Advertentie
sociaal / Redactioneel

Aan het werk

Waarom integreren immigranten in de Verenigde Staten, Canada Australië wél goed en in Nederland zo slecht?

28 maart 2008

Onlangs was ik in Australië en het viel me op hoezeer het straatbeeld in de grote steden bepaald wordt door gekleurde, vooral Aziatische Australiërs. Dat is daar net zo'n recente ontwikkeling als in Nederland, omdat Australië tot de jaren zeventig hoge drempels opwierp tegen niet-blanke immigranten. Maar anders dan bijvoorbeeld in Amsterdam vallen de gekleurde nieuwkomers nauwelijks op. Je ziet in het openbaar wel vrouwen met hoofddoekjes of nog strengere bedekkende kleding, maar ze trekken nauwelijks de aandacht. En ik heb geen 'zwarte' getto's gezien met verveeld rondhangende groepjes jonge mannen.

 

Voorts zijn de Australische steden opvallend schoon. Er is voortdurend een legertje straatvegers aan het werk, van wie een preventieve werking lijkt uit te gaan. En dan is er nog de enorme rijkdom aan kleine winkeltjes, vergeleken met de rij vestigingen van grote ketens die elk Nederlandse stadscentrum dezelfde aanblik geven. Het gros van die winkeltjes - convenience stores, bakkers, slagers, kledingzaken, horeca, noem maar op - wordt gedreven door gekleurde immigranten. Het is een beeld dat ik ook uit Noord-Amerika ken, al is de kleine middenstand daar behoorlijk gedecimeerd door de opkomst van shopping malls en vooral Wall-Mart vestigingen. Maar ook hier veel door recente immigranten gedreven detailhandel die zich nadrukkelijk op een breder publiek dan de eigen etnische groep richt. In Amerikaanse steden vind je wel zwarte getto's, maar dat is een andere zaak (ik kom daar op terug).

 

Cultuurverschillen

 

Waarom integreren immigranten in Australië, de Verenigde Staten en Canada wel naar behoren en in de meeste Europese landen, ook in Nederland, zo slecht? Het antwoord ligt verscholen in een uitspraak van een medewerkster van het Amerikaanse Migration Policy Institute, Kathleen Newland, die in het Britse weekblad The Economist van 3 juni 2006 opmerkte: 'Het grote verschil tussen de manier waarop Europeanen en Amerikanen tegen immigratie aankijken, komt voort uit het feit dat Amerika zijn sociale zekerheid tegen immigranten afschermt maar zijn arbeidsmarkt openstelt, terwijl de EU zijn arbeidsmarkten afschermt en zijn sociale zekerheid openstelt.'

 

In Nederland en de meeste andere Europese landen spitst de discussie over de integratie van immigranten (of etnische minderheden, waarmee doorgaans dezelfde groep wordt bedoeld) zich toe op het culturele aspect. Vóór 2001 werd daarbij vooral gepleit voor ruimte en respect voor de eigen cultuur van de immigrantengroepen. Sindsdien is, onder invloed van toegenomen wrijving tussen westerse en islamitische waarden, de nadruk juist komen te liggen op cultuuroverdracht, zoals via een inburgeringscursus.

 

De Europese praktijk suggereert echter dat het allemaal weinig uitmaakt: de Nederlandse filosofie van 'multiculturalisme' staat haaks op het in principe op assimilatie gerichte Franse beleid, maar in beide landen resulteerde het in een sociaal en economisch buitengesloten etnische onderklasse, geconcentreerd in bepaalde wijken.

 

De rol van cultuurverschillen - en in het verlengde daarvan die van etnische wijken - wordt ook gerelativeerd door een andere ervaring van de traditionele immigratielanden. Wie denkt de problemen van achterstandswijken te kunnen oplossen door ze af te breken of op z'n minst op te breken, verwart oorzaak en gevolg. Ook in de Verenigde Staten hokten immigrantengroepen samen, en klampten ze zich vast aan hun taal, cultureel erfgoed en religie, zoals onder meer het geval was met de gereformeerden. Maar binnen die groepen ondersteunden mensen elkaar, waardoor ze juist weerbaarder werden. Nieuwkomers werden vaak opgevangen door verwanten, maar die zetten hen ook onder druk om snel op eigen benen te staan. Dat betekende dat ze aan het werk moesten en dat ze zich ook snel de taal eigen maakten.

 

Economen, maar zij niet alleen, roepen al jaren dat de sleutel tot integratie de arbeidsmarkt is. Journalist en politiek commentator Hendrik-Jan Schoo schreef in 2000: 'Integratie zonder ruggesteun van economie, werkplek en arbeidsplaats is menselijkerwijze een te zware opgave - voor iedereen.' En de met de PvdA geassocieerde econoom Arie van der Zwan betoogde in 2003 in NRC Handelsblad 'werk is het recept voor integratie'. Hij weet de aanhoudend hoge werkloosheid onder Marokkanen en Turken, vergeleken met andere immigrantengroepen zoals Surinamers, aan de massale, oneigenlijke instroom van gastarbeiders in de wao ten tijde van de grote fabriekssluitingen in de jaren zeventig en tachtig. Een jaar later verklaarde ook de Amsterdamse econoom en arbeidsmarktspecialist Paul de Beer: 'Als de economische integratie lukt, hoef je je over de inburgering geen zorgen te maken.'

 

Werkloosheid

 

Maar waarom is de werkloosheid onder sommige immigrantengroepen zo hoog? Immigranten zelf klagen vaak over discriminatie, werkgevers over gebrek aan kwalificaties onder de bewuste groep. In beide argumenten schuilt waarheid, maar tegelijk moet worden vastgesteld dat beide problemen te herleiden zijn tot diepere oorzaken: een slecht werkende arbeidsmarkt en een stelsel van sociale zekerheid dat arbeidsparticipatie ontmoedigt.

 

Veel van de gastarbeiders die in de jaren tachtig door zachte heelmeesters de wao in werden gesluisd, lieten pas daarna hun gezin overkomen (of stichtten een gezin), met als gevolg dat er een generatie opgroeide zonder ervaring met normale arbeidspatronen. Hun isolement werd vervolgens nog eens geconsolideerd door de onbekommerdheid waarmee een bijstandsuitkering werd toegekend aan mensen (ook jongeren) die weinig animo toonden voor een opleiding of betaald werk.

 

In de Verenigde Staten ageren sommigen tegen immigranten, omdat ze 'banen inpikken' en de lonen drukken. In Europa is de meest gehoorde klacht dat immigranten zoveel geld kosten. In feite blijkt uit Amerikaans onderzoek dat immigranten door de impuls die ze aan de economie geven, juist extra banen scheppen. Ook brengt een immigrant in de Verenigde Staten gemiddeld meer aan belastinggeld in dan hij aan sociale voorzieningen kost.

 

Armoedeval

 

Het was niet alleen toegeeflijkheid. Wat het nog erger maakte, was de 'armoedeval': laaggeschoold werk leverde nauwelijks meer op dan een uitkering, en in de praktijk soms zelfs minder, omdat de 'echte minima' allerlei tegemoetkomingen kregen waar mensen met een eigen inkomen geen aanspraak op konden maken. Geen wonder dat in de getto's een sfeer ontstond dat 'werken voor losers is'.

 

Royale sociale zekerheid betekende tevens hoge belastingen en premies, met als gevolg dat de loonkosten vooral voor de lagere inkomensgroepen aanzienlijk boven de nettolonen lagen. Dat maakte het voor werkgevers onaantrekkelijk om laaggeschoolden in dienst te nemen: hun productiviteit lag al gauw lager dan wat ze kostten. Het werd aantrekkelijker werk uit te besteden aan bijvoorbeeld Oost-Europa dan een Nederlandse werkloze aan te nemen, al had die misschien best willen werken voor het bedrag dat de werkgever in totaal zou moeten betalen. Zodoende verdwenen ook in de publieke dienstverlening veel banen, met het absurde resultaat dat veel laaggeschoolden aangewezen waren op een uitkering die de gemeenschap uiteindelijk net zoveel kostte - of meer, door het hele begeleidings- en reïntegratiecircus er omheen.

 

Een extra barrière vormt de ontslagbescherming. Vooral kleinere bedrijven (waar de meeste nieuwe werkgelegenheid pleegt te ontstaan) zijn huiverig om mensen aan te nemen die ze moeilijk kunnen ontslaan wanneer het tegenzit of wanneer ze onder de maat presteren. 'Een verzorgde samenleving is ook een gesloten samenleving', constateerde socioloog Abram de Swaan in de Volkskrant van 6 juni 2004.

 

Emancipatievraagstuk

 

Het inzicht dat de arbeidsmarkt de sleutel is tot integratie begint langzaam door te dringen, in de geest en in het beleid. De 'wig' tussen loonkosten en nettoloon is kleiner geworden, omdat onder meer sommige sociale premies lager zijn geworden. Daarnaast geldt tegenwoordig dat wie kan werken, in principe geen uitkering krijgt. Het in navolging van het Amerikaanse Workfare geïntroduceerde Work First begint vruchten af te werpen. Maar nog steeds werkt de arbeidsmarkt stroef en moet een kind uit een immigrantenmilieu sterk in zijn schoenen staan om alle barrières te overwinnen.

 

In Europa tekent zich nu een trend af die ook in Amerika te zien is: nieuwe immigranten streven al langer achtergestelde minderheden voorbij. De specifieke problematiek van de oude stadswijken met een grote Marokkaanse gemeenschap heeft in veel opzichten meer gemeen met die van de zwarte getto's in Amerikaanse steden dan met andere oude Nederlandse stadswijken waar nieuwe immigrantengroepen wonen. Die Amerikaanse getto's zijn ook voortgekomen uit een massale migratiebeweging van het Zuiden naar het Noorden, aangejaagd door ernstige tekorten aan arbeidskrachten in fabrieken, havens en slachterijen in en vlak na de Tweede Wereldoorlog. Maar in de decennia die daarop volgden, verdween veel van die werkgelegenheid als gevolg van automatisering en verschuiving van de productie naar nieuwe industrielanden - net als iets later in Europa gebeurde.

 

De indertijd in de VS gevoerde discussies over de aanpak van de rassenproblematiek weerklinken voortdurend in de debatten die nu hier worden gevoerd. Zoals nu wordt bepleit om in dit verband niet meer van 'Marokkanen' of 'allochtonen' te spreken, zo pleitte de toenmalige Amerikaanse president Richard Nixon in de jaren zeventig voor 'benign neglect' van de zwarte gemeenschap.

 

De parallel suggereert dat het integratieprobleem voor wat die specifieke immigrantengroepen betreft vooral een emancipatievraagstuk is. En misschien heeft Wouter Bos gelijk als hij beweert dat integratie niet mogelijk is zonder confrontatie. In de woorden van de Amerikaanse migratie-expert Gregory Maniatis die ook Europese overheden adviseert: Europa heeft een eigen civil rights movement nodig.

 

Ed Lof is publicist.

 

Plaats als eerste een reactie

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.

Advertentie