of 64707 LinkedIn

'Teveel nadruk op bouw binnenstedelijke appartementen'

In woningbouwplannen tot 2030 wordt teveel gekozen voor binnenstedelijke locaties en appartementen. Maar de plannen voor grondgebonden woningen rondom de steden blijven ver achter. Nieuwe plannen voor grootstedelijke bouwprojecten maken de komende verschillen tussen vraag en aanbod alleen maar groter. Dat stelt het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) in een studie.

In woningbouwplannen tot 2030 wordt teveel gekozen voor binnenstedelijke locaties en appartementen. Maar de plannen voor grondgebonden woningen rondom de steden blijven ver achter. Nieuwe plannen voor grootstedelijke bouwprojecten maken de komende verschillen tussen vraag en aanbod alleen maar groter. Dat stelt het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) in een studie.

Lege plekken

Om de enorme woningvraag te stillen, moet de woningbouwproductie de komende jaren fors omhoog. Gemeenten zoeken daarom nieuwe plekken om woningen te bouwen. Maar waar voorheen werd gekozen voor grote ontwikkelingen in weilanden buiten de steden, wordt nu vooral gekeken naar de laatste lege plekken binnen de bebouwde kom. Volgens de analyse van het EIB zijn 80% van de nieuwbouwlocaties tot 2030 binnenstedelijk. Bovendien bestaat 65% daarvan uit appartementenbouw.

 

Disbalans

Maar volgens het EIB onderschatten overheden in hu bouwplannen de vraag naar grondgebonden (gezins)woningen. ‘Kwalitatieve disbalans’, noemt ze dat. In veel gemeenten wordt uitgegaan van een sterke toename van de vraag naar woningen voor starters en alleenstaanden. Veel van die groepen zoeken een appartement, maar onder hen is ook een grote groep die in een eengezinswoning woont of daarin wil wonen. Vooral onder midden- en hogere inkomens is de vraag naar eengezinswoningen in het groen hoger dan waar de woningbouwplannen in voorzien.

 

Doorstroming

Volgens het EIB komt die disbalans vooral omdat er niet voldoende rekening wordt gehouden met doorstroming, terwijl trends als individualisering en migratie bij beleidsmakers juist een te grote rol speelt. Bovendien gaan beleidsmakers er teveel vanuit dat er veel eengezinswoningen zullen vrijkomen doordat ouderen generaties sterven of naar een verpleeghuis vertrekken. Veel van die woningen zullen worden ingenomen door de jongere, doorstromende generaties. Volgens de EIB moeten overheden ervan uitgaan dat de uitbreidingsvraag naar woningen eerder op ongeveer de helft binnenstedelijk ligt. De vraag naar appartementen ligt nog onder de helft.

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Bart (Beleidsadviseur) op
Als we nog iets van de leefbaarheid van dit overbevolkte land willen redden, dan moeten we nu eenmaal de hoogte in. Dan kunnen we in de ruimte die nog overblijft misschien nog een beetje recreëren. Misschien her en der nog een kinderboerderij, zodat onze kindertjes nog wat diertjes kunnen zien zonder naar Duitsland te hoeven reizen? De allerbeste oplossing is bevolkingsplanning. Maar dat is onbespreekbaar voor mensen als mevrouw Kaag en de heer Jetten. Die willen zoveel mogelijk immigratie want dat is gewoon oer definitie goed. Dus of we willen meer mensen en gaan de hoogte in, of we gaan de bevolkingsgroei beteugelen. Meer smaken zijn er niet.
Door Hans-Peter (Concept ontwikkelaar) op
Vooral de doorstroming moet versnellen.
Schaf de verhuisboete (overdrachtsbelasting en woningverkoopwinst-belasting) af.

Beter marktonderzoek zorgt ook voor passendender woningen. Bijvoorbeeld eenpersoons huishoudens, die een derde van alle huishoudens vormen. Ze wonen vaak nog in een te grote woning, omdat het aanbod niet aansluit.
Veel vijftigplussers blokkeren de doorstroming. Nadat de kinderen uit huis zijn, blijven ze te vaak decennia in een groot familiehuis wonen.
Laat ze vaker in de eigen wijk verhuizen naar een kleinere woning. Juist dat moet je stimuleren.

Vacatures

Van onze partners

De nieuwste whitepapers