Advertentie
ruimte en milieu / Nieuws

Zelfs binnen één gemeente ‘fors’ verschillende warmtetarieven?

De Tweede Kamer boog zich over de vraag: waarom zijn in Nederland de warmtetarieven zoveel hoger dan in andere landen?

18 april 2024
In een Haagse wijk gereed liggende warmtebuizen.
In een Haagse wijk gereed liggende warmtebuizen.ANP

Er lijkt in Nederland iets goed mis te zijn met de warmtetarieven die huishoudens moeten betalen voor hun aansluiting op een warmtenet. Dat bleek woensdag tijdens een technische briefing met onderzoekers van TNO en toezichthouders van de ACM. In andere landen zijn de tarieven twee tot drie keer zo laag. Anders dan in Nederland stegen de warmtetarieven in het buitenland bovendien niet mee met de torenhoge gasprijzen rondom het uitbreken van de Oekraïne-oorlog.

Teammanager

JS Consultancy
Teammanager

Senior Beleidsadviseur Maatschappelijke opvang en Beschermd wonen

Gemeente Gouda
Senior Beleidsadviseur Maatschappelijke opvang en Beschermd wonen

Dubbel aantal gigajoules

Dit laatste punt werd onder meer genoemd door Sebastiaan van Rijswijk van het ACM. Tegelijkertijd relativeerde hij die tariefverschillen tussen Nederland en andere landen. Voor een deel is dat gezichtsbedrog, suggereerde hij, doordat het warmteverbruik van huishoudens in landen als Zweden en Denemarken twee keer zo hoog is als in Nederland. ‘Daardoor worden de vaste kosten van het warmtenet, wat in Nederland grofweg de helft van alle kosten is, in Denemarken over een dubbel aantal gigajoules verdeeld. Dat heeft een lager tarief tot gevolg.’

TNO-hoogleraar Annelies Huygen kwam echter in opstand tegen die relativering. Zij heeft samen met collega-onderzoeker Jacob Janssen internationale tariefvergelijkingen gemaakt. ‘Vaak wordt dan gezegd’, en ze wees en keek in de richting van de toezichthouders van de ACM, ‘dat de verschillen veroorzaakt worden doordat wij hier minder warmte gebruiken en de vaste kosten van de infrastructuur bij ons dan over minder gigajoules worden omgeslagen. Maar wij kennen echt veel internationale tariefstaatjes en ook kostenstaatjes en daaruit blijkt dat de gebruikshoeveelheid helemaal niet zo’n kostendrijver is. Van veel meer invloed is: hoe ver staan die huizen van elkaar? In Denemarken is dat ver, terwijl het bij ons gaat om warmtenetten voor appartementencomplexen, die dus niet ver van elkaar staan. En toch zijn in Nederland die tarieven zo hoog.’

Tussen twee vuren

Alsnog geven warmteleveranciers bij het ACM aan dat ze het financieel moeilijk hebben, vertelde toezichthouder Margot Aelen. Vorig jaar stelde de autoriteit een nieuw normrendement vast, de zogenaamde WACC. ‘Maar warmteleveranciers hebben daarvan gezegd: dit is veel te laag. Zij zijn in bezwaar gegaan en er loopt een procedure bij het CBb (het College van Beroep voor het bedrijfsleven, red).’ Het ACM zit dus tussen twee vuren: de politiek en de consument die klaagt over hoge tarieven, en de warmtesector die ageert tegen de nieuwe norm.

Het ACM heeft bij de terugkerende rendementstoetsen geen buitensporige rendementen ontdekt bij de warmtebedrijven. Tegelijkertijd schort het aan de kwaliteit van de controle, gaf onder meer toezichthouder Manon Leijten toe. ‘Cruciaal is meer transparantie van de warmtebedrijven, zodat we meer inzicht krijgen in die complexe balans tussen investeringszekerheid en de betaalbaarheid voor consumenten.’ Een reden voor dit gebrek aan zicht bij de toezichthouder is het ontbreken van boekhoudregels. Het wachten is op de Wet collectieve warmte (Wcw), die nog bij de Raad van State op advies ligt te wachten. Al geeft een amendement van de ChristenUnie, dat dinsdag in de Kamer werd aangenomen, al wat lucht. In afwachting van de Wcw krijgt de ACM hierdoor al meer juridische grondslag om van de warmtebedrijven gegevens te vragen.

Gekoppeld aan de gasprijs

Totdat de Wcw is ingevoerd, blijft het een probleem dat de warmtetarieven gekoppeld zijn aan de gasprijzen. Het idee was dat deze koppeling consumenten juist zou beschermen, doordat ze niet duurder zouden uitkomen na een overstap op een warmtenet. Het tegendeel blijkt de laatste tijd waar. De warmtetarieven zijn de laatste jaren meegestegen met de buitengewone verhoging van de gasprijzen, voorafgaand aan en tijdens het begin van de Oekraïne-oorlog. 

Wat de koppeling nog verergert, is dat ACM maar eens per jaar een peilmoment voor de gasprijs heeft. Zowel vorig jaar als dit jaar daalden de gasprijzen na de peiling, met het gevolg dat de warmteprijs gekoppeld bleef aan dit hogere gastarief. Het is zoals toezichthouder Manon Leijten het zei tijdens de briefing‘De gasreferentie is steeds minder uitlegbaar en steeds minder logisch.’

Zodra de Wcw van kracht wordt, ontkoppelt het warmtetarief stapsgewijs van de gasprijs en wordt op de werkelijke kosten gebaseerd. Net zoals in het buitenland. Maar, zei Leijten: ‘Wij benadrukken dat dat niet in alle gevallen tot lagere tarieven leidt. Aan de wetgever hebben wij al gesuggereerd te kijken of er voor de bescherming van consumenten niet extra maatregelen nodig zijn, zoals een maximumtarief op basis van de prijs bij een all electric warmtepomp.’

Tarieven binnen één gemeente

Leijten schetst ook nog een ander toekomstscenario: ‘Het gaat om kostengebaseerde tarieven per nét. Dat betekent dat zelfs binnen één gemeente tarieven fors kunnen verschillen. Als er bij één warmtenet grote technische problemen zijn geweest, mogen die doorberekend worden naar de consument. Dan kunnen bewoners die evenveel warmte afnemen zelfs binnen één gemeente totaal andere tarieven betalen. Daar hebben we expliciet aandacht voor gevraagd.’

Consumentenbescherming is dus cruciaal als Nederland van het gas gaat. ‘Warmtenetten zijn erg lokaal, met maar enkele aanbieders’, schetste TNO'er Jacob Janssen eerder al. ‘Daardoor heeft de exploitant van een warmtenet vaak een monopolie ten opzichte van de bewoners. Huiseigenaren kunnen eventueel naar een all electric optie, maar huurders kunnen vaak geen kant op.’

Reacties: 1

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.

Hielco Wiersma
Met de organisatie rond warmtenetten is iets goed mis, dit vooral vanwege het verplichtende karakter voor de deelname van burgers en bedrijven. Verschillende lokale en/of landelijke tarieven in rekening brengen kan echt niet. De minister moet hier iets op verzinnen, bijvoorbeeld in de sfeer van de exploitatie/eigendom.
Advertentie