Advertentie
juridisch / Nieuws

Gedoogverklaring coffeeshop niet langer ‘heilig’

Iedereen kan voortaan bezwaar indienen tegen een gedoogverklaring voor de verkoop van softdrugs en beroep instellen bij de bestuursrechter.

18 september 2023
coffeeshop_shutterstock
Shutterstock

Burgemeesters kunnen niet langer een gedoogverklaring voor een coffeeshop afgeven zonder dat daar bezwaar én beroep tegen mogelijk is. Dat heeft de Raad van State bepaald in een zaak van een Apeldoornse coffeeshop tegen burgemeester Ton Heerts. De Raad van State stelt hiermee haar rechtspraak voor coffeeshops bij. Er was te weinig rechtsbescherming voor coffeeshopexploitanten.

HR adviseur publieke sector

BMC
HR adviseur publieke sector

HR adviseur publieke sector

BMC
HR adviseur publieke sector

Gedoogverklaring ingetrokken

‘Mag de gemeente mij zomaar aan de kant zetten?’, vroeg coffeeshopexploitant Zeki Özyurt zich af, toen de Apeldoornse burgemeester Heerts in januari 2020 besloot om zijn gedoogverklaring voor onbepaalde tijd in te trekken en hem een tijdelijke gedoogverklaring te geven voor zes jaar. Op grond van het Coffeeshopbesluit 2013 mogen er in de gemeente vijf coffeeshops bestaan en worden er dus ook vijf gedoogverklaringen door de burgemeester verleend.

Genoeg gegadigden

Vier gedoogverklaringen waren al voor bepaalde tijd, maar die voor de coffeeshop van Özyurt dus niet. Hij zou na die zes jaar opnieuw een verklaring moeten proberen te krijgen. De gemeente vindt namelijk dat iedereen een eerlijke kans moet krijgen om mee te dingen naar de exploitatie. Volgens een vertegenwoordiger van de burgemeester tijdens een rechtszitting in Den Haag vorig jaar wil de burgemeester ‘de markt openstellen’. ‘Er zijn gegadigden genoeg’, tekende De Stentor destijds op.

Geen bezwaar mogelijk

Een bezwaar van Özyurt tegen het besluit van Heerts werd door hem niet-ontvankelijk verklaard, omdat het ‘geen besluit is als bedoeld in artikel 1:3, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht waartegen in bezwaar of beroep kan worden opgekomen’. De Raad van State oordeelde eerder ook dat tegen de gedoogbeslissing of weigering of intrekking ervan, op een enkele uitzondering na, geen bezwaar kan worden gemaakt en daarna beroep kan worden ingediend bij de rechter. Die lijn was ingezet om duidelijkheid te scheppen en ‘verdere juridisering van het gedogen te voorkomen’.

Er is te weinig rechtsbescherming voor exploitanten van coffeeshops met alleen maar de mogelijkheid van bezwaar en beroep tegen exploitatievergunningen en niet tegen gedoogbeslissingen

Afdeling Bestuursrechtspraak Raad van State

Bijzondere positie

Die lijn ging echter voorbij aan de bijzondere positie van coffeeshops, is nu het oordeel van de afdeling bestuursrechtspraak. Een exploitant kan immers geen vergunning aanvragen, omdat de verkoop van softdrugs door de wetgever is verboden. Gemeenten kunnen de verkoop daarom ook niet wettelijk reguleren. Een coffeeshopexploitant zou alleen een uitspraak van de bestuursrechter kunnen krijgen over het gedogen van zijn coffeeshop als hij iets doet tegen de Opiumwet in en dan af te wachten of er een sanctiebesluit volgt, waartegen hij dan wel bezwaar tegen kan maken.

Te weinig rechtsbescherming

De Raad van State vindt het ‘onevenredig bezwarend’ om van een exploitant van een coffeeshop te verlangen dat deze de 'risicovolle weg' van het uitlokken van een handhavingsbesluit op moet gaan. Daarbij speelt het beleid van de landelijke overheid mee. Die houdt aan het uitgangspunt vast dat het exploiteren van een coffeeshop illegaal is, ‘terwijl van overheidswege regulering plaatsvindt die onder omstandigheden verkoop van softdrugs mogelijk maakt’. Een burgemeester kán er in een exploitatievergunning voor een horecabedrijf rekening mee houden dat het om een coffeeshop gaat, maar dat hóeft niet. Een exploitatievergunning gaat ook niet over verkoop van softdrugs. ‘Daarom is er te weinig rechtsbescherming met alleen maar de mogelijkheid van bezwaar en beroep tegen exploitatievergunningen en niet tegen gedoogbeslissingen.’

Inhoudelijk beslissen

Deze uitspraak betekent overigens niet dat de coffeeshopexploitant de rechtszaak heeft ‘gewonnen’. Burgemeester Heerts zal nu alsnog inhoudelijk moeten beslissen op bezwaren van een exploitant van een coffeeshop die een tijdelijke gedoogverklaring heeft gekregen. Dat geldt dus niet alleen voor deze zaak, maar straks voor alle gedoogverklaringen waartegen bezwaar is ingediend en waar vervolgens beroep tegen kan worden ingesteld.

Plaats als eerste een reactie

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.

Advertentie