Advertentie
ruimte en milieu / Achtergrond

Polderen in de Gnephoek

Alphen aan den Rijn en de provincie Zuid-Holland polderen samen over woningbouw in de Gnephoek.

11 november 2022
Gnephoekpolder
Gnephoekpolder Josh Walet/ANP

De gemeente Alphen aan den Rijn wil bouwen in de polder. De provincie Zuid-Holland ziet allerlei bezwaren. Inmiddels werken beide overheden er hard aan om uit die patstelling te komen. ‘Het is nog geen gelopen race.’

Programmamanager Digitaal

JS Consultancy
Programmamanager Digitaal

Beleidsmedewerker Jeugd

JS Consultancy
Beleidsmedewerker Jeugd

Een romeinse legionair, opgetrokken uit roestig cortenstaal, wijst op de Alphense Máximabrug met zijn rode wijsvinger de polder in. Naar binnenvallende hordes barbaren, waarschijnlijk. De Oude Rijn was ooit de noordgrens van het Romeinse rijk. De Limes moest verdedigd worden tegen agressieve Germaanse stammen in het noorden. Maar nu wijst de soldaat vooral naar een leeg poldergebied. In de verte, achter een blinkend kassencomplex, ligt Woubrugge. Naar het westen zijn de contouren van Leiden zichtbaar.

Deze Gnephoekpolder is een typisch voorbeeld van een weidegebied in het Groene Hart. Een vlak, agrarisch landschap met in de verte de contouren van een kerkdorp of de buitenste bebouwing van een grote stad. Het Groene Hart is geen natuurgebied, maar veel mensen vinden dat het behouden moet blijven als open landschap en laatste restje van het Hollandse cultuurlandschap. Vijfentwintig jaar geleden vond de landelijke politiek het Groene Hart zelfs zo belangrijk dat zij besloot om de hogesnelheidslijn tussen Amsterdam en Rotterdam, die vlak langs de Gnephoekpolder loopt, ondergronds te leggen. Een ondertunneling van de spoorlijn ter bescherming van de polders was best 500 miljoen euro waard, vond men.

Groeikern

Maar diezelfde Gnephoek ligt ook aan de rand van de bebouwing van Alphen aan den Rijn. Van een bescheiden naoorlogse nederzetting langs de vaarweg heeft Alphen zich sinds de jaren 70 ontwikkeld tot dé groeikern van het Groene Hart. Na een recente herindeling telt de gemeente meer dan 100.000 inwoners. En Alphen wil ook graag een deel van de grote woningbouwopgave in de Rijnlandse regio voor haar rekening nemen. Onder meer door het ontwikkelen van nu nog lege plekken binnen de bebouwde kom. Maar inmiddels is de meerderheid van gemeenteraad en gemeentebestuur van Alphen ook voorstander van het bouwen van woningen in het buitengebied. Een blik op de kaart laat snel zien waar dat het beste zou kunnen: net buiten de noordwest-grenzen van de stad, in de Gnephoekpolder.

Op zich geen vreemde gedachte: de Máximabrug ligt er immers al om verkeer van en naar de polder te brengen. En de polder is aan de randen al bebouwd met boerderijen, garagebedrijven en maakindustrie. De gemeente hoopt dat het ontwikkelen van de polders tot een lagere woondruk zal leiden en meehelpt om de woningbouwopgave van zo’n vijfduizend nieuwe woningen tot 2030 te realiseren. Alphen is een populaire woongemeente, op korte afstand van Den Haag, Leiden, Amsterdam en Utrecht. De ontwikkeling van de Gnephoek is altijd tegengehouden door de provincie Zuid-Holland. Die vond de polders ongeschikt voor woningbouw.

Bouwontwikkelingen daar tasten het open karakter van het Groene Hart aan. Ze vragen om veel dure infrastructuur en zijn slecht voor broedende weidevogels. Bovendien is het project grondtechnisch lastig: het noordelijk deel van de Gnephoek is een voormalig veenwingebied en ligt aanmerkelijk lager dan de strook langs de Oude Rijn. Er moeten de nodige maatregelen worden genomen om een goede waterhuishouding te garanderen. Maar de provincie vond vooral dat Alphen haar woningprobleem binnenstedelijk moest oplossen. De gemeente heeft volgens Zuid-Holland binnen de bebouwde kom nog plek genoeg om de benodigde woningen te realiseren.

Doorbraak

Eind oktober kwam er een doorbraak: minister De Jonge (Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening) sprak zich na een positief rapport over woningbouw in de Gnephoek van voormalig Deltacommissaris Wim Kuijken uit vóór de bouw van 5.500 woningen in de polder. Kuijken vindt dat de bezwaren van de provincie niet opwegen tegen de wens van de gemeente om ook na 2030 woningen te kunnen bouwen. Alphen wordt geheel omringd door het Groene Hart. En als de gemeente geen bouwland erbij krijgt, gaat Alphen in de nabije toekomst ‘op slot’. Van de minister mag de gemeente nu onderzoeken hoe bebouwing van de Gnephoek het best vorm kan krijgen.

De ontwikkelingen in de Gnephoek staan niet op zich, ziet Martine van Eldik, penningmeester bij de Stichting Groene Hart. Ze zet zich in voor het behoud van de openheid, natuur en cultuur van het Groene Hart. ‘De druk op het landschap is op veel plekken in het Groene Hart enorm. Je zou denken, als je in een plaats als Alphen rondkijkt, dat er genoeg leegstand is bij bedrijven om woningen te bouwen binnen de gemeentegrenzen.

Maar toch is de drang om in het weiland te bouwen groot. Het lijkt soms wel of iedere wethouder zijn naam wil schrijven op een eigen bouwproject, en ze denken dat het op die manier makkelijker en sneller kan.’ Die druk op de woningbouw heeft ook effect op het soort woningen dat gebouwd gaat worden. Rijk en gemeente willen vooral goedkopere huur- en koopwoningen bouwen. Dat betekent meestal dat de woningen dichter op elkaar, en meerlaags worden gebouwd. Precies niet de bouw die je wilt zien aan de randen van de gemeente, zegt Van Eldik. ‘Als je er bouwt, kun je er beter voor zorgen dat de overgang tussen stad en het open gebied zacht is, met een groen karakter, veel ruimte en aandacht voor natuur en de waterhuishouding. Als je dicht bebouwt, ontstaan nieuwe, grove rafelranden aan de stad. Over de vraag wat dat betekent voor de langere termijn wordt veel te weinig nagedacht.’

Geen taboe

De provincie Zuid-Holland blijft nog op het standpunt dat binnenstedelijke ontwikkeling voor moet gaan, maar volgens gedeputeerde Anne Koning (PvdA, Wonen) is bouwen in het weiland geen taboe. ‘We steunen als provincie een paar grote woningbouwprojecten op locaties buiten de bebouwde kom, zoals het Vijfde Dorp in de gemeente Zuidplas.

Bij deze projecten kun je je beter eerst afvragen wát je gaat bouwen’

Maar daar is uitgebreid onderzoek aan voorafgegaan, ook omdat de ondergrond en de waterhuishouding in het gebied zo divers is. Bij deze projecten kun je je beter eerst afvragen wát je gaat bouwen.

Zo kun je de beste plek zoeken. In de Gnephoek gebeurt het andersom. De vraag daar is: hoe kunnen we hier woningen realiseren?’ Maar uiteindelijk ligt de bal wel bij de provincie. Die zal haar omgevingsbeleid moeten aanpassen om het woningbouwplan voor de Gnephoek mogelijk te maken. En of dat gebeurt, is nog maar de vraag. ‘De gemeente gaat het plan nu verder uitwerken. Pas naar aanleiding daarvan gaat de provincie beoordelen of onze zorgen over bodem en water, ontsluiting en natuur zijn weggenomen. Dat is nog geen gelopen race.’

Maar Koning verzet zich tegen het ontstane beeld dat de overheden met verhitte koppen tegenover elkaar staan. ‘Het is niet provincie tegen gemeente. De provincie begrijpt waar de wens van de gemeente vandaan komt, en we werken graag mee aan de verdere onderzoeken naar de ontwikkelingsmogelijkheden in de Gnephoek. En de uitwerking van de Gnephoekplannen betekent niet dat Alphen de ontwikkeling van de binnenstedelijke locaties op een lager pitje zet. Woningbouw op korte termijn in Alphen blijft nodig, ook omdat, zoals Kuijken zelf ook zegt, de eerste woningen in de Gnephoek niet voor 2030 zullen worden gerealiseerd. Koning: ‘Het is belangrijk dat we uit die patstelling zijn gekomen. Zwart-witdenken is makkelijk, maar doet geen recht aan de werkelijkheid.’ 

Plaats als eerste een reactie

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.

Advertentie