of 59281 LinkedIn

'Stop met gemeentelijke schuldhulpverlening'

De schuldhulpverlening kan goedkoper en beter. Daartoe kan de Wet schuldsanering natuurlijke personen (Wsnp) breder worden opengesteld. Er moet een einde worden gemaakt aan het minnelijk traject. Dat betoogt Stef den Daas in een essay in Binnenlands Bestuur van deze week.

De schuldhulpverlening kan goedkoper en beter. Daarvoor hoeven niet nog meer pilots en/of onderzoeken worden gedaan. De Wet schuldsanering natuurlijke personen (Wsnp) moet breder worden opengesteld. Er moet een einde worden gemaakt aan het minnelijk traject, waarbij gemeenten nagenoeg ‘heilige’ autonomie hebben.

 

Vooruitschuiven

Dat betoogt Stef den Daas in een essay in Binnenlands Bestuur van deze week. Den Daas was bijna veertig jaar werkzaam in de schuldhulpverlening, waarvan de laatste tien jaar als hoofd bureau Schuldregeling RSD Zeist. In veertig jaar tijd is het basisprincipe van het schuldregelen eigenlijk niet veranderd, zo constateert hij, maar er is wel veertig jaar ervaring opgedaan. Het is in de optiek van Den Daas dan ook onbegrijpelijk dat anno 2019 Kamerleden via een webinar aan burgers gaan vragen hoe ze in de schulden zijn geraakt en op welk tijdstip men schuldhulp heeft aangevraagd. Ook vindt hij het onbegrijpelijk dat deze Kamerleden starten met een ‘verkenning’ naar de oorzaken van de daling van de instroom in de Wet schuldsanering natuurlijke personen (Wsnp) én dat men gaat onderzoeken in hoeverre andere landen het mogelijk beter geregeld hebben dan wij. Den Daas ziet het als het vooruitschuiven van problematiek waar men politiek niet goed raad mee weet.

 

Geen resultaatverplichting

Verbeteringen liggen voor het oprapen, betoogt hij. Er moet ten eerste een einde worden gemaakt aan het minnelijk traject door gemeenten. Dat kost het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid jaarlijks ongeveer 238 miljoen euro, zonder dat er een echte resultaatverplichting voor of prestatiespraak met gemeenten tegenover staat. Bij het minnelijk traject is geen sprake van rechtsgelijkheid voor de burger. ‘Of, en hoe (goed) je geholpen wordt, is afhankelijk van de gemeente waar je toevallig woont’, aldus Den Daas. Het lukt de branche ook niet om ‘met al die miljoenen een landelijk uniform en gedegen minnelijk traject op te zetten, waarbij iedere burger met schulden in elke gemeente op eenzelfde gedegen wijze geholpen wordt’.

 

Op de schop

Een uniform minnelijk traject zal ook nooit van de grond komen, omdat ten eerste de overheid niet doorpakt. De ‘heilige’ autonomie van gemeenten is de tweede reden. De rijksgelden voor ‘schulden- en armoedebestrijding’ zijn niet als zodanig geoormerkt. ‘Iedere gemeente bepaalt dus zelf hoeveel geld men wil besteden aan schuldhulpverlening, en daarnaast ook hoe uitgebreid of summier men de schuldhulpverlening inricht en welke toelatingscriteria en voorwaarden men stelt. Men is daarover geen enkele verantwoording verschuldigd aan Den Haag. En dit lokale schuldenbeleid kan door elke collegewisseling als gevolg van verkiezingsuitslagen, ook weer volledig op de schop.’

 

Simpel alternatief

Er is een simpel alternatief voor het minnelijk traject: het breder openstellen van de Wsnp. Iedereen met problematische schulden zou direct een beroep moeten kunnen doen op de Wsnp, vindt Den Daas. ‘Slechts één artikel behoeft daarvoor gewijzigd te worden; artikel 285 lid f met de eis van de buitengerechtelijke poging.’

 

Schone lei

De voordelen van het breder openstellen zijn in de ogen van Den Daas overduidelijk. De Wsnp wordt nagenoeg in het hele land uniform toegepast en uitgevoerd, waarmee de rechtsgelijkheid voor de burger gewaarborgd is. Daarnaast duren schuldregelingen niet meer onnodig lang door niet meewerkende schuldeisers. ‘De verplichtingen en voorwaarden binnen de Wsnp zijn uniform en de schone lei is juridisch veel beter afgekaderd en geldt voor alle schulden.’ Verder is de wijze van schulpoplossing veel succesvoller. ‘En de Wsnp is uiteraard volledig ongevoelig voor lokale politieke voorkeuren’, aldus Den Daas. Het is daarnaast ook goedkoper. ‘De circa 15,4 miljoen die de Wsnp de overheid nu jaarlijks kost, schril af tegen de 238 miljoen voor het gehele minnelijk traject.’ Voor de rechtbanken worden de toekenningen Wsnp eenvoudiger omdat een check op het doorlopen van het minnelijke traject achterwege kan blijven.

 

Lees het hele essay in Binnenlands Bestuur nr. 5 van deze week (inlog)

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Tiny Meijer (Budgetcoach) op
Wat er ontbreekt is mijnsinziens het begeleiden van de mensen om hun zelfstandigheid terug te krijgen, met hulp kunnen ze het zelf (er zijn uitzonderingen) en dan bedoel ik niet onderbewind maar met deskundigen die mensen inzicht en hun eigenwaarde weer terug geeft.
Door Marcel Wiedenbrugge (directeur WCMConsult) op
Wat mij opvalt in de hele discussie over de schuldenproblematiek, is dat gedegen analyses over de oorzaken van schulden, de rol van schuldeisers, opsplitsing naar kostensoort en het lange termijn rendement van genomen maatregelen ontbreekt. Zo blijf je in een vicieuze cirkel.
Door Cees van der Linden (Voorzitter BBW (beroepsverenging Wsnp bewindvoerders)) op
Helemaal mee eens, vervang het minnelijk traject door een korte toets. Ook denkbaar is zes maanden schuldenbewind en daarna keuze maken voor de Wsnp.
Door Iriabeth Schoop (Medewerkster ) op
Helemaal mee eens. Dit nonsense van de minnelijke traject moet ophouden. Er wordt aan burgers gezegd dat ze langer moeten wachten, hun schulden hoger moeten zijn voordat ze toegelaten kunnen worden. Echt belachlelijk.
Door Wim (begeleider) op
Nog een argument: De juridische beleidskaders, minnelijk met een sterke relatie naar lokaal gemeentelijk maatwerk vanuit sociale wetgeving, sluiten niet op elkaar aan. Of staat zelfs haaks op elkaar wat vragen en onduidelijkheid oproept. Een stramien, uniformiteit zou al een efficiëntie voordeel opleveren.