of 59345 LinkedIn

Structureel extra jeugdgeld ja, maar nu nog niet

Vanaf 2022 komt er structureel extra geld voor de jeugdzorg bij. Daar mogen gemeenten vanuit gaan, stelde minister Hugo de Jonge (VWS) maandag tijdens het Wetgevingsoverleg jeugd. Bij de Kamer gaan nog niet de handen op elkaar over de plannen ministers De Jonge en Dekker (J&V) om het jeugdzorgstelsel weer op de schop te nemen.

Gemeenten kunnen er vanuit gaan dat er vanaf 2022 structureel extra geld voor de jeugdzorg komt. Dat heeft minister Hugo de Jonge (VWS) maandag tijdens het Wetgevingsoverleg jeugd gesteld. Bij de Kamer gaan de handen nog niet op elkaar over de plannen ministers De Jonge en Dekker (J&V) om het jeugdzorgstelsel weer op de schop te nemen.   

Beleidskeuzes

Bij de voorjaarsnota van 2021 van het kabinet moet duidelijk zijn wat vanaf 2022 structureel wordt bijgeplust aan het jeugdbudget, stelde De Jonge maandag. Tot nu toe gaf hij telkens aan dat een volgend kabinet daar pas over zou moeten besluiten. De omvang van structurele ophoging van het jeugdbudget hangt af van het onderzoek naar de oorzaken van de tekorten, dat eind volgend jaar klaar moet zijn. ‘De tekorten hebben ook te maken met beleidskeuzes van gemeenten en de wijze waarop gemeenten jeugdzorg inkopen’, aldus De Jonge. Om te voorkomen dat een besluit over structurele extra middelen toch aan een volgend kabinet wordt overgelaten, diende Maarten Hijink (SP) een motie in, dat dit bij de voorjaarsnota moet worden geregeld. Over die motie wordt volgende week dinsdag gestemd.  

 

Kwaad bloed

De plannen van De Jonge en Dekker om het jeugdzorgstelsel te herzien, riepen maandag in de Kamer veel vragen en ook scepsis op. De Kamer was verrast door de plannen, die veel kwaad bloed hebben gezet bij gemeenten. Het steekt gemeenten onder meer dat vanuit ‘Den Haag’ wordt bedacht waar welke jeugdzorg thuishoort – lokaal of (boven)regionaal ­–, dat ‘Den Haag’ gaat bepalen wat faire tarieven zijn en hoe wijkteams eruit moeten zien, zo vatten diverse Kamerleden de grieven van gemeenten samen. ‘Hoe gaat de minister het vertrouwen herstellen’, stelde D66-Kamerlid Vera Bergkamp. En wie gaat die faire tarieven dan betalen, de gemeenten of het rijk, zo vroegen Lisa Westerveld (GroenLinks) en Hijink zich hardop af.

 

Bijsturen

Volgens minister De Jonge is geen sprake van het terugdraaien van de decentralisatie jeugd. ‘We gaan het niet terugdraaien, maar bijsturen en afmaken waaraan we begonnen zijn.’ Sommige Kamerleden kwalificeren de ministersplannen als een top-down opgelegde blauwdruk, andere Kamerleden vinden de plannen juist veel te vaag. Kamerbreed leeft de gedachte dat er ook nú iets moet gebeuren, en dat niet op een wetswijziging kan worden gewacht. GroenLinks wil dat het kabinet nu, in afwachting van de wetswijziging, afspraken maakt met gemeenten, jeugdzorgorganisaties, vakbonden en jongeren over onder meer tarieven, regionale samenwerking en het terugdringen van administratieve lasten. Hier moet geoormerkte financiering aan worden gekoppeld.    

 

Democratische legitimiteit

Zorgen leven er over de taken die de minister regionaal en bovenregionaal wil beleggen, en de verplichting tot regionale samenwerking die de ministers wettelijk willen regelen. Het is voor de Kamer niet duidelijk of taken nu bij gemeenten worden weggehaald en in de regio worden belegd, of dat individuele gemeenten eindverantwoordelijk blijven. De Jonge kon daar geen helder antwoord op geven. ‘Hoe voorkomen we dat gemeenten betalen, maar niet bepalen’, aldus Joël Voordewind (ChristenUnie). D66 en PvdA maken zich grote zorgen over de democratische legitimiteit van de regionale samenwerkingsverbanden. D66 wil een second opinion van de Raad van het Openbaar Bestuur (ROB) over de wenselijkheid van de regionale samenwerking zoals de ministers die voor ogen zien. Een motie hiertoe is door De Jonge ontraden. Hij wil geen vertraging. Ook over deze motie wordt volgende week gestemd.


De brief van De Jonge en Dekker van bijna twee weken geleden wordt samen met gemeenten en Jeugdzorg Nederland verder uitgewerkt. Die uitwerking moet er op 1 maart liggen. Voor de zomer gaat de wetswijziging in consultatie.  

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Spijker op
Vooraf goed overleg over wetgeving of aanpassing van wetgeving met de VNG en IPO is altijd noodzakelijk alvorens definitieve regelingen tot stand komen. Dit ook in verband met de financiële gevolgen voor de andere bestuurslagen. Het behoort consequent in de procedurele aanpak te worden meegenomen. Wanneer zou het Rijk dat nou eens op een goede manier in de praktijk brengen?
Door de vries (ambtenaar) op
In veel gemeenten zijn de kosten voor Jeugdzorg teruggebracht. Vandaar de aanbieders van Jeugdzorg steen en been klagen. De kosten zijn niet genoeg gedaald; de rijksmiddelen daalden nog meer en dus hebben gemeenten ondanks de gedaalde kosten tekorten. Als er dus rijksgeld bijkomt gaat dat niet vanzelf naar de Jeugdzorg; gemeenten zullen het gebruiken om bezuiniging buiten de Jeugdzorg ongedaan te maken. Ofwel: de aanbieders van Jeugdzorg zullen steen en been blijven klagen en de TK zal zich afvragen: waar is het geld gebleven?