij niet van de commissie. Het is volgens Wienen ‘goed dat er discussie over ontstaat’. Zelf heeft hij een stuk of tien van dergelijke missies in Europa begeleid en die discussie ontstaat vaak ook juist door de ogen van buiten. ‘Het is een stap in het proces’, zegt hij.

Wanneer de monitoringsmissie komt is nog niet bekend. Eerst was het maart, vanwege corona werd het september en toen werd het 2021.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door John op
@Spijker het Congres van de Raad van Europa monitort structureel elke vijf jaar in alle 47 lidstaten de staat van de lokale democratie., dus ook in Hongarije en Polen. Ze bestuderen dan de lokale autonomie, financiele situatie, bestuurlijke verhoudingen, burgerparticipatie, enz. Het Congres bestaat uit lokale bestuurders uit heel Europa, het gaat dus om peer to peer uitwisseling en geen controle.
Door Spijker (n.v.t.) op
Ik heb het niet over de EU, maar over Europa. Een monitoringsmssie van de Raad van Europa heeft als het over de FINANCIËLE POSITIE van gemeenten gaat enkel in Nederland niets te zoeken. Het lijkt me van veel groter belang om de situaties in Polen en Hongarije eens te monitoren.
Door p op
@Spijker, het is de Raad v Europa, niet de EU.

Die gaan over 'het zeker stellen van de democratie, de rechtsstaat en de mensenrechten in Europa'.

Onder meer gaan de leden bij elkaar op bezoek en nemen ze elkaar de maat, bijvoorbeeld met zo'n monitoringsmissie.
Door Spijker (n.v.t.) op
M.i. gaat dit afzonderlijke onderzoek, enkel gericht op de financiële positie van Nederlandse gemeenten een brug te ver. Als dit al door Europa moet gebeuren behoort dit in een algemeen onderzoek voor alle landen plaats te vinden.