of 58952 LinkedIn

Inzet praktijkondersteuner jeugd werpt vruchten af

De inzet van een jeugdprofessionals bij huisartsen heeft voordelen voor kind, ouders, gemeenten en huisartsen. Dat concludeert het Nederlands Jeugdinstituut (NJi).

De inzet van een jeugdprofessionals bij huisartsen werpt zijn vruchten af. Hoewel er nog weinig effectonderzoek is gedaan, blijkt uit praktijkverhalen dat de inzet ervan voordelen heeft voor kind, ouders, gemeenten en huisartsen.

Verminderen instroom

Dat stelt het Nederlands Jeugdinstituut (NJi) dat ervaringen uit de praktijk heeft gebundeld. Voor lichte en kortdurende hulp kunnen ouders en kinderen vaak snel terecht bij de jeugdprofessional. Die heeft vaak ook meer tijd dan de huisarts om goed in gesprek te gaan met het kind en de ouders over de problemen waarvoor ze hulp zoeken. Dit ontlast de huisarts. Dankzij de aanwezigheid van een praktijkondersteuner worden kinderen en jongeren geholpen die anders door de huisarts naar de jeugd-ggz zouden worden verwezen. De praktijkondersteuner draagt naar verwachting bij aan het verminderen van de instroom in de specialistische jeugd-ggz. Pluspunt is tevens dat de hulp laagdrempelig en dicht bij huis is. Ouders zijn over het algemeen tevreden over de geboden hulp.

 

Dat zijn kort samengevat de ervaringen met de jeugdprofessionals bij huisartsen, die het NJi heeft gebundeld in de publicatie ‘Samenwerking huisarts en wijkteams’. De jeugdprofessionals kunnen praktijkondersteuners jeugd zijn (‘poh-jeugd’), maar er worden ook andere namen gebezigd zoals ondersteuners jeugd en gezin, jeugd- en gezinswerker of specialistische ondersteuner jeugd.

 

Kostenbesparing

Steeds meer gemeenten zetten een jeugdprofessional in bij de huisarts. Of dat daadwerkelijk tot kostenbesparing leidt, omdat er minder vaak naar een tweedelijnsvoorziening wordt doorverwezen, durft het NJi nog niet met grote stelligheid te zeggen. Uit enkele evaluaties van gemeenten komt dat wel naar voren. Een jeugdprofessional die in de huisartsenpraktijk gestationeerd is en contact heeft met het wijkteam draagt bij aan verbetering van de onderlinge samenwerking, constateert het NJi.

 

Normaliseren

‘Een goede samenwerking tussen de huisarts en het wijkteam draagt bij aan het normaliseren van 'alledaagse' opvoed- en opgroeivragen en tijdig en gericht doorverwijzen naar specialistische hulp, om zo passende hulp dicht bij huis te bieden aan kinderen, jongeren en hun ouders’, aldus het NJi. De huisarts is nog altijd de belangrijkste verwijzer naar gespecialiseerde jeugdhulp. Gemeenten hebben hier regie noch grip op. Een betere samenwerking tussen betrokkenen kan een oplossing bieden. Als toch moet worden doorverwezen kan dit, dankzij de inzet van een jeugdprofessional, gerichter gebeuren.

 

Laagdrempelig

De pluspunten van de inzet van jeugdprofessionals voor ouders en kinderen is dat de hulp laagdrempelig en minder stigmatiserend is. Ouders en kinderen kunnen vaak ook snel bij een jeugdprofessional terecht. Er is meer aandacht voor alledaagse vragen over opvoeden, ontwikkeling en preventie. Vragen en beginnende problemen bij een kind en gezin worden niet onnodig geproblematiseerd, stelt het NJi.

 

Sociale kaart

Naast het ontlasten van de huisarts, heeft de inzet van een jeugdprofessionals als voordeel voor de huisarts dat de jeugdprofessional de sociale kaart in de gemeente goed kent. Ook heeft de professional inzicht in onder meer de kwaliteit van voorliggende voorzieningen en jeugdhulpaanbieders op het netvlies. Van die kennis kan de huisarts goed gebruik maken.

 

Tips

Het NJi heeft op basis van de praktijkervaringen en gemeentelijke evaluatierapporten vier tips voor gemeenten geformuleerd. Gemeente, huisartsen en wijkteams moeten een gezamenlijke ambitie centraal stellen: tijdig passende hulp voor kinderen, jongeren en ouders, zo licht als mogelijk en zo zwaar als nodig, dicht bij huis en van goede kwaliteit is daar een van. ‘Het verminderen van verwijzingen naar de specialistische jeugd-ggz is geen doel op zich, en motiveert en verbindt niet in gesprekken met huisartsen’, waarschuwt het NJi. Ook adviseert het NJi de jeugdprofessional ruimte te geven om te investeren in de samenwerking met de huisarts. Er moet daarbij goed worden aangesloten bij de behoefte en praktische mogelijkheden van huisartsen. ‘Elke huisartsenpraktijk is anders. De samenwerking is maatwerk’, benadrukt het NJi.

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.