GOW30: ijsbreker in de mobiliteitstransitie
Zes tips voor succesvolle implementatie.
Wat voor gemeente wil je zijn als het gaat om verkeersveiligheid, leefbaarheid en bereikbaarheid? Voor dit gesprek is de nieuwe wegcategorie GOW30 de perfecte ijsbreker, zo stellen Jacco van Leuveren, projectleider en adviseur mobiliteit en Milou van Mierlo, adviseur mobiliteitstransitie.
Het terugbrengen van de maximumsnelheid van 50 naar 30 km/u op een gebiedsontsluitingsweg (GOW) begint vaak bij de wens van de gemeente om een veiligere omgeving voor voetgangers en fietsers te creëren. Maar we zien ook dat de introductie van de nieuwe wegcategorie GOW30 fungeert als een gespreksstarter over de gewenste identiteit van een gebied. Het zet immers aan tot nadenken over de verhouding tussen de ruimte waar mensen kunnen lopen en fietsen en de ruimte voor gemotoriseerd verkeer. En dit leidt ook tot nadenken over de beschikbare openbare ruimte voor bijvoorbeeld groen of ontmoeting.
Naar een nieuwe multimodale balans
Waar wil je als gemeente naartoe, als het gaat om verkeersveiligheid, leefbaarheid en bereikbaarheid? Het antwoord hierop – de gemeentelijke visie op mobiliteit – is van grote invloed op de inrichting van de openbare ruimte, met name het wegennetwerk binnen de bebouwde kom. Als onderdeel van de mobiliteitstransitie verschuift de focus van gemotoriseerd vervoer richting duurzamere vormen van verkeer. Ook gemeenten geven hier invulling aan: waar de nadruk lange tijd op personenauto's lag, neemt de aandacht en ruimte voor voetgangers, fietsers en het openbaar vervoer steeds verder toe. En dat biedt meekoppelkansen voor meer positieve impact, bijvoorbeeld meer gevarieerd groen wat leidt tot meer biodiversiteit en minder hittestress, maar ook een gezondere en prettigere omgeving om te lopen, fietsen of verblijven.
Netwerkbenadering
Je kunt een individuele weg herinrichten, maar de effecten op bereikbaarheid, leefbaarheid en veiligheid kan je niet geïsoleerd bezien. Een lagere maximumsnelheid op de ene weg kan zomaar leiden tot drukte in centrumgebieden, sluipverkeer op woonstraten of een grote impact hebben op de beleving van reizigers in het OV.
In ons advies aan gemeenten is het uitgangspunt daarom altijd een brede, multidisciplinaire analyse en netwerkbenadering. We onderzoeken hoe het wegennetwerk functioneel in elkaar zit, hoe de wegen nu vormgegeven zijn, hoe ze worden gebruikt en wat de omgevingskenmerken zijn. Waar kunnen we lopen en fietsen beter faciliteren, en waar liggen de belangrijkste ov-lijnen met de hoogste frequenties? Maar ook: waar zijn de centrales van de nood- en hulpdiensten en wat zijn hun uitrukroutes? Inzicht in die aspecten is onmisbaar voor beslissingen over de optimale inrichting van wegen en een veilige maximumsnelheid.
Altijd samen met stakeholders
Om na te kunnen gaan of de GOW30 kan en past, is het daarnaast minstens zo belangrijk om vanaf het begin alle stakeholders mee te nemen in het proces. Hun inzichten zijn waardevol. Ze dragen bij aan realistische plannen waarin je meekoppelkansen optimaal kunt benutten. In gesprek gaan en blijven met betrokkenen zorgt tevens voor draagvlak. Bij het onderwerp van een snelheidsverlaging komen regelmatig tegengestelde belangen kijken. Daar moet je samen uitkomen. Het is belangrijk de positieve en negatieve impact van het invoeren van veilige snelheden voor alle stakeholders in kaart te brengen. Om zo voor het algemeen belang de beste afweging te kunnen maken.
Aandacht voor gedrag
Als het besluit eenmaal genomen is, dan kun je de maximumsnelheid op een weg niet zomaar verlagen naar 30 km/uur. Zonder aanpassingen aan de weg en maatregelen eromheen is dat niet geloofwaardig en moeilijk te handhaven. Bij de implementatie van de GOW3O hebben we daarom ook oog voor menselijk gedrag en de beleving van snelheid. De omgeving is voor dit laatste net zo belangrijk als de inrichting van de weg. Zo nodigen open omgevingen met verre zichtlijnen uit tot sneller rijden. Onderbrekingen, bijvoorbeeld door bestrating van kruisingen of afwisseling van parkeerstroken en groenvoorzieningen, zorgen er juist voor dat bestuurders vaart minderen. Ook zijn er meer dwingende infrastructurele maatregelen mogelijk, zoals plateau- en poortconstructies, uitbuigingen en plantvakken.
Elke gemeente is anders
Sommige gemeenten hebben vaart gemaakt met hun visie op mobiliteit, hun strategische keuzes én hun maatregelen zoals de invoering van de GOW30. Andere pakken het op kleinere schaal op, bijvoorbeeld op het moment dat een weg aan onderhoud toe is. Elke verkeerskundige krijgt met het onderwerp te maken. Met onze ervaring in grotere en kleinere gemeenten – en in projecten van elke schaalgrootte - kunnen wij gemeenten op elk niveau van advies voorzien. Zo kunnen wij helpen om een gemeentelijke visie op mobiliteit te ontwikkelen, maar ook een nieuwe verkeerskundige visie op de inrichting van een drukke weg in een centrumgebied, waar veel stromen en belangen samenkomen.
Van 50 naar 30, maar ook van 80 naar 60?
De discussie over verlaging van de maximumsnelheid beperkt zich niet tot de bebouwde kom. Erbuiten wordt steeds vaker het gesprek gevoerd over de verlaging van 80 naar 60 kilometer per uur. Bereikbaarheid lijkt niet langer de heilige graal; veiligheid en leefbaarheid krijgen steeds meer aandacht. Ook dit vraagstuk vraagt om een netwerkbenadering én een visie. Want wat voor provincie, regio of land willen we zijn als het gaat om bereikbaar, verkeersveiligheid en leefbaarheid?
Onze zes tips voor een succesvolle implementatie van GOW30
- Bepaal wat voor gemeente je wilt zijn. Laat de GOW30 hierin de ijsbreker zijn.
- Benut de kans om méér positieve impact te realiseren, zoals meer groen, meer biodiversiteit en minder hittestress.
- Creëer meer inzicht en draagvlak door vroegtijdige participatie van de belangrijkste stakeholders, zoals het ov en hulpdiensten.
- Maak de snelheidsverlaging geloofwaardig en te handhaven door een passende inrichting van de weg en de omgeving.
- Ga voor een realistische aanpak: niet alles hoeft meteen, niet alles hoeft tegelijk.
- Maak gebruik van en draag bij aan de bestaande kennis en ervaring in diverse gemeenten. GOW30 blijft maatwerk, maar samen komen we verder.
Mobiliteitstransitie: samen op weg naar een nieuw evenwicht
De mobiliteitstransitie is volop in gang. Samen met u en andere stakeholders werken wij aan een mobiliteitssysteem dat in balans is. We herijken de verhoudingen tussen mobiliteit en de openbare ruimte om de ervaring van gebruikers te verbeteren. Lees hier meer over onze aanpak en voorbeelden van projecten.
Of neem contact op met:
- Milou van Mierlo, LinkedIn
Adviseur Mobiliteitstransitie
milou.van.mierlo@rhdhv.com
Ruimte voor energie
Van ambitie naar uitvoerbare energieoplossingen, op systeemniveau én op de vierkante meter, door weloverwogen te doen wat nu al kan. De energietransitie vraagt niet alleen om meer capaciteit, maar vooral om slimmer omgaan met de ruimte die we hebben. De vraag is niet óf de transitie moet versnellen, maar hoe we dat uitvoerbaar en verantwoord doen. Ontdek meer over dit onderwerp.
Toekomstgericht beheren
De keuzes in de openbare ruimte van vandaag hebben decennialange impact. Hoe maak je nu waarde- en datagedreven keuzes waarmee je toekomstgericht beheert en samen tot een waardegedreven leefomgeving komt? Hoewel de term 'beheer' vaak geassocieerd wordt met onderhoud, gaat het veel verder dan dat. Beheren gaat over het in gezamenlijk belang bepalen van het beeld en de inrichting van de leefomgeving. Door integrale samenwerking tussen de afdelingen beheer, beleid en realisatie ontstaat een aantrekkelijke waardegedreven fysieke leefomgeving. Lees meer over dit onderwerp.
Bereikbaarheid zet woningbouw in beweging
Juist binnenstedelijk liggen grote kansen voor het toevoegen van nieuwe woningen. Door bestaande OV‑knooppunten en mobiliteitsnetwerken te versterken en mobiliteit al vroeg onderdeel te maken van gebiedsontwikkeling, ontstaat ruimte om te bouwen binnen een prettige en gezonde leefomgeving. Lees meer over deze aanpak.
Ruimte voor energie
Van ambitie naar uitvoerbare energieoplossingen, op systeemniveau én op de vierkante meter, door weloverwogen te doen wat nu al kan. De energietransitie vraagt niet alleen om meer capaciteit, maar vooral om slimmer omgaan met de ruimte die we hebben. De vraag is niet óf de transitie moet versnellen, maar hoe we dat uitvoerbaar en verantwoord doen. Ontdek meer over dit onderwerp.