Advertentie
carrière / Column

Geweld hoort er nooit bij

Agressie hoeft niet eerst te escaleren tot bedreigingen aan het adres van kinderen van onze politici om te ver te zijn gaan.

04 mei 2023

Agressie en geweld tegen politieke ambtsdragers en medewerkers in het openbaar bestuur is een groeiend probleem. Voor velen is agressie een dagelijkse realiteit en het aantal ernstige incidenten neemt toe. Het is niet overdreven dit geweld ‘stelselmatig’ te noemen, zoals Sigrid Kaag al aangaf in reactie op de man die haar met fakkel thuis opzocht en het ‘ondermijnt de rechtsstaat en democratie’.

Steeds meer mensen in de politiek praten over hun ervaringen met (online) geweld. Gelukkig, dan weten we dat we niet alleen zijn. Maar ook onderrapportage is nog steeds plausibel en past in een breder patroon, waarbij melders zelf verantwoordelijk worden gehouden voor wat hun is overkomen (‘victim blaming’). Dat is gevaarlijk: het zijn geen individuele problemen, er is zeker niet ‘om gevraagd’. Geweld en agressie zijn juist alom aanwezig en treffen grote groepen mensen in het openbaar bestuur: ongeveer de helft van de raadsleden en 7 op de 10 wethouders en burgemeesters.

Nu worden politici nog individueel afgerekend als geweld ze overkomt. En zeker vrouwen zijn bang om weggezet te worden als zwakke zeurpieten die niet opgewassen zijn tegen de politieke realiteit. Het artikel ‘Misogynie als politiek wapen’ van de Groene Amsterdammer laat dit zien. Ze tekenden onder andere de volgende quotes op: ‘Ik wil geen zeikwijf zijn’ (Attje Kuiken, PvdA); ‘Ik wil niet dat dit een huilverhaal wordt’ (Dilan Yeşilgöz-Zegerius, VVD); ‘Je wilt niet zeggen: kijk eens hoe zielig ik ben, ik word niet serieus genomen’ (Sylvana Simons, BIJ1). Hierover schreef ik mee aan het hoofdstuk ‘Heksen, fakkels en #MeToo: gender gerelateerd geweld in de politiek’. Deze maand komt het boek ‘Voorbij de verbijstering’ uit.

Opvallend is dat we pas een streep lijken te trekken wanneer het de kinderen van politieke ambtsdragers betreft. Kaag, naar aanleiding van de man die haar met fakkel voor de deur van hun huis opzocht: ‘Mijn gezin heeft dit als bedreigend en angstig ervaren.’ Ook Femke Halsema schrijft erover in haar boek ‘Pluche’: ‘Ik verdraag het niet dat ik uit veiligheidsoverwegingen weg moet blijven bij de kinderen, en nog minder dat zij door mijn aanwezigheid onveilig zijn’. Ook Pieter Verhoeve, burgemeester van Gouda, gebruikte recent dezelfde logica: ‘Ze mogen jou voor rotte vis uitmaken, maar niet in je privésfeer komen of in de buurt van je kinderen. Dat kan gewoon niet.’

Hoe ver willen we de lijn opschuiven? In Amerika leidde juist de alledaagsheid van het geweld tegen politici al tot de campagne #NotTheCost. Zoiets als: het is niet de prijs, of, misschien beter: het hoort er niet bij. Aan de Nederlandse hashtag moet ik nog even schaven. Maar het idee erachter is duidelijk en ik vind dat mooi gevonden. Omdat het in simpele bewoordingen laat zien dat het er nooit bij hoort - er nooit bij mag horen. Agressie hoeft niet eerst te escaleren tot bedreigingen aan het adres van kinderen van onze politici om te ver te zijn gaan. Pas als we geweld onder geen enkele voorwaarde accepteren kunnen we hierin verder komen dan we nu zijn. Actief zijn in de politiek mag niet betekenen dat je geweld of de dreiging van geweld daar gratis bij krijgt. Het doel moet altijd zijn dat iedereen onbevreesd het recht kan uitoefenen om deel te nemen aan de politiek.

Plaats als eerste een reactie

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.

Advertentie