of 59318 LinkedIn

Ongenoegen over verschillen bijstandsbeleid

De beleidsvrijheid bij de invulling van het gemeentelijk bijstandsbeleid leidt tot verschillen. Als burgers daarin niet worden meegenomen, leidt dat tot boosheid en onbegrip. Er moet meer openheid over komen, vinden Melissa Sebrechts en Thomas Kampen, respectievelijk postdoctoraal onderzoeker en universitair docent aan de Universiteit voor Humanistiek.

De gemeentelijke beleidsvrijheid bij de invulling van het bijstandsbeleid leidt tot verschillen. Als burgers daarin niet worden meegenomen, leidt dat tot boosheid en onbegrip. Dat staat de effectiviteit en efficiëntie van bijstandsbeleid in de weg. Er moet meer openheid komen over het hoe en waarom van de verschillen.

Vier bijstandsregimes

Daarvoor pleiten Melissa Sebrechts en Thomas Kampen, respectievelijk postdoctoraal onderzoeker en universitair docent aan de Universiteit voor Humanistiek deze week in een essay in Binnenlands Bestuur. Na onderzoek onder het gemeentelijk bijstandsbeleid van 48 gemeenten − die volgens CBS cijfers de meest ‘extreme’ verschillen vertonen qua aantal bijstandsgerechtigden in re-integratietrajecten en opgelegde sancties − komen zij tot een vierdeling in regimes. Ieder regime heeft een unieke verhouding tussen rechten (participatiepremies en inkomenstoeslagen) en plichten (boetes en tegenprestaties.) In het onderzoek is gekeken naar de re-integratie-, tegenprestatie-, maatregelen- en individuele inkomenstoeslagverordeningen.

 

Rechten en plichten

Een combinatie van veel plichten en veel rechten noemen zij een activerend regime. Een faciliterend regime wordt gekenmerkt door veel rechten, maar weinig plichten. Een sanctionerend regime kent op zijn beurt veel plichten en weinig rechten. ‘Het stelt de tegenprestatie verplicht en handhaaft streng op die verplichting. Bovendien is er weinig recht op hulp bij het vinden van een passende tegenprestatie’, aldus Sebrechts en Kampen. Tot slot onderscheiden zij een laissez-faire regime, dat weinig rechten en weinig plichten kent.

 

Ongenoegen

In acht gemeenten (twee per onderscheiden regime) zijn bijstandsgerechtigden geïnterviewd over hun ervaringen met het leven in de bijstand. Stuk voor stuk stuitten de onderzoekers op ongenoegen bij de bijstandsgerechtigden over de verschillen tussen gemeenten. De bijstandsgerechtigden konden er ook met hun pet niet bij dat in Nederland zoveel verschillen zijn. ‘Onder de mensen wie het aangaat, is er geen tot weinig draagvlak voor verschillen tussen gemeenten. Zij ervaren het als willekeurig.’ Dat komt volgens de onderzoekers doordat vrijwel niemand weet waarom het bijstandsbeleid is gedecentraliseerd.

 

Lokale omstandigheden

Dat moet ten eerste duidelijk worden gemaakt. ‘De overheid laat verschillen tussen gemeenten toe zodat zij hun beleid kunnen afstemmen op de lokale omstandigheden. Zo kunnen gemeenten hun re-integratiebeleid aanpassen aan de lokale omstandigheden op arbeidsmarkt, in de zorg en in het onderwijs. Deze afstemming vindt de overheid nodig om de bijstand effectiever en efficiënter te maken’, brengen Sebrechts en Kampen in herinnering. Vervolgens moeten verschillen tussen gemeenten te begrijpen en herleiden zijn tot expliciete en bewuste afwegingen van de gemeenten ten aanzien van de lokale omstandigheden. ‘Wij pleiten voor meer onderbouwing en transparantie van de verschillen tussen gemeenten en van de keuzes voor beleid binnen gemeenten.’

 

Transparanter

Gemeenten moeten de gemaakte keuzes, in alledaags taalgebruik, onderbouwen. De lokale politiek moet transparanter zijn over hun mening over de bijstand. ‘Het moet duidelijk zijn wat politieke partijen met de bijstand willen en waarom.’ De vier beleidsregimes kunnen gemeenten wellicht helpen om verschillen in bijstandsbeleid tussen gemeenten te duiden en transparanter te maken, stellen de auteurs. ‘Het kan gemeenten helpen om hun beleidskoers te bepalen, aan te scherpen, en te expliciteren. Dat betekent niet dat alle inwoners het eens moeten zijn met die koers, maar waarborgt wel dat zij gemeentelijke verschillen kunnen begrijpen en duiden.’


Lees het hele essay in Binnenlands Bestuur nr. 13 van deze week. (inlog)

 

   

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Spijker (n.v.t.) op
Voor het gevaar van het ontstaan van een oerwoud aan verschillen bij de uitvoering van de Bijstandswet werd reeds jaren geleden gewaarschuwd. Politici zijn echter eigenwijs en moeten eerst goed op hun bek vallen voordat ze verstandig worden.
Door gelijke monninken en kappen op
mensen zijn afhanelijk van de ambtelijke butget goden, de euro bepaalt wat iemand krijgt Domme wethouder? ben je, gelijk het haasje fraude door ambtenaren? dan niet streng zijn op je collega, beter is je iegen baan houden ten koste van van de burgers en het tekort door de fraude werken we wel weg in de boeken
Door D. Colenbrander (Juridisch adviseur Participatiewet) op
Gemeenten passen het beleid aan op het eigen budget, daar wordt de burger buiten gelaten. De Pwet geeft aan dat de gemeente maatwerk moet leveren. In de praktijk is daar vrijwel niets van te merken. Dat doen wij als gemeente niet, is een veelgehoorde kreet.
Door wendy op
@Henk, het valt ook niet uit te leggen. welke rechtvaardiging is er voor het feit dat in Amsterdam bijvoorbeeld een bijstandsgerechtigde jaarlijks 1200 euro aan giften mag ontvangen zonder meldingsplicht terwijl in een andere gemeente iemand problemen kan krijgen vanwege een bankoverschrijving van 50 euro als verjaardagskado?

Door Wim Eiselin (juridisch adviseur) op
Om in gemeentelijke beleidsregiem uniformering aan te brengen is een boeiende gedachte. Maar pas nadat is vastgesteld dat er verschillen moeten zijn en ook meerwaarde hebben voor de burger. Zie ook https://www.stimulansz.nl/wordt-de-burger-blij-v …
Door Henk op
De verschillen tussen de gemeentes zijn inefficiënt, kosten dus erg veel extra geld en zijn nooit uit te leggen. Dat geldt ook voor de WMO trouwens.
En waarom zijn deze verschillen er?

Door wendy op
Het waarom zal bijstandsgerechtigden worst wezen, zeker wanneer het extraatjes betreft. Het verschil in de hoogte van de individuele inkomenstoeslag kan wel zo'n 400 euro zijn, Tel daarbij nog eens op dat het kwijtscheldingsbeleid ,de kosten van collectieve verzekeringen, het beleid wat betreft bijzondere bijstand en armoederregelingen kunnen leiden tot grote verschillen. Dat is voor mensen die op het randje leven onverteerbaar, hoe duidelijk het ook onderbouwd en uitgelegd wordt. Daar krijgen ze geen euro meer door. Ook niet als het in Jip- en Janneketaal wordt uitgelegd.