Weigeren is geen optie, omdat hij dan zelf gevaar loopt. Hij vraagt geen begrip, maar hulp. Direct.
Als een jongere om hulp vraagt, maar nergens terechtkan
Het is laat op de avond als een jongen binnenkomt op de chat van Keerpunt. Hij zegt dat hij een explosief moet plaatsen.
De afgelopen jaren wordt Nederland steeds vaker opgeschrikt door aanslagen met explosieven. Alleen al in 2025 waren er 1.525 pogingen. In een aanzienlijk deel van de gevallen gaat het om minderjarigen. Dat kinderen van 14 jaar hierbij betrokken zijn, wekt nauwelijks nog verbazing.
De risico’s zijn immens. Voor omwonenden én voor de jonge uitvoerders zelf. Door onervarenheid en stress gaan aanslagen regelmatig mis. Explosieven worden bij het verkeerde adres geplaatst of ontploffen voortijdig. De maatschappelijke impact is groot en het risico op (dodelijk) letsel is reëel.
Veel van deze jongeren groeien op in kwetsbare omstandigheden: armoede, psychische problematiek en een instabiele thuissituatie. Criminele netwerken maken daar misbruik van. Ze bieden aandacht, erkenning en ogenschijnlijk perspectief. Opdrachten volgen elkaar snel op, soms geleidelijk, soms direct onder dwang, bijvoorbeeld om een straatschuld af te lossen. Wie niet meewerkt, loopt het risico dat het explosief later aan de eigen voordeur hangt.
Dat de overheid dit wil stoppen, is begrijpelijk. De oprichting van het Offensief tegen Explosieven en het Landelijk Handelingskader laten zien dat het probleem serieus wordt genomen. Het handelingskader benadrukt preventie en vroegsignalering en erkent dat een deel van de plegers slachtoffer is van criminele uitbuiting. Een belangrijke stap. Toch ontbreekt in de huidige aanpak een cruciale schakel: een concreet handelingsperspectief voor jongeren die zélf om hulp vragen.
Bij Keerpunt spreken wij steeds vaker jongeren die onder zware druk staan om een explosief te plaatsen. Dat zij hulp zoeken, is hoopvol, maar laat ook zien hoe beperkt het aanbod is. Zij hebben onmiddellijk een veilige plek nodig, maar die blijkt nauwelijks te organiseren.
Juist wanneer jongeren zelf aan de bel trekken, is snelheid cruciaal
De huidige beschermingsmogelijkheden zijn sterk verbonden met opsporing en strafrecht. In de praktijk betekent dit dat een jongere eerst zijn verhaal moet doen bij de politie en informatie moet delen over opdrachtgevers. Veel jongeren durven dat niet, uit angst voor represailles. Tegelijk vrezen zij dat zij door hun betrokkenheid worden gestraft. Daardoor ervaren zij deze stap als te risicovol. Het gevolg is dat zij zwijgen en doorgaan.
Juist wanneer jongeren zelf aan de bel trekken, is snelheid cruciaal. Als ondersteuning niet direct toegankelijk is, sluit het korte venster waarin ingrijpen mogelijk is. En dat betekent wéér een explosie. Om dat te voorkomen, is een andere inrichting nodig, gebaseerd op veiligheid door zorg. Eerst werken aan fysieke en sociale veiligheid, daarna structurele vervolgstappen.
Dat vraagt om een landelijke voorziening met vaste opvangplekken waar jongeren enkele dagen terechtkunnen. Waar zorg en veiligheid gezamenlijk optrekken, rust ontstaat en ruimte is voor een zorgvuldige veiligheidsinschatting en een vervolgplan, zonder automatische druk tot aangifte. Preventie betekent niet alleen voorkomen dat kinderen instappen, maar ook dat zij veilig kunnen uitstappen wanneer zij de moed vinden om hulp te vragen. Als we dat niet organiseren, weten we wat het alternatief is.
Sjoerd van Bemmel, teamleider Keerpunt, Frank Noteboom, directeur bij Fier

Plaats als eerste een reactie
U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.