of 59761 LinkedIn

Minister: grondrechten zijn niet ingeperkt

In de noodverordeningen die nu van kracht zijn, kan niet van de Grondwet en de daarin gelegen grondrechten worden afgeweken. Dat schrijft minister Grapperhaus van Justitie en Veiligheid aan de Tweede Kamer. Voor het inperken van grondrechten in Nederland is wetgeving in formele zin vereist.

In de noodverordeningen die nu van kracht zijn, kan niet van de Grondwet en de daarin gelegen grondrechten worden afgeweken. Dat schrijft minister Grapperhaus van Justitie en Veiligheid aan de Tweede Kamer. Voor het inperken van grondrechten in Nederland is wetgeving in formele zin vereist. 

Omissie
Het niet vermelden van de wettelijke grondslag van nieuwe aanvullende maatregelen ter bestrijding van het coronavirus die 15 maart waren aangekondigd was een omissie, antwoordt Grapperhaus op vragen die D66-Kamerleden Monica den Boer en Joost Sneller onlangs indienden. De coronamaatregelen waren inderdaad gebaseerd op artikel 7, lid 1, van de Wet publieke gezondheid en artikel 39 van de Wet veiligheidsregio’s. De Kamerleden wilden weten op welke wijze de besluitvorming over de noodverordeningen had plaatsgevonden. Minister Grapperhaus legt uit dat de 25 voorzitters van de veiligheidsregio’s in hun vergaderingen van het Veiligheidsberaad afspraken hebben gemaakt over de uitvoering en handhaving van coronamaatregelen via noodverordeningen. Voor de eenduidigheid in de aanpak en handhaving van de coronamaatregelen hebben zij een Model noodverordening COVID-19 en Handreiking handhavingsstrategie noodverordening COVID-19 opgesteld.

Voorzitter veiligheidsregio legt zelf verantwoording af
Op basis daarvan hebben de voorzitters voor hun eigen regio een noodverordening vastgesteld. Zoals eerder opgemerkt door de gemeente Vlaardingen, schrijft Grapperhaus dat na afloop van de crisis de voorzitter van de veiligheidsregio schriftelijk verslag uitbrengt aan de verschillende gemeenteraden over het verloop van de gebeurtenissen en de genomen besluiten. Daarna beantwoordt hij schriftelijk vragen van de raden. Als een raad het nodig acht, geeft hij na deze procedure mondeling informatie over zijn besluiten. ‘Dat laatste impliceert dat de voorzitter van de veiligheidsregio in de desbetreffende gemeenteraad persoonlijk verantwoording moet afleggen.’ Op die manier is verzekerd dat in de gemeenteraad die het aangaat verantwoording wordt afgelegd door de bestuurder die verantwoordelijk is voor het genomen besluit.

Minister kan voorzitter veiligheidsregio aanspreken
Een eventueel oordeel van de gemeenteraad over besluiten van de voorzitter van de veiligheidsregio kan de gemeenteraad door tussenkomst van de commissaris van de Koning overbrengen aan de minister van Justitie en Veiligheid. ‘De gemeenteraad heeft niet de bevoegdheid aan een eventueel negatief oordeel consequenties te verbinden. De uitoefening van het eenhoofdig gezag op bovenlokaal niveau ontstijgt naar zijn aard het belang van de afzonderlijke gemeenten.’ Als na het afleggen van verantwoording mocht blijken dat de voorzitter van de veiligheidsregio onjuist heeft gehandeld, zal de minister van Justitie en Veiligheid hem daarop aanspreken. In de procedure wordt geen onderscheid gemaakt tussen de gemeente, waarvan de voorzitter zelf burgemeester is, en de overige gemeenten.

Veiligheidsregio gaat ook over bestuursdwang
Overtreding van een noodverordening is strafbaar. Bestuursrechtelijk zijn de voorzitters van de veiligheidsregio’s bevoegd om overtredingen te beletten of te beëindigen via de politie. Net als strafrechtelijke handhaving geldt ook voor de bestuursrechtelijke handhaving dat pas kan worden opgetreden als er een voorafgaand wettelijk voorschrift is. ‘De bevoegdheid om een last onder bestuursdwang of onder dwangsom op te leggen moet naar mijn mening worden geacht met de verordeningsbevoegdheid mee te zijn overgegaan naar de voorzitters van de veiligheidsregio’s.’

Geen afwijking van Grondwet
Het is minister Grapperhaus bekend dat Letland de secretaris-generaal van de Raad van Europa heeft geïnformeerd over de aldaar afgekondigde noodtoestand en dat het land een aantal verplichtingen onder het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) tijdelijk heeft opgeschort. Grapperhaus zegt niet in te kunnengaan op de situatie in Letland. ‘Wel kan ik aangeven dat voor het inperken van grondrechten in Nederland wetgeving in formele zin vereist is. In de noodverordeningen die nu van kracht zijn, kan niet van de Grondwet en de daarin gelegen grondrechten worden afgeweken. De huidige noodmaatregelen passen binnen de bestaande beperkingsclausules van het EVRM.’

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.